Blog Image

Bob Germeys

Dromen - Denken - Doen - Durven - Doorzetten

De vreugde van het leven is de vreugde van het onderweg zijn. Als iemand zijn ogen maar hoefde dicht te doen en direct op de top van de Himalaya kon worden gezet, zou hij niet zo genieten als de klimmer die van top tot top trekt en de verschillende uitzichten ziet en onderweg verschillende mensen ontmoet. De hele vreugde is de reis zelf.

2019 – Andiamo

Cultuur Posted on 2019-04-20 20:23:22

Op 20 en 21 april traden Linn, Luna en Noa op in Lets Connect.
Een mooie dansvoorstelling van dansstudio Andiamo in het CC Aartselaar.




2019 – Eva fotoshoot

Familie Posted on 2019-03-18 09:39:03

www.woordenvaneva.be



2019 – 6 maart – Sammie jarig

Familie Posted on 2019-03-07 08:23:24

Op 6 maart vierden we de 2de verjaardag van Sammie.

Veel foto’s van Sammie in haar Fotoalbum



2019 – 27 februari – Jerez de la Frontera

Familie Posted on 2019-02-27 07:47:08

An op bezoek in Jerez de la Frontera.


Een aantal foto’s en video’s kan je hier vinden.



2019 – Klimaat

Algemeen Posted on 2019-02-22 11:54:44

Meer over ons klimaat klik hier.



2019 – 10 februari

Familie Posted on 2019-02-11 15:31:27

Verjaardag An.



2019 – 1 januari

Algemeen Posted on 2019-01-02 18:06:15




2018 – Silence

Algemeen Posted on 2018-11-11 12:39:33



2018 Wan – HOOP

Cultuur Posted on 2018-11-11 09:08:26

Wan – HOOP 14 – 18
The Great War Remembered
Sint-Pauluskerk Petegem Deinze
Presentatie: Eva Germeys

https://www.facebook.com/plugins/video.php?href=https%3A%2F%2Fwww.facebook.com%2F100010203307161%2Fvideos%2F769079360108834%2F&show_text=0&width=267

https://www.facebook.com/plugins/video.php?href=https%3A%2F%2Fwww.facebook.com%2F100010203307161%2Fvideos%2F769093843440719%2F&show_text=0&width=560https://www.facebook.com/plugins/video.php?href=https%3A%2F%2Fwww.facebook.com%2F100010203307161%2Fvideos%2F769071000109670%2F&show_text=1&width=267



2018 – Nacht van de bib

Algemeen Posted on 2018-10-25 07:10:50

27 oktober – Nacht van de bib in Bilzen – http://www.nachtvandebib.be/inez-germeys/

Inez Germeys is een Bilzerse psychologe en hoogleraar Contextuele Psychiatrie.
Met inzicht en ervaring komt zij ons meer vertellen over de wereld van psychische problemen en de mensen die ermee te maken krijgen.

Volledige programma: www.nachtvandebib.be



2018 – Michael De Cock

Algemeen Posted on 2018-09-24 10:11:32

Schrijver Marcel Proust beantwoordde ze ooit in een
vriendenboekje, nu geeft De Morgen er een eigenzinnige draai aan. Vijfentwintig
directe vragen, evenzoveel openhartige antwoorden. Vandaag: Michael De Cock
(45), acteur en artistiek leider van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg. Wie is
hij in het diepst van zijn gedachten?

1. Hoe oud voelt u zich?

“Ik voel mij jonger dan ik ben, 45 vind ik akelig snel
richting 50 gaan. Zo oud voel ik me niet, hoewel ik wel met een zekere ernst
geboren ben.

“Ik schrijf kinderboeken voor 8- tot 10-jarigen. Op de een of andere manier is
dat een leeftijd die ik heel makkelijk kan invoelen. Die periode heeft me echt gemarkeerd. Ik ga er altijd van uit dat je een
heel directe lijn hebt met je kindertijd. Bewust of onbewust. De pre­puber­teit is de periode van de ­eerste grote
gevoelens. Je hebt nog niet te veel last van je hormonen of van peer pressure,
de druk van de groep. De dingen overkomen je voor het eerst: je eerste
verliefdheid, je eerste verdriet, de eerste keer dat je je alleen op de wereld
voelt, dat je beseft dat je een individu wordt. Als schrijver kan ik daar nogal op een ongecompliceerde, niet-psychologische
manier naar kijken. Ik geloof meer in behaviorisme of registratie dan in koorts­achtig
zoeken naar waarom mensen dingen doen. In dat laatste is Jef Vermassen een kei.
(lacht) Hij probeert altijd ­causale verbanden bloot te leggen, slechte
literatuur doet dat ook. In die zin vind ik dat dus een interessante leeftijd:
alles overkomt je gewoon. Je leven is nog helder en onbezoedeld. Mentaal heb ik
nog altijd een sterke band met die tijd.

“En fysiek? Onlangs postte ik als grap op Twitter: ‘Ik
voel me tegenwoordig wel stram als ik opsta. Is dat nu het einde van de zomer?
Of is dat de leeftijd?’ Vreemd genoeg reageerden er heel wat mensen op, onder
wie Hilde Van Mieghem, dat het de leeftijd was. Niemand zei: maar nee, Michael, je bent nog zo jong. Daar had ik toch stiekem op gerekend. (lacht) De ­anderen bepalen
je leeftijd, hè. Als regisseur heb ik een tijdje volop meegedaan met de
youngsters, maar op een bepaald moment geven die jonge acteurs aan dat je er
niet meer bij hoort. Mensen bekijken je plots als oud. We bestaan toch voor een
stuk door de blik van de ander.”

2. Wat vindt u een belangrijke
eigenschap van uzelf?

“Ik ben nogal stress­bestendig, denk ik. Als iedereen strest, word ik rustig.
Ik kan nogal veel aan om me heen, word er zelfs vrolijk van. Ik ben ook nogal
volhardend, nogal gedreven, wat niet altijd even aangenaam is voor anderen. En
ik heb ook wel een gezonde, welgemeende fuck you in mij zitten. Ik ben niet
bang voor enige tegenkanting. Meer nog, ik vind het nogal aangenaam.”

3. Wat is uw passie?

“Tja, ik denk dat passie een beetje mijn passie is.
Taal, verhalen, onvermogen. Wat mensen drijft, dat is mijn passie. Ik ben heel nieuwsgierig naar ontmoetingen met anderen. Daarom wil ik
geen theater maken met de vier met wie ik ben afgestudeerd, maar wel met mensen
uit de hele wereld.

“Ik bekijk theater vanuit taal. Ik denk heel erg
vanuit taal of ­vanuit de afwezigheid van taal. Mijn thesis ging over ‘le
non-dit’ in het werk van Nathalie Sarraute (Franse schrijfster van
Russisch-Joodse origine, 1900-1999, red.
), over de subtekst dus, over
datgene wat niet wordt uitgesproken. In het falen van communicatie, waar
mensentaal tekort­schiet, daar ontstaat kunst, denk ik, omdat het zo wezenlijk
en dramatisch is.

“Het onvermogen fascineert mij. Onlangs zag ik On Chesil Beach (film uit 2018, van regisseur
Dominic Cooke, naar een roman van Ian McEwan uit 2007, red.
). Het is het
verhaal van een jong koppel dat er maar niet in slaagt tot elkaar te komen
tijdens de huwelijks­nacht. Hij wil seks, zij is er bang voor. De spanning
loopt op, hij komt klaar, zij is in alle staten, maar ze kunnen niet verwoorden
wat er in hen omgaat. Op een bepaald moment zie je hen allebei op het strand in
een heel ruime shot zich omdraaien en heel traag van elkaar wegwandelen, het
beeld uit. Ze zien elkaar nooit meer terug. In het drama van die scène zit voor mij alles. Het gaat over liefde, ondanks het complete
onvermogen om elkaar te vinden. Achteraf zegt hij dan ook: had ik maar gewacht,
had ik maar begrip getoond, ooit had ze wel willen vrijen met mij. Maar op dat
moment in zijn leven kon hij dat niet. Hij kon niet voorbij zijn eigen ego en
onvermogen kijken. Dat is schrijnend en mooi tegelijk. 

“Ik denk dat mensen elkaars onvermogen meer moeten
aanvaarden en begrijpen dat de ander, vanuit zijn beperkingen, een andere blik
op de wereld en het leven heeft.”

4. Is het leven voor u een cadeau?

“Ik leef graag en ik heb een goed leven. Ik heb veel
geluk rondom mij en ik mag dingen doen waarvan ik droom. Het leven is goed voor
mij. Ik weet niet of het leven mooi is. Wie zei me dat onlangs? Je leeft
eigenlijk niet het leven dat je wilt leven. De kunst is om tevreden te zijn met
wat zich aandient. Daarin volg ik Dirk De Wachter wel. Je moet trachten te leven op intuïtie en op een bepaald moment ook je beperkingen kunnen aanvaarden.
Anders word je diep ongelukkig.

“Is het leven
een cadeau? Ja dus, maar tegelijk schuilt in mij een diep­tragisch gevoel van
eenzaamheid. Af en toe steekt dat de kop op en word ik overvallen door
somberte. Ik cultiveer dat natuurlijk ook wel een beetje. Ik ben een nostalgicus. Verdriet ervaar ik als een vorm van geluk. Je
kunt geen geluk herkennen als je nooit verdrietig bent geweest. Ik zoek
verdriet vaak op, omdat het een heel intens gevoel is. Het doet je beseffen dat
je leeft. Eigenlijk ben ik niet zo graag gelukkig. Ik vind geluk een gevaarlijk streven.”

5. Welke kleine, alledaagse
gebeurtenis kan u blij maken?

“Mijn kinderen. Vrolijke kinderen in mijn omgeving maken mij blij.”

6. Wat is uw zwakte?

“Volgens mijn vrouw ben ik slordig en chaotisch, en
dat is waar. Ik kan ook vreselijk ongeduldig en koppig zijn. En ik heb wel wat
faal­angst, vind ik zelf, waardoor ik almaar nauw­gezetter en ­veel­eisender
word.

“Theater is altijd onvolmaakt. Theater is nooit van jezelf, het is groeps­werk.
Er zit altijd ruis op, acteurs doen dingen altijd anders. Theater is nooit af,
het is een levend organisme. Iedere voorstelling is anders. Een film, een
tekst, zijn op een bepaald moment af, theater is dat nooit. Het is dus per definitie vaak ­frustrerend. Bij theater werk je iedere
dag opnieuw naar dat ene moment toe waarop alles samenkomt. Theater is een
intense vorm van energie en als die juist zit, lijkt het alsof heel de kosmos
zich concentreert op die ene plek. Maar dat gebeurt niet iedere voorstelling.”

7. Waar hebt u spijt van?

“Op mijn zeventiende heb ik het met een meisje
afgemaakt aan de telefoon. Dertig jaar lang denk ik al: nee, dat was niet
proper. Ik wilde op reis vertrekken en dacht: maak er vlug een einde aan. Via de telefoon was gewoon de makkelijkste weg. Ik heb haar sindsdien
nooit meer gezien. Dat was lelijk van mij. Wie weet leest ze het… en
weet ze het nog. Wie Eva heet, mag zich ­aangesproken voelen.”

8. Wat is uw grootste angst?

“Dat mijn kinderen iets zou overkomen. Dat is een
irrationele ouder­angst.

“De dood ook natuurlijk. Ik denk dat iedereen bang is
voor dood of verlies. Die angst gaat bij mij nog verder: ik ben bang voor
aftakeling, niet meer kunnen doen wat ik nu doe, levenskwaliteit verliezen. Ik ben ook bang voor agressie en geweld. Ik ben ­pacifistisch van nature. Geweld staat haaks op ­menselijkheid en
beschaving.

“Soms droom ik dat ik gemarteld word. Martelen vind ik
het afgrijselijkste wat er is. Vroeger werd ik soms onwel in de bioscoop. Te
veel verbeelding, denk ik. Hebben jullie Cape Fear gezien (film van
Martin Scorsese uit 1991, red.
)? Op een bepaald moment is er een scène
waarin Robert De Niro naar bed gaat met de secretaresse van de advocaat die
ervoor zorgde dat hij twintig jaar onterecht in de bak moest zitten. Plots bijt
hij een stuk uit haar kaak. Dat overviel me zo dat ik de zaal moest verlaten.”

9. Wanneer hebt u het laatst
gehuild?

“Echt huilen met tranen overkomt mij zelden, maar ik
word vaak intens ontroerd. Echt genereus snikken moet heel bevrijdend zijn,
denk ik.

“Fictie handelt in verdriet. Zijn dat echte
tranen om Bambi? Zijn dat echte tranen om Chesil Beach? Natuurlijk, maar
tegelijk zijn ze het gevolg van een catharsis, van een dieper­liggend verdriet
dat ­aangeboord wordt. Bij On Chesil Beach schoot ik dus wel vol, ja.”

10. Wanneer bent u ooit door het
lint gegaan?

“De vraag is: wat betekent ‘door het lint gaan’? Ik
kan in een discussie wel heel erg emotioneel worden. Of boos. Of in een
situatie terecht­komen waarin het mij wit voor de ogen wordt, maar dan stop ik,
dan ga ik weg.

“Ik ben ooit eens tijdens een theatervoorstelling ­uitgevlogen
tegen het publiek. Ik speelde die ­monoloog twee, drie keer per dag voor zo’n
vijftig mensen, vaak leerlingen. Het gebeurde dan weleens dat jongens zaten te
babbelen en ik me de hele tijd voornam: niets zeggen, niets zeggen. Tot de bom
eens gebarsten is. Nu maak ik vooraf een afspraak: ‘Je mag slapen, of de zaal
verlaten, maar shut the fuck up, stoor de anderen niet’.

“Vroeger, toen ik nog alcohol dronk, kon ik weleens
onredelijk kwaad worden. Maar dat heb ik dus achter mij gelaten. Ik was het beu
om een paar keer per week half groggy in mijn bed te belanden.”

11. Welk kunstwerk heeft een grote
impact op u gehad?

“Goh, die vraag is onbeantwoordbaar hè. Van alles
natuurlijk. Als kind de muziek van Elvis Presley. Ik was acht jaar en luisterde naar
de singletjes van mijn vader. ‘Stuck on You’, een flut­song
van Elvis, ging recht naar mijn hart.

“Later de films Wild at Heart (1990, red.)
van David Lynch en Amarcord (1973, red.)van Federico Fellini. En
dan was er De avonden (1947, red.) van Gerard Reve. Toen ik in het zesde
middelbaar zat, gaf een leraar mij dat boek omdat hij dacht: die jongen kan wel
wat aan wat letteren betreft. De avonden heeft mij snoeihard getroffen,
maar waarom? Misschien door de eenzaamheid die ervan uitgaat, denk ik. Net als On
Chesil Beach
is De avonden een coming-of-age­verhaal. Dat zijn de
mooiste. De laatste pagina’s zijn zinderend, wanneer het hoofdpersonage een
catharsis bereikt en ondanks zijn worsteling met het leven tot een soort
aanvaarding komt: ‘Het is gezien, het is niet onopgemerkt gebleven.’ Die passage is bijna
religieus. Na de verwijdering komt de aanvaarding: je ouders zijn
wie ze zijn. Hoe Reve dat beschrijft, heeft een grote indruk op mij nagelaten.”

12. Hebt u ooit een religieuze
ervaring gehad?

“Ja. Als kind was ik heel gelovig, ik ben zelfs
misdienaar geweest. (lacht) Maar religieuze ervaringen zijn voor mij
heel erg gelinkt aan kunst. In kunst kan een esthetische gewaarwording een ­religieus
karakter krijgen. Je hebt het gevoel dat alles samenvalt, dat de dingen
op hun plek vallen. Wie kunst heeft, zei Goethe, heeft religie, en wie geen
kunst heeft, heeft religie nodig.

“Ik heb het diepste
respect voor religie. We leven in een tijd waarin er een onwaarschijnlijk
dedain bestaat voor religie, vanuit een zogenaamd vooruit­gangs­denken, vanuit
een soort wetenschappelijkheid. Religie zou
achterlijk zijn. Dat is de grootste navel­staarderij die er bestaat.
Als je dat beweert, zeg je eigenlijk: ik, verlichte geest, ik ben superieur.
Voor velen wordt ­wetenschap een soort van fundamentalisme. 

“Religie komt van het Latijnse religare en
betekent opnieuw ­verbinden. Religie gaat dus over diepmenselijkheid. Ik geloof
in pluralisme. De enige uitweg om tot een samenleving te komen in deze tijd ligt in de
aanvaarding van het anders-zijn. Laat ­iedereen vrij. Ook in hun geloof.”

13. Hoe voelt u zich in uw lichaam?

“Nogal oké. Ik ben er niet heel erg mee bezig, maar
wil niet fat and fourty zijn, om Elvis te citeren, dus moet ik toch een
beetje opletten. In mijn geval maakt dat ‘opletten’ een groot verschil. Ik kan
nogal streng zijn voor mezelf. Toen ik onlangs las dat de nieuwe midlifer niet
langer een jonge vrouw en een moto wil, maar wel een sixpack, voelde ik me toch
een beetje betrapt.”

14. Wat vindt u erotisch?

“Kijken. Een blik. Oogcontact. Niet zozeer het
gezegde, als wel het niet-gezegde. Eerder het ­verhulde dan het niet-verhulde.
Een simpele ­aanraking kan heel erotisch zijn. Erotiek schuilt voor mij dus in
subtiliteit.”

15. Wat is uw goorste fantasie?

“Ik ga jullie moeten ontgoochelen. Het woord goor
associeer ik met iets wat je niet wilt. Goor is vies, schraal. En een fantasie is toch net iets wat je graag zou willen?”

16. Welk dier zou u willen zijn?

“Een kip. (lacht) Als kind had ik Engelse
kippen. Die dieren fascineren mij omdat ze je zo kunnen ­aankijken met een lege
blik. Ze leven helemaal in het nu. Dat lukt mij
niet.”

17. Hoe is de relatie met uw ouders?

“Zeer goed. Ik heb echt het geluk gouden ouders te
hebben die me alle vertrouwen hebben gegeven. Mijn moeder heeft me een sociale
affiniteit ­gegeven, mijn vader liefde voor literatuur, denk ik. Vertrouwen is
zo essentieel om te kunnen leven. Vertrouwen en het gevoel dat je iets waard
bent en dat je dingen kunt en lak mag hebben aan wat anderen denken. Ik had
onlangs een discussie met mijn dochter. Ze zei: ‘Maar dan lachen ze mij ­misschien
uit.’ En ik zei: ‘En dan? Who cares?’ Ik herinner me die mantra heel
vaak van vroeger. De groep die je uitlacht, is het ergste wat je kan overkomen
als je jong bent. Vertrouwen in jezelf is dus de basis om je te kunnen
ontplooien en om te kunnen uitvliegen. En daarvoor hebben mijn ouders mij alle
ruimte en steun gegeven.”

18. Hoe definieert u liefde?

“Euhm. Leonard Cohen zingt daarover: ‘Love is the only engine of
survival
’. (begint te zingen)

“Liefde, of het gebrek eraan, is alles. Elk verhaal, elk menselijk gedrag is terug te schroeven tot die twee
factoren. Elk ­vermogen of onvermogen komt daaruit voort, denk ik. Als je als kind geen liefde hebt gehad, is dat onherstelbaar. Je kunt je
eigen jeugd niet overdoen.

“Liefde is voor
mij een goede basis om van daaruit uit te vliegen, de vrijheid te ontdekken en
weer terug te keren. Liefde is genereus. Liefde is voor mij geven en niet krijgen, ook niets terug­verwachten.
Liefde is voor mij onvoorwaardelijk en belangeloos.

“Met mijn vrouw ben ik nu negentien jaar samen. Drie
jaar geleden zijn we getrouwd in Italië, op een mooie zonnige dag. Ik heb het gevoel dat onze relatie alleen maar beter wordt met ou­der
worden. De kinderen worden ook groter en maken nu actief deel uit van het
gezin. Het zijn niet enkel volgers meer, maar individuen met hun eigen
emotionaliteit en persoonlijkheid. Die inter­actie met opgroeiende kinderen
vind ik fantastisch. Maar ook een gezin blijft zoeken. Als kind kun je het
onvermogen of de beperkingen van je ouders niet begrijpen. Dat besef ik nu pas,
nu ik ouder ben. Het is aanleiding voor veel drama’s, denk ik.”

19. Bent u een goede vriend?

“Als het op tijd en kwantiteit aankomt, ben ik
ongetwijfeld een slechte vriend. Ten eerste heb ik te veel werk, ten tweede heb
ik een gezin met vijf kinderen. Je moet wel een moedige ziel zijn om ons nog te
willen uitnodigen om te komen eten. (lacht) Als we al een plekje zouden
vinden in onze agenda. Maar ik ben wel trouw, ondanks afstand, in ruimte en
tijd. En ook in mijn werk heb ik heel sterke relaties en vriendschappen opgebouwd.”

20. Hoe zou u willen sterven?

“Er zijn twee mogelijkheden. Ofwel val je ineens dood
en dat is goed voor jou, ofwel heb je een slepende ziekte en dat is goed voor
niemand, maar je kunt wel afscheid nemen. Ik zou willen sterven met zo veel
mogelijk levenskwaliteit, denk ik.

“Wat ik zou kiezen als laatste avondmaal? Ik eet heel
graag, ik kook ook graag, maar een laatste avondmaal? I don’t give a shit.”

21. Wat is voor u de hel op aarde?

“Sartre zei: ‘L’Enfer, c’est les autres.’ Dat
is een van de vele ­misbegrepen citaten uit de literatuur, omdat hij niet wilde
­zeggen: de anderen zijn de hel omdat ze jou de duvel aandoen, maar wel: de
anderen zien jou zoals zij jou wíllen zien en dat kun jij niet aan. Jij bestaat
enkel door de blik van de ander en dat leidt tot onbegrip. Onbegrip, gebrek aan
liefde, gebrek aan ­harmonie, maken mij ongelukkig. 

“Voor de rest zijn er wel wat plekken die voor mij de
hel op aarde kunnen zijn: Plopsaland, Ikea. Ik word daar onnozel van. En durf
me dan zo onhebbelijk en beschamend te gedragen dat ik al sinds lang niet meer
mee moet.” (lacht)

22. Hebt u zichzelf ooit betrapt op
racistische gevoelens?

“Neen. Op mijn school zat een Marokkaanse jongen. Van
het begin af aan voelde ik een soort nieuwsgierigheid naar hem omdat hij niet
meteen tot mijn leefwereld behoorde. Wij zijn beste vrienden geworden.

“Ik kan weleens vinden dat iemand zich stom gedraagt,
maar zal nooit generaliseren. En dat doet Jonathan Holslag bijvoorbeeld wel met
zijn uitspraak in de krant (‘Ik weet niet of die observatie bevestigd wordt
door cijfers, maar sinds enkele jaren ben ik steeds vaker getuige van
intimidatie tegen treinbegeleiders en kat-en-muis­spelletjes met zwartrijders,
en – vergeef me het sprongetje, maar het moet gezegd – meestal zijn het mensen
met een donkere huidskleur’, DM 18/8, red.
). Die redenering doet het
individu zo veel onrecht dat ik ze van een gigantische domheid vind. Eigenlijk
is het gewoon plat racisme. Het hoort zelfs niet in de krant.”

23. Wat betekent geld voor u?

“Ik ben niet gehecht aan materiële dingen. Mocht ik
morgen scheiden, ik zou alleen mijn computer en een paar boeken meenemen. Ik
heb niets en ik heb ook niets nodig. Ik gebruik alles tot het kapot is, en dan
nog, dan zeg ik: ah, het werkt nog half.” (lacht)

24. Wat is uw vreselijkste vakantie­herinnering?

“Op mijn achttiende heb ik in Frankrijk bij het duiken
mijn schouder ontwricht. Ik heb toen drie dagen alleen in het ­ziekenhuis van
Nîmes gelegen en dat was ontzettend eenzaam.”

25. Aan wie zou u hier uw mening
willen zeggen?

“Aan niemand, eigenlijk. Het interesseert me echt nul
de botten om mijn gedacht te zeggen aan Trump of Poetin. Ook aan Theo Francken
niet, omdat ik weet dat het geen enkele zin heeft.”



2018 – 9/11

Algemeen Posted on 2018-09-13 06:48:27

9 september 2001.



2018 – Loulou

Algemeen Posted on 2018-08-29 09:55:01



2018 – Eva

Familie Posted on 2018-08-19 07:33:03

Eva leidt het huwelijk van Wout Van Aert in goede banen 🙂



2018 – An en Bob 70

Familie Posted on 2018-08-13 19:12:07

Op 12 augustus 2018 vierden An en ik onze 70ste verjaardag.
Bedankt Inez, Erik, Elise, Charlotte, Laure, Eva, Jurgen, Simon, Joren, Eline, Linn, Tim, Luna, Milan, Noa, Renilde, Ronald, Saskia, Wim, Maries, Fons, Arlette, Roland, Ria, Ivo, Hilde, Marina, Maries, Patrice, Richard, Lieve, Werner, Anjo, Magt, Mark, Gerd, Chris, Veerle, François, Sigrid, Els, Myriam, Julien, Ann, Jos en Karin om samen met ons feest te vieren. Bedankt ook aan onze fotograaf Laure Myin voor de mooie foto’s.


Méér foto’s klik hier.



2018 – Zomervakantie Kroatië – Italië

Reizen Posted on 2018-08-13 19:10:31

Van 16 juni tot 18 juli trokken we naar Kroatië en Italië. Via Wurzburg en Leibnitz gingen we eerst naar Zaton. Daarna trokken we naar het eiland Hvar waar we de steden Hvar en Stari Grad bezochten. Vervolgens gingen we met de Jadrolina veerdiensten naar het eiland Brac, waar we in Supetar verrast werden op een totaal vernieuwde prachtige camping. Aansluitend gingen we terug naar het vaste land en ontdekten in Seget een heerlijke kleine camping met alle faciliteiten. Op 5 juni trokken we naar Funtana waar we een aangename ontmoeting hadden met Chris en Lieve. Daarna gingen we richting Rovinje waar we onze dochter Eva met haar gezin zagen. Op 11 juli trokken we dan naar ons geliefde Cavallino in de buurt van Venetië om aansluitend via Oostenrijk en Duitsland terug naar huis te rijden op 17 en 18 juli.



2018 – Eva

Cultuur Posted on 2018-05-03 07:09:50

Eva deed een schitterende presentatie op het lenteconcert van harmonieorkest Deinze. Proficiat, Eva!

Lees meer



2018 – Paasverlof – Frankrijk – Spanje

Algemeen Posted on 2018-05-02 18:41:52

Volgt



2018 – Saint-Matré

Familie Posted on 2018-04-06 06:52:03

Vandaag vertrekken we naar ons vakantiehuisje in Saint-Matré.

Naar aanleiding van onze 70ste verjaardag kregen An en ik een cadeaubon van onze kinderen. Tijdens de paasvakantie worden we uitgenodigd om, samen met hen, een weekje te gaan doorbrengen in het Zuiden van Frankrijk.

Een mooier cadeau konden we ons niet bedenken.

Met ons 17 trekken we naar het Zuid-Franse Lot tussen de wijngaarden van Cahors.

Dankuwel Inez, Erik, Eva, Jurgen, Linn, Tim, Elise, Charlotte, Laure, Simon, Joren, Eline, Luna, Milan, Noa … Jullie maken ons zo blij …

We maken er samen ‘The Time Of Our Life’ van.



2018 – Inez

Algemeen Posted on 2018-04-04 10:20:51

Ze werd door de KU Leuven weggekaapt van de Universiteit Maastricht om met een beurs van liefst 5,2 miljoen euro het Centrum voor Contextuele Psychiatrie uit de grond te stampen. Inez Germeys (46) uit Bilzen is dan ook niet de eerste de beste wetenschapper. Als toponderzoeker is ze een van de baanbrekers van de contextuele psychiatrie, waarbij patiënten niet langer alleen maar op de sofa worden ondervraagd, maar als expert van hun eigen ervaringen zichzelf opvolgen in het dagelijkse leven. Zelf bleef de hoogleraar psychiatrie niet gespaard van geestelijk onheil. “Ik maakte een burn-out door”, vertelt ze. “Hoe heftig en zwaar die ook was, het was een kans om met een aantal dingen te dealen.”

Met een hemelsbrede glimlach ontvangt Inez Germeys ons in haar kleine kantoortje, in de uithoek van een lange, hagelwit gelakte ziekenhuisgang van het verder aftandse Leuvense Sint-Rafaël. “Het was hier eerder vervallen toen we introkken”, vertelt Germeys, “maar ze hebben onze gang dan toch een beetje opgekalefaterd.” Het vervallene opkalefateren: het is Germeys niet vreemd, zij het dat in haar vak de menselijke psyche het lijdend voorwerp is. De hoogleraar psychiatrie heeft zich gedurende ruwweg een kwarteeuw in deze expertise kunnen bekwamen, eerst tijdens haar studies in Leuven, vervolgens aan de Universiteit Maastricht, om ten slotte weer thuis te komen in de Vlaams-Brabantse studentenstad. Professor Germeys is afkomstig van Edegem, maar woont al 22 jaar in Limburg, meer bepaald in Hees (Bilzen). Haar onderzoek in Maastricht noopte haar destijds om een plekje dichter bij het werk te zoeken. “Na al die jaren ben ik een volbloed Limburgse”, lacht Germeys. “Althans, mijn dochters zeker. Ze zijn alle drie in Limburg opgegroeid.” In Bilzen dus, op een steenworp van Maastricht waarnaar de jonge psychologe in 1995 verkaste om er te doctoreren. “Ik dacht dat ik er m’n doctoraat zou doen en that’s it. Maar ik ben er blijven hangen, zo’n twintig jaar. Tot ik kon terugkeren naar Leuven om er het Centrum voor Contextuele Psychiatrie op te starten.”

Vrouwelijke wetenschappers zijn op uw niveau niet dik gezaaid. Hebt u het glazen plafond van de academische wereld doorbroken?

“Dat denk ik wel. Maar het is nog altijd geen evidentie. In de hoofden van mensen – ook vrouwen – heerst nog altijd het beeld dat een onderzoeker een man in een grijs pak is. En ik betrap mezelf ook nog vaak op die gedachte. Als ik bijvoorbeeld een artikel lees van een prof, en de voornaam staat er niet bij, dan denk ik automatisch aan een man. Als ik dan ontdek dat het om een vrouw gaat, schrik ik daarvan. Maar daarnaast ervaar ik ook dat het best moeilijk is om vrouwen te motiveren om in het onderzoek actief te blijven. Ik zie bijvoorbeeld veel vrouwen na hun doctoraat afhaken. Omdat het zo’n competitieve wereld is, of omdat ze aan een gezin beginnen en daar voluit voor willen gaan. Dat vind ik wel jammer; het is een uitdaging voor de toekomst om competente vrouwelijke wetenschappers aan boord te houden.”

Was het van kindsbeen af al uw grote droom om wetenschapper te worden?

“Nee, ik wilde dierenarts worden. (lacht) Later ben ik psychologie gaan studeren met het idee om therapeut te worden, om mensen te helpen. Maar ik heb al vrij vroeg in mijn studie ontdekt dat ik zeer geïntrigeerd was door de wetenschappelijke kant. De theorie, de methodologie, de statistiek… Die dingen spraken mij heel erg aan. En dat is alleen maar zo gebleven.”

Na uw studies in Leuven trok u naar de Universiteit Maastricht, waar u de eerste professor ‘ecologische psychiatrie’ werd. Dat klinkt niet alledaags in de oren.

“Dat is zo. Bij ‘ecologisch’ denken mensen meteen aan bomen knuffelen en zo. (lacht) De term komt eigenlijk uit de ecologische psychologie, die handelt over de fundamentele interactie tussen de persoon en zijn omgeving. Maar sinds het woord ‘ecologie’ ook in andere contexten gebruikt wordt, werd die term een beetje onduidelijk. Vandaar dat we nu over contextuele psychiatrie spreken.”

In Maastricht doctoreerde u met onderzoek naar de stressgevoeligheid van patiënten met psychose. Iedereen weet dat cannabis de kwaal kan uitlokken. Hebt u er zich zelf ooit aan bezondigd?

“Nee, ik kan niet inhaleren. (lacht) Ik heb wel ooit eens op het punt gestaan om een stuk spacecakete eten, maar toen bleek dat ik zwanger was, en dus heb ik daarvan afgezien. Nu, ik vind het wel grappig dat je zegt: ‘Iedereen weet het’. Want dat is bijvoorbeeld een van de effecten van wetenschappelijk onderzoek: dat mensen intussen weten dat cannabis een rol kan spelen in de ontwikkeling van psychose. Tien jaar geleden wist het publiek dat dus nog niet. Een bewijs van het belang dat wetenschappelijk onderzoek gebeurt én naar buiten komt.”

Uw avontuur in Maastricht eindigde eind 2015, toen u na 20 jaar onderzoek weggekaapt werd door de KU Leuven om met een budget van meer dan 3 miljoen euro het nieuwe Centrum voor Contextuele Psychiatrie op te starten…

“Het is uiteindelijk zelfs 5,2 miljoen euro geworden.”

Ik wilde nog zeggen dat 3 miljoen een uitzonderlijk hoog ‘transferbedrag’ is. 5,2 miljoen is gigantisch.

“Wel, in Vlaanderen kunnen wetenschappers meedingen naar de Odysseusbeurs van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek, die ernaar streeft om buitenlandse toponderzoekers naar hier te halen. Ik besef nu plots dat het nogal vreemd klinkt dat ik mezelf zo noem. (lacht) Dat is een echte competitie, die beurs wordt je niet zomaar in de schoot geworpen. De consequentie is dat dat écht grote bedragen zijn, omdat ze je moeten toestaan om effectief een lab op te starten en uit te bouwen. Ik had voor mijn project 5,2 miljoen aangevraagd, maar uiteindelijk werd ik derde, en zou ik dus ‘maar’ 3,3 miljoen krijgen. Tot bleek dat de tweede in de competitie had afgehaakt, en dus had ik toch recht op die 5,2 miljoen.”

Dat moet uw ego strelen.

“Jazeker, ik was daar uiteraard blij om. Maar ik was ook blij voor mijn vak, want de psychiatrie is eigenlijk chronisch ondergefinancierd, zeker wat betreft het wetenschappelijk onderzoek. Als je bijvoorbeeld vergelijkt met de somatische geneeskunde (de lichamelijke geneeskunde, in tegenstelling tot de psychische, nvdr.), is het altijd een gebied geweest waar veel minder geld naartoe ging. Dus ik vond die beurs ook wel een erkenning en een boostvoor ons vakgebied.”

Wat doet dat nieuwe onderzoekscentrum precies?

“Ons onderzoek vertrekt vanuit de zienswijze dat psychiatrische klachten ontstaan in interactie met de omgeving, vandaar ook de benaming ‘contextuele’ psychiatrie. En als we die klachten willen begrijpen, moeten we ze niet alleen onderzoeken tijdens een consult bij de psychiater of psycholoog, maar ook in interactie met de omgeving. Daartoe hanteren we de experience sampling-methode, waarbij patiënten in het dagelijkse leven hun probleem in kaart gaan brengen. Ze gebruiken daarvoor een app op hun smartphone, die op willekeurige tijdstippen een signaal geeft, waarna de patiënten rapporteren hoe ze zich op dat moment voelen. Tegelijkertijd peilt de app dan ook naar waar ze zijn, met wie, in welke omgeving, enzovoort. Zo krijg je een gedetailleerd beeld van wat de context is, en hoe de patiënt zich daarin voelt en gedraagt. Daar doen we onderzoek naar.”

Eigenlijk zegt u dat het dagelijkse leven van een patiënt de psychiater of psycholoog vaak ontglipt. Maar een patiënt kan toch ook gewoon bij de psychiater op de sofa vertellen hoe het met hem gaat?

“In de praktijk blijft het daar ook vaak bij, dat de patiënt tegen de psychiater vertelt hoe het hem de afgelopen weken is vergaan. Maar dat heeft beperkingen. Om te beginnen zijn je herinneringen gekleurd: hoe precies weet jij vandaag nog hoe je je twee weken geleden op die bepaalde dag voelde? Ik vergelijk het een beetje met suikerziekte: de bloedspiegel van een diabeticus wordt ook niet slechts eenmaal per maand bij de huisarts gemeten. Nee, de huisarts geeft je een apparaatje mee waarmee je thuis of op je werk op verschillende tijdstippen per dag je suikerspiegel kan meten.”

U zei eerder daarover: “We moeten in de psychiatrie de zwarte doos van het dagelijkse leven openen”.

“Klopt, we moeten toegang krijgen tot het leven van de psychiatriepatiënt. Want net als bijvoorbeeld de bloedsuikerspiegel van een diabeticus, kunnen psychische klachten heel erg variëren van moment tot moment. Bovendien zijn mensen in het algemeen heel slecht in staat om hun eigen patronen te zien, omdat je nu eenmaal geen afstand van jezelf kan nemen. Onze methode, waarbij je in het ‘nu’ informatie over jezelf moet geven, kan bijdragen om wél een beter algemeen beeld te krijgen.”

Eén op de vier mensen krijgt vroeg of laat af te rekenen met psychische problemen, en toch rust er nog steeds een zwaar stigma op: ‘psychische klachten zijn een teken van zwakte’.

“Tja, er wordt heel weinig over gepraat. Al moet ik wel zeggen dat er in Vlaanderen veel mooie initiatieven zijn, zoals bijvoorbeeld Te Gek!?, de organisatie die psychische problemen bespreekbaar wil maken. En toch, psychische klachten blijven iets waar je niet over praat.”

Hoe kan het toch dat er anno 2018 nog steeds zo’n huizenhoog taboe bestaat?

“Ik denk dat mensen psychische problemen als een soort van persoonlijk falen zien. Als het henzelf of hun kinderen overkomt, denken mensen vaak: ‘We hebben iets fout gedaan’. En dat is heel erg jammer. Je zou een psychische aandoening eerder moeten zien als een signaal: ‘Er loopt iets mis, een persoonlijke crisis, maar ik krijg nu wel de mogelijkheid om iets te veranderen.’ Als je het op die manier zou formuleren, dan kan je positiever naar je probleem kijken, als een kans om te groeien. Al is het natuurlijk niet altijd zo simpel. Soms is het probleem gewoon te zwaar. En dan is het zeker geen teken van zwakte dat iemand met klachten blijft worstelen, daar wil ik zeer duidelijk in zijn. Dan is het aan ons om die mensen te helpen een plek te vinden in onze maatschappij, al dan niet met beperkingen.”

Hebt u zelf al eens te kampen gehad met een psychische problematiek?

“Ja, ik heb een burn-out gehad, in 2013. Die heeft mij doen besluiten om andere horizonten op te zoeken, en dat heeft geleid tot mijn komst naar Leuven.”

Durfde u zelf met anderen te praten over uw burn-out?

“Dat is een goede vraag, want het klopt: ikzelf heb er inderdaad ook niet zo veel over gesproken. Wel met familie en goede vrienden. Maar bijvoorbeeld tijdens de volleybalwedstrijden van mijn dochters, heb ik het nooit verteld tegen de andere moeders die ik nochtans ook goed ken. Dus ja, ook bij mij heerste het grote taboe. Ik heb er mezelf net trouwens op betrapt, toen je de vraag stelde: ‘Zou ik het vertellen of niet?’ Aan de andere kant ben ik eigenlijk wel blij dat ik die burn-out heb doorgemaakt, want daardoor ben ik zelf ervaringsdeskundige geworden. Ik weet nu dus hoe heftig en zwaar het kan zijn, maar ik heb geen spijt dat ik het heb meegemaakt. Ik heb echt het gevoel dat die burn-out voor een stuk een ontwikkeling was, een kans om met een aantal dingen te dealen.”

Ondertussen heeft Vlaanderen al decennialang een van de hoogste zelfmoordcijfers van Europa. Hoe slecht zijn wij bezig?

“In dat opzicht natuurlijk niet goed. Het is een zeer complex gegeven. (denkt na) Ik denk dat het wel wat te maken heeft met het feit dat wij een volk van binnenvetters zijn. Mensen spreken – zoals daarnet al gezegd – niet zo snel hun problemen uit. We zijn ook zeer prestatiegericht, en dat begint al op de schoolbanken. Dat lijdt tot veel druk, veel stress…”

Men zou dan denken dat het tij te keren valt door meer in te zetten op preventie in plaats van behandeling.

“Dat sowieso, dat is heel belangrijk. We moeten zeker evolueren naar meer preventie, naar een vroegtijdige detectie en dus ook behandeling van problemen. Maar het landschap van de psychiatrie is in België erg versnipperd. Als jongeren met psychische problemen te maken krijgen, dan is het echt niet evident om hun weg te vinden. Al worden er heel mooie initiatieven genomen, zoals TEJO, Therapeuten Voor Jongeren. Dat is een heel laagdrempelige hulpverlening in de vorm van inloophuizen waar jongeren gratis en anoniem kunnen aankloppen. Ze krijgen dan van vrijwillige therapeuten maximaal acht sessies, waarna men de jongere eventueel de weg kan wijzen in de reguliere hulpverlening.”

Alleen: Limburg blijft achter, want er is in onze provincie geen TEJO-huis.

“Inderdaad, je moet in Limburg maar een jongere zijn die hulp nodig heeft. Waarmee ik wil zeggen dat er wel enkele goede initiatieven zijn, maar het zou eigenlijk veel breder moeten. En de hulpverlening in het algemeen moet laagdrempeliger. De adolescentie is immers een heel belangrijke periode, we weten dat dan het grootste deel van de psychische aandoeningen ontstaat. Als we daar vroegtijdig kunnen ingrijpen, dan kunnen we op langere termijn veel problemen vermijden.”

Helaas is onze zorg daar niet aan aangepast. Op een bepaald moment wordt zo’n jongere 18 en dan verdwijnt hij of zij uit de jeugdpsychiatrie om te moeten overstappen naar de volwassenenpsychiatrie. Maar daar loopt het vaak mis.

“Ja, dat is een probleem. Net in de meest kwetsbare periode, tussen het 15de en 25ste levensjaar, zit er een enorme breuklijn in ons zorgsysteem. Veel jongeren vanaf 18 vinden hun weg niet binnen de volwassenenpsychiatrie en verdwijnen zo uit het zicht. Niet alleen in Vlaanderen, maar in veel westerse landen is dat zo. Je merkt dan ook dat er internationaal veel vraag is naar een hervorming van dat systeem.”

U bent constant in de weer met de geestelijke gezondheid van anderen. Neemt u uw werk ook mee naar huis?

“Ik werk veel, maar ik heb geleerd om op vrijdagavond het knopje op ‘uit’ te zetten, en het pas maandag opnieuw aan te zetten. Al moet ik toegeven dat ik op zaterdagochtend soms toch weer die laptop durf vast te nemen. Maar ik probeer een goeie werk-privébalans te houden. Ik heb een gezin met drie kinderen, dus als mijn man en ik in het weekend ook nog met ons werk bezig zouden zijn, zou dat ondoenbaar zijn.”

Dus het cliché dat proffen zeven dagen op zeven in hun ivoren toren aan het werk zijn, klopt niet?

“Ik denk dat dat cliché komt uit de tijd dat enkel mannen proffen waren, en thuis een vrouw hadden die alleen het gezin draaiende hield. (lacht) Die mannen moesten niet – en nu ga ik stoute dingen zeggen – efficiënt werken, want ze konden de vrijheid nemen om hun werk over zeven dagen te spreiden. Ik denk dat de huidige generatie, en dan heb ik het niet alleen over de vrouwen, gewoon efficiënter werkt. Waarmee ik bedoel: harder tijdens de week en minder in het weekend.”

Uw man is ook hoogleraar, in de filosofie. Hebben jullie elkaar op de unief leren kennen?

“Nee! In jeugdcafé ‘Het Varken’ in Edegem, wellicht de meest onwaarschijnlijke plek waar twee latere proffen elkaar kunnen leren kennen. (lacht) Het is eerder toevallig dat we beiden academici zijn geworden.”

Waar hebben twee academici het aan de keukentafel zoal over?

“Dat vragen veel mensen. Maar het gaat meestal over wie de kinderen gaat halen, of wie er zal koken. Gewoon, de dingen waar de meeste andere mensen het over hebben. Al moet ik toegeven dat wij het ook wel vaker over werkgerelateerde dingen hebben. We hebben bijvoorbeeld al enkele publicaties samen. Het is leuk dat we allebei onze eigen expertise hebben, maar we hebben ook veel raakvlakken.”

Jullie hebben drie tienerdochters van 16, 18 en 19. Durven zij weleens rebelleren, of is die periode voorbij?

“Nee, die is nog niet voorbij. (lacht) Het zijn drie kritische, welbespraakte jongedames die momenteel een heel boeiende leeftijd hebben. Zeer interessant om te zien hoe ze hun leven zelf beginnen vorm te geven. Maar ze durven onderweg zeker wel tegen ons in te gaan.”

En komt in mama Inez dan de psychologe naar boven om bepaalde situaties te analyseren of te ontmijnen?

“Mijn kinderen zeggen soms van wel. ‘Oh nee, daar is de psycholoog weer’, klinkt het dan. Dus ja, dat durven ze wel.” (lacht)

Tot slot: u hebt op uw 46ste al een indrukwekkend parcours achter de rug. Wat mag ik u nog toewensen op professioneel vlak?

“Wel, dat we onze experience sampling-methode ook in de klinische praktijk kunnen gaan toepassen. Want ik doe wetenschappelijk onderzoek om iets te kunnen betekenen voor de patiënten van morgen, en misschien ook al voor die van vandaag. Ik zou het heel erg jammer vinden als ik op het einde van mijn carrière zou moeten zeggen dat ik op wetenschappelijk vlak een schitterend parcours heb gereden, maar dat het in de praktijk niets heeft opgeleverd.”

En op persoonlijk vlak?

“Ik hoop nog heel lang een gelukkige moeder te mogen zijn, met een fijn gezin en een fijne man. En vooral: dat ik dat zo veel mogelijk mag beseffen. Geldt dat niet voor ons allemaal?”



2018 – Stamboom

Familie Posted on 2018-03-19 06:52:45



2018 – Sammie jarig

Algemeen Posted on 2018-03-10 16:45:47

Op 6 maart 2018 werd onze Sammie 1 jaar.



2018 – Maddy

Algemeen Posted on 2018-03-09 05:45:34

Afscheid van Maddy Annaert op 7 maart 2018.

Ik wil graag een paar woorden zeggen bij het overlijden van Maddy Annaert – eigenlijk is het Maddy Vlegels, maar ik ben er van overtuigd dat 99% van de mensen haar kennen als Maddy Annaert … vandaar. Maddy was lid van het Edegems Volkskunst Komitee en als woordvoerder van deze v.z.w. wil ik graag afscheid nemen van haar.

Ik leerde Maddy zowat 35 jaar geleden kennen. Bij het toenmalige Volksdansfestival zochten ze een nieuwe presentator en men kwam daarvoor bij mij terecht. Op een mooie zomerse avond moest ik mij komen voorstellen aan het toenmalige bestuur van de v.z.w.: Bea en Rik Bruloot, Jan Verhaeverbeke, Jos en Maddy Annaert.

Het ging er daar ernstig aan toe en ik moest bewijzen dat ik iets wist van geschiedenis, cultuur en wereldpolitiek vooraleer ik werd aanvaard … maar het lukte en vanaf die dag ken ik Jos en Maddy …

Het viel mij onmiddellijk op dat Jos en Maddy geen tafelspringers waren, maar stille werkers.

Met hun beiden waren ze in die tijd in het Edegems Volkskunst Komitee verantwoordelijk als secretaris, penningmeester, selectie groepen en verantwoordelijke voor de gastgezinnen … 4 functies die later door veel meer mensen zouden worden opgenomen, maar Jos en Maddy deden dat onder hun tweetjes … Niet één dag, niet één week, niet één maand, maar gedurende tientallen jaren. Frieda, Paul, Veerle, Annie, Chris en An die later deze functies zouden overnemen, weten als geen ander wat een huzarenstuk Jos en Maddy gedurende al die jaren hebben waargemaakt

Zoals in elke vereniging ging ook het EVK wel eens door stormachtige tijden, met discussies en meningsverschillen maar er was altijd één constante rustgevende factor: Jos en Maddy.

En het valt me op hoe vaak ik hier Jos en Maddy zeg …. maar dat was een begrip, je had Jos en je had Maddy … maar je had ook Jos en Maddy … en als er gevraagd werd waar de vergadering doorging, was het niet bij Jos en niet bij Maddy, maar bij Jos en Maddy … waarmee ook meteen gezegd is hoe zij bij mekaar hoorden … waar Jos was, was Maddy en waar Maddy was, was Jos en toen ze op latere leeftijd een beetje sukkelachtig werden, was het mooi om te zien hoe ze allebei een beetje sukkelden maar samen waren ze sterk, samen konden ze nog alles … samen.

Het liefste wat Maddy deed was omgaan met de gastgezinnen van het wereldDANSfestival.

Het was elk jaar opnieuw een hele klus om voldoende gastgezinnen te vinden, maar dan ging Maddy wat zij noemde: puzzelen. En puzzelen dat was een hele speciale techniek die alleen zij beheerste en waarbij zij mensen die hadden gezegd dat ze dat jaar geen gastgezin konden zijn toch kon overhalen om mee te doen. Zij was dan op zoek naar ‘beddekes’ …. en zo leerden we Maddy ook kennen, altijd vriendelijk maar ook heel doortastend, doelgericht tot ze haar zin kreeg.

Het computertijdperk is aan Maddy voorbijgegaan, maar zij had haar eigen methode: een fiche systeem waarop zij nauwgezet bijhield welk gastgezin in welk jaar – tussen 1975 en 2016 – van welk land gastgezin was geweest van jongens of meisjes of een echtpaar … ze wist het allemaal. Sterker nog in 80 % van de gevallen wist ze het uit haar hoofd. Veerle en Annie die later haar taak overnamen stonden vol bewondering voor haar fenomenale geheugen. Zij werden ook regelmatig bij Maddy uitgenodigd … om eens te komen babbelen … en als ze naar huis gingen, had Maddy vaak vriendelijk, doortastend, doelgericht haar zin gekregen …

Met verjaardagen had Maddy ook iets speciaals en velen onder u zullen bij hun verjaaardag een attent telefoontje gekregen hebben van Maddy. Zelf kreeg ze bij haar verjaardag op 9 december, kaartjes van uit meer dan 60 landen.

De laatste jaren kreeg Maddy een beetje problemen met haar gezondheid maar dat veranderde niets aan haar interesse voor het wereldDANSfestival en toen ze voor een paar jaar kort werd opgenomen in Immaculata, net in augustus tijdens het festival, hebben een paar medewerkers haar heel gelukkig gemaakt, door haar in een rolstoel naar de seniorennamiddag te brengen, waar ze bijna meer aandacht kreeg van het talrijke publiek dan de optredende groepen.

Uteraard heeft Maddy het wereldDANSfestivalEDEGEM altijd vertegenwoordigd in de gemeentelijke cultuurraad en bij de CIOFF, het internationale overkoepelende orgaan voor festivalorganisatoren.

Wij leven jammer genoeg in een tijd waar cultuur niet meteen het waardevolste is in onze samenleving en twee jaar geleden is haar geliefde wereldDANSfestivalEDEGEM – na 41 jaar – spijtig genoeg om financiele redenen moeten eindigen. Het is dan ook haast symbolisch dat we nu vandaag afscheid moeten nemen van de vrouw die ooit mee aan de wieg stond van deze prachtige organisatie.

Ik wil eindigen met woorden van dank, woorden van respect, woorden van waardering.

Bedankt Maddy voor je goed humeur, je energie, je gastvrijheid.

Door jouw leven heb je gedurende 40 jaar Edegem op de kaart gezet. Dank zij jou klinkt Edegem in vele landen en alle continenten als een gemeente waar vriendelijke mensen wonen, waar het goed is om te leven. Onze slogans: Edegem een festival van vreugde en vriendschap … Edegem waar de wereld zich thuis voelt … kwamen bij jou tot leven … de vreugde en de vriendschap kon je aflezen op je gelaat en bij jou was iedereen welkom.

Maddy bedankt voor alles en maak je geen zorgen, we zullen Jos niet vergeten.

Namens het Edegems Volkskunst Komitee

Bob Germeys

Rouwpagina: http://bobgermeys.be/maddy.html



2018 – Vette dinsdag

Algemeen Posted on 2018-02-15 17:24:19

Vandaag is het dus vette dinsdag, het gevecht tussen Carnaval en Vasten, tussen den Dikke en den Dunne, feesten en uitstellen, goesting en controle, tussen schr…okop en schraalhans. het is een dag van overgang, transformatie en strijd die in deze tijden, merkwaardig genoeg, bijzonder actueel is geworden, denk maar aan tournée minérale of de dagen zonder vlees van een tijdje terug. zit er niet al te diep in ons een misprijzen verborgen over onze ‘train de vie’? iets wat Simon Schama ziet als ‘overvloed en onbehagen’ (waarmee hij de zeventiende eeuw in de Nederlanden omschrijft in een magistraal boek)?
vasten is een fascinerend ritueel en het verlangen naar zuiverheid dat daarmee gepaard kan gaan zou kunnen wijzen op de ongemakkelijke verhouding die we vaak hebben met ons lichaam dat vet opstapelt, grote hoeveelheden voedsel verstouwt en zo op suiker kickt dat het vernederend wordt. gisteren las ik nog dat ‘vlees’ het nieuwe ‘roken’ aan het worden is. we transformeren, we ondergaan, we zoeken naar andere manieren om dat lichaam te disciplineren en ziektevrij te houden, wat keer op keer, helaas, een ijdele onderneming blijkt. tot op zekere hoogte – en de dogmatici zullen allicht steigeren – is het spel. we spelen, we doen alsof, gedoemd als we zijn om consequent gedrag heimelijk te minachten.
kijk hoe Bruegel de strijd tussen Carnaval en Vasten ziet. dit is het centrale gedeelte uit een groter schilderij dat hij in 1559 heeft geschilderd. kijk hoe lamlendig die strijd is aan beide kanten. kijk bijvoorbeeld naar de rijrichting van de tuigen waar de dikke en de dunne op zitten, dit is geen steekspel of zelfs maar een ontmoeting, ze rijden elk een andere kant uit en passeren elkaar maar half. in feite wordt er iets opgevoerd, het is doen alsof, geënsceneerd, het is een spel. de wereld is een decor, lijkt hij te zeggen, een achtergrond voor ons etaleren van lusten en lasten. hoe meer ge kijkt, hoe meer ge denkt: maar als dit een spel is, hoe is de mens dan écht voor deze schilder? tenminste: die vraag is een mogelijke reactie. ik denk meer en meer dat Bruegel aanstellerij als de essentie van de mens beschouwt, een stoet van passies en lusten, waanzin en blindheid, die onvermijdelijk eindigt bij de dood. mijn liefde voor deze schilder wordt elke dag groter.

Jeroen Olyslaegers



2018 – Londen

Reizen Posted on 2018-02-15 17:23:29

Van 10 tot 13 februari gingen we met onze 2 jongste kleindochtertjes naar Londen.

Vier zotte dagen vol plezier en gezelligheid 🙂



2018 – Charlotte 18 jaar

Familie Posted on 2018-01-23 10:41:22

Dinsdag 23 januari 2018. Ons Chotteke wordt 18 jaar !!!

Proficiat Chottie 🙂



2018 – Boeddhism

Cultuur Posted on 2018-01-11 11:05:04

A psychologist walked around a room while teaching stress management to an audience. As she raised a glass of water, everyone expected they’d be asked the “half empty or half full” question. Instead, with a smile on her face, she inquired: “How heavy is this glass of water?” Answers called out ranged from 8 oz. to 20 oz.

She replied, “The absolute weight doesn’t matter. It depends on how long I hold it. If I hold it for a minute, it’s not a problem. If I hold it for an hour, I’ll have an ache in my arm. If I hold it for a day, my arm will feel numb and paralyzed. In each case, the weight of the glass doesn’t change, but the longer I hold it, the heavier it becomes.”

She continued, “The stresses and worries in life are like that glass of water. Think about them for a while and nothing happens. Think about them a bit longer and they begin to hurt. And if you think about them all day long, you will feel paralyzed – incapable of doing anything.”

Remember to put the glass down.



2018 – Onmacht

Algemeen Posted on 2018-01-09 07:54:23

Maar zeg het dan toch, partijvoorzitters van de meerderheid! Zit niet bang te staren naar die opiniepeilingen, electorale prognoses en dreigementen zoals hieronder. Ja, we weten het: de enige die lijkt te gaan profiteren van vervroegde verkiezingen is de N-VA. Maar is dat werkelijk een reden om opnieuw te zwijgen? Is dat werkelijk een reden om ook nu enkel electoraal te redeneren? Sta je daarmee aan de juiste kant van de geschiedenis?

Zeg het dan, in godsnaam. Hier, ik zal u het voorzeggen. U mag mij gratis plagiëren: ‘Welja, met deze beslissing kan de regering vallen en is de kans reëel dat wij stemmen verliezen. Maar echt, wij verliezen liever verkiezingen dan idealen. Wij verliezen liever zetels dan principes. Wij geloven dat politiek niet enkel over winst gaat, maar ook over waarden. Wij geloven niet enkel in politiek leiderschap maar ook moreel leiderschap. Martelen en folteren, daar doen wij niet aan mee. Samenwerken met een volstrekt totalitair regime, daar doen wij niet aan mee. Schenden van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, daar doen wij niet aan mee. Als wij voor die principes moeten betalen, so be it. Zij zijn het waard. De geschiedenis duurt langer dan de komende vier jaar.’

Het alternatief is dat Theo Francken ootmoedig toegeeft dat hij een zware inschattingsfout heeft gemaakt, zowel bij dat terugsturen naar Soedan als dat voorliegen van de Wetstraat. Dat zou hem sieren. Misschien krijgt hij dan alsnog een kans om zijn beleid te ontdoen van verbale brallerigheid en te focussen op een van de moeilijkste dossiers van deze tijd: het vinden van een moeizaam evenwicht tussen de rechten van het individu en de mogelijkheden van een gemeenschap, tussen de acute noden van vandaag en de grote uitdagingen van de komende decennia.

Beide scenario’s zijn eervol. Maar laat ons alstublieft ophouden met dat beschamende welles-nietes-spelletje dat nu overblaft wordt door het beredeneerde dreigement van een partijvoorzitter. De vraag is niet of de NVA onklopbaar is. De vraag is of de politiek enkel uit cynisme kan bestaan. Zegt u het maar.

David Van Reybroeck



2018 – Bezonken rood – Tekst

Cultuur Posted on 2018-01-06 15:19:57

De wind, die eigenlijk alleen zo nu en
dan maar eens komt neergestreken, voortdurend komende van en onderweg naar
elders, maar nooit constant op één plaats bezig, draagt vlaagsgewijs nu eens
verkwikkende, dan weer onverkwikkende geuren aan, en soms een wolk vlinders of
libellen, maar ook wel soms een zwerm zwarte vogels, en is hij weer voorbij,
dan blijft nog geruime tijd alles in de tuin, wat maar bewegen kan en door hem
is aangeraakt, in beweging.’

Deze mysterieuze volzin vind ik terug in
een aantekenboekje van meer dan tien jaar geleden. Ik heb hem nooit in enige
tekst, kunnen gebruiken, maar na al die jaren zet ik hem hier maar neer. Ik
weet nu dal deze zin een metafoor is: hij zou in een rouwadvertentie of in een
doodsbrief kunnen staan. ‘De wind’, dat is: iemands leven.

Niets bestaat dat
niet iets anders aanraakt.

Jeroen Brouwers

‘Louwhoek’, Exel

30 januari – 2 mei 1981

De volledige tekst kan je vinden op mijn website www.bobgermeys.be



2018 – Bezonken rood

Cultuur Posted on 2018-01-06 08:24:41



2018 – Londen

Reizen Posted on 2018-01-04 15:26:46

10 Jaar geleden begonnen An en ik met een mooie traditie.
Bij de 10de verjaardag van een kleinkind zouden we – tijdens de krokusvakantie – samen met hen een citytrip naar Londen maken …
en zo gebeurde …

In 2008: Elise
In 2009: Charlotte
In 2010: Laure
In 2014: Luna en Simon
In 2016: Joren en Milan

En dit jaar zijn onze laatste 2 kleinkinderen – Eline en Noa – aan de beurt.
Elke trip was een onvergetelijke gebeurtenis waar we nu nog steeds met veel plezier over napraten … mooie herinneringen voor het leven …



2018

Algemeen Posted on 2018-01-03 16:06:36



2018 – Sammie

Familie Posted on 2017-12-21 15:11:48



2017

Familie Posted on 2017-12-19 07:12:48

2017 was voor onze familie een heel mooi jaar.
An en ik genoten van familiale feesten zoals de eerste communie van Noa en het vormsel van Luna en Simon.

Onze dochters Inez, Eva en Linn en hun partners Erik, Jurgen en Tim staan stevig in het leven en bezorgen ons veel plezier. We zijn een hele fiere mama en papa 🙂

Onze kleindochter Elise behaalde mooie resultaten in haar eerste jaar rechten aan de KU Leuven en Charlotte begon er haar studies van bio-ingenieur. Hun zus Laure fladdert door haar laatste jaren latijn- wiskunde en Luna en Simon zetten de grote stap naar het middelbaar onderwijs.

Milan, Joren, Eline en Noa zijn niet alleen goede vrienden, maar ook zij doen het heel goed in school en in alle leuke hobbies die ze hebben. We zijn een hele gelukkige oma en opa 🙂

Zelf gingen we een aantal keren met onze ‘Dreamer’ op vakantie naar heerlijke zuiderse landen … en kregen we een lief hondje ‘Sammie’ in ons gezin …

An geniet nog steeds van haar Flamenco lessen en zelf vierde ik, in goede gezondheid, mijn 70ste verjaardag. We are happy together 🙂

An en ik wensen jullie allemaal prettige feestdagen en een interessant 2018.



Isolde

Algemeen Posted on 2017-12-18 09:23:12



Winterwondermarkt

Algemeen Posted on 2017-12-18 07:29:41



Website

Algemeen Posted on 2017-12-02 22:05:25

Deze week heb ik mijn website op Facebook gezet.

Niet iedereen zal dit even verstandig vinden, want ik geef me behoorlijk bloot op deze manier. Maar ik heb niks te verbergen en ik sta achter elke letter die ik schreef.

Na 20 jaar het gesproken woord in toneelgroep Talkatief en het Staltheater en 30 jaar presentatie van het wereldDANSfestivalEDEGEM, geniet ik er nu van om me in geschreven taal uit te drukken.



Radio 2

Algemeen Posted on 2017-11-29 17:50:05

Naar aanleiding van de nieuwe website Psychosenet.be kwam Inez op bezoek bij
De Madammen om te vertellen over haar onderzoek naar psychose aan de KU Leuven.

Knap gedaan Inez!



Klara Top 100

Cultuur Posted on 2017-11-26 21:21:08

01. Stabat Mater – Giovanni Battista Pergolesi

02. Mattheuspassie – Erbarme Dich – Johann Sebastian Bach

03. Spiegel Im Spiegel – Arvo Pärt

04. Symfonie Nr. 6 Pastorale – Ludwig Van Beethoven

05. Mattheuspassie – Wir Setzen Uns Mit Tränen Nieder – Johann Sebastian Bach

06. Weihnachtsoratorium – Jauchzet, Frohlocket – Johann Sebastian Bach

07. Requiem – Lacrimosa – Wolfgang Amadeus Mozart

08. De Moldau – Bedrich Smetana

09. Nabucco – Slavenkoor Va Pensiero – Giuseppe Verdi

10. Carmina Burana – O Fortuna – Carl Orff

11. De Vier Seizoenen – De Lente – Antonio Vivaldi

12. Orfeo Ed Euridice – Che Faro Senza Euridice – Christoph Willibald Von Gluck

13. Pianoconcerto Nr.3 – Allegro Ma Non Tanto – Sergei Rachmaninov

14. Pianoconcerto Nr.2 – Moderato – Sergei Rachmaninov

15. Canon – Johann Pachelbel

16. Toccata En Fuga In D – Johann Sebastian Bach

17. Rhapsody In Blue – George Gershwin

18. Messiah – Allelujah – George Frideric Handel

19. Miserere – Gregorio Allegri

20. Lakmé – Bloemenduet – Leo Delibes

21. Peer Gynt Suite – Ochtendstemming – Edvard Grieg

22. Symfonie Nr. 9 Slotkoor Alle Menschen werden Brüder – Ludwig Van Beethoven

23. Bolero – Maurice Ravel

24. Die Zauberflöte – Koningin Van De Nacht – Wolfgang Amadeus Mozart

25. Magnificat – Johann Sebastian Bach



ZIGO – Zwijgen is geen optie

ZIGO Posted on 2017-11-17 07:21:09


Dalilla HermansJonas GeirnaertMichael Van PeelPiet ColruytWalter Zinzen

Jonathan HolslagHelena GheeraertAlexia LeysenMarjan GrysonJeroen Vereecke

Caro LemeireWouter TorfsThomas GoordenSaskia Van NieuwenhovenTom Cochez

Hans ClausPascal VandenhendeJozefien DaelemansPaula MarckxBert Bernolet

Arnoud RaskinAnniek GavriilakisSteven DesairIgnace SchopsTobias Leenaert

Dirk BryssinckMurielle Victorine Scherre ( Deel 1 ) – Murielle Victorine Scherre ( Deel 2 )

Kurt PelemanAline MuylaertMaaike EggermontSerge de GheldereSteven Vromman

Liesbeth VlerickRadicalisering Deel 1



Mijn Muziek

Cultuur Posted on 2017-11-17 07:17:23

The Stranglers – Skin Deep

Noordkaap – Ik hou van U

Moby – The Perfect Live

Eric Clapton and Steve Winwood – Tell the Truth

Bram Vermeulen – De Steen

Orchestral Manoeuvres In The Dark – Enola Gay

Andre Brasseur – Early Bird

The Spencer Davis Group – Gimme Some Lovin

The Rolling Stones – Angie

Gorki – Mia

David Bowie – Tina Turner – Tonight

Duffy – Mercy

London Grammar – Strong

Coldplay – Clocks

Creedence Clearwater Revival – Bad Moon Rising

Bachman Turner Overdrive – You Aint Seen Nothing Yet

Vengaboys – We like to Party!

Peter Gabriel – Sledgehammer

Coldplay – Yellow

Sam the Sham and the Pharaos – Wooly Bully

Sir Douglas Quintet – She’s About A Mover

Mitch Ryder & The Detroit Wheels – C.C. Rider

Bryan Ferry – Let’s Stick Together



Armoede

Sociaal Posted on 2017-11-11 09:57:26

Waar ter wereld dit ook mag zijn, het doet pijn …



Eva

Familie Posted on 2017-11-05 10:32:49

Hieronder
een link naar een webinar van het GFP Training Institute waar ons Eva heeft aan meegewerkt. Toen An en ik dit te zien kregen, zijn we bijna van onze stoel gevallen van
verbazing …

https://vimeopro.com/user55840357/trailer29092017a

Paswoord: op aanvraag bij bob.germeys@skynet.be

Knap gedaan Eva !!! Proficiat !!!



2017 – 19 oktober – 70 jaar

Familie Posted on 2017-10-31 05:47:12

Lieve An,
Morgen word ik 70 …
Al méér dan 50 jaar kennen we mekaar … in goede en in kwade dagen … zoals we dat zeiden bij ons huwelijk. Bijgaand liedje draag ik op aan jou … dank zij jou ben ik wie ik nu ben … en dat mag heel de wereld weten.
Ik zie je graag An en ik hoop dat we samen nog 20 mooie jaren mogen beleven met onze kinderen en kleinkinderen …
Bob

Noordkaap: Ik hou van U



2017 – Durbuy

Reizen Posted on 2017-10-31 05:46:46

Op 14 en 15 oktober genoten we van een heerlijk nazomer weekendje in Durbuy.

Aangezien ik 4 dagen later 70 zou worden, maakten we van de gelegenheid gebruik om heerlijk te gaan tafelen in Restaurant Vieux Pont.


Meer foto’s.



2017 – Sammie

Familie Posted on 2017-10-31 05:46:09

Meer foto’s



2017 – Nazomervakantie

Reizen Posted on 2017-10-31 05:44:15

4 sep – 16 sep – Provence – Camargue.

https://youtube.com/watch?v=ec-C6yt2oCg

Selonguy – Goudargues – Le Clos du Rhone – Les-Saintes-Maries-de-la-Mer – Avignon – Saint Remis de Provence …

Meer foto’sVideo



2017 – Zomervakantie

Reizen Posted on 2017-07-29 11:46:20

19 juni – 18 juli 2017.

Na een mooie vakantie met onze Dreamer zijn we terug thuis.

Via Duitsland (Augsburg) – Oostenrijk (Milstattersee) – Slovenië gingen we naar Kroatië (Rovinj). Nadien gingen we naar Italië (Dolomieten – Cavallino – Lago Maggiore) en Frankrijk (Alpen – Col de L’Izoard – Guillestre – Nancy).

Gedurende 4 weken genoten we van ons puppy hondje Sammie. Het was heerlijk om haar beter en beter te leren kennen en nu kunnen we haast elk geluidje vertalen in honger, dorst, moe, pipi, kaka … Hoewel ze het niet kan zeggen, denken wij dat ze ook veel van ons heeft geleerd. Afgaand op de duizend likjes die ze ons elke dag wil geven, denken we dat ze heel blij is om bij ons te zijn en dat gevoel is helemaal wederkerig.

Bij aankomst in Cavallino, vlakbij Venetië, hoorden we toevallig het liedje The Perfect Life van Moby door de bomen waaien … met ontroering besefte ik dat An en ik dit perfecte leven eigenlijk aan het beleven zijn. Het liedje laat ons sindsdien niet meer los en elke dag luisteren we er naar, in het besef dat gelukkig zijn eenvoudig is: samen genieten van dingen die je de moeite waard vindt.

Nu er geen 42ste editie van het wereldDANSfestivalEDEGEM komt, hebben An en ik voor het eerst in méér dan 30 jaar ook tijd om in juli en augustus aan onszelf te denken en dat gaan we ook doen …

Meer foto’s.



2017 – 3 juni – Vormsel Simon

Familie Posted on 2017-06-03 07:14:03

Vormsel Simon.

Meer foto’s: http://galerijbob.bobgermeys.be/#!album-12



2017 – 25 mei – Vormsel Luna

Familie Posted on 2017-05-29 12:01:29

Vormsel Luna.

Meer foto’s: http://galerijbob.bobgermeys.be/#!album-14



2017 – 2 mei – Sammie

Familie Posted on 2017-05-03 10:53:40

Sammie werd op 6 maart 2017 geboren in Wiekevorst.

Op 2 mei gingen we haar daar ophalen en vanaf nu is zij ons hondje 🙂



2017 – 1 mei – Eerste communie – Noa

Familie Posted on 2017-05-01 07:07:37

1 mei 2017 – Eerste communie van ons Noatje 🙂

Meer foto’s: http://galerijbob.bobgermeys.be/#!album-15



2017 – Paasvakantie

Reizen Posted on 2017-04-25 12:07:59

Van maandag 10 april tot maandag 24 april 2017 trokken An en ik naar het zuiden van Frankrijk en daarna naar Catalonië in Spanje, 14 heerlijke dagen zon, een aangename temperatuur en een zee van tijd. We genoten van de Semana Santa in Tarragona, de strandwandelingen in Benicassim en Marsaillan Plage en de fietstochtjes aan de boorden van de Costa del Azahar … Benicassim staat ingeschreven in onze TOP 3 aller tijden.

Meer foto’s: http://galerijbob.bobgermeys.be/#!album-16



Viert de liefde

Algemeen Posted on 2017-03-23 18:55:28

“Viert de liefde”: de tekst die Kristin Verellen voorlas in Maalbeek

Viert de liefde
22 maart
Dit is ook m’n verjaardag
Op eerste gezicht is er niets te vieren
En toch viert de liefde

De liefde
Het broze en onbreekbare lijntje dat ons verbindt met onze geliefden tot over de dood
De liefde die me nog dagelijks doet breken… in tranen
De liefde die me toch weer doet opstaan, met meer kracht dan er in dit lijf is
De liefde die ons uit onze schuilplaatsen doet komen om ons verdriet en hoop met elkaar te delen
De liefde die maakt dat we in elkaars ogen kunnen kijken en daar naast de ander ook onszelf zien
De liefde die maakt dat we elkaar kunnen ontmoeten over de verschillen heen
De liefde die maakt dat we gewoon ons zelf kunnen zijn, en zo ook de andere anders laten zijn.
Want zonder verschil geen echte ontmoeting. En zonder ontmoeting geen liefde.

De liefde ook die ons uit onze huizen doet komen om samen te komen in cirkels
Cirkels waarin we luisteren naar ons hart en onze stem laten horen
Cirkels waarin we onszelf terugvinden in contact met elkaar en met de stilte in ons en rondom ons
Cirkels waarin we ons herinneren dat samenzijn er is om ons te helen en niet om ons kapot te maken

We zijn geboren verbonden met de andere. In het begin zelfs één met onze moeder.
Het leven leert ons eerst autonoom te worden, en dan te leven in verbondenheid met elkaar.
Soms lijkt het dat we beide zaken kwijt zijn. Dat we terug hebben te leren onze autonomie te herwinnen en in verbondenheid de weg van ons leven te gaan.
Zodat het afscheid op het einde ons niet scheidt.
Zodat er in de zucht tussen geboorte en dood, een beetje liefde kan zijn en mag blijven.
Als we niet de keuze hadden over waar en hoe we op deze wereld zijn gekomen, dan hebben we alvast de keuze over hoe we onze weg naar het einde maken en welke herinnering we achterlaten bij de anderen.
Ja, we hebben de keuze.
Ik nodig jullie uit om elkaar en jezelf te onmoeten in één van de komende verbindende Cirkels van We have the choice.

Kristin Verellen

http://deredactie.be/permalink/1.2930512



Charity

Algemeen Posted on 2017-03-13 07:35:32

R.I.P. Charity.

Met ontzetting vernemen wij het overlijden van Charity H.Kuluse – Shaka Zulu – Zuid-Afrika. Charity was in 2012 bij ons in Edegem tijdens het wereldDANSfestivalEDEGEM.



Stephen R. Covey

Algemeen Posted on 2017-02-27 17:51:07

7 Habits of Highly Effective People – Stephen R. Covey

1. Be proactive

2. Begin with the end in mind

3. Put first things first

4. Think win/win

5. Seek first to understand, then to be understood

6. Synergize

7. Sharpen the saw



Michael Van Peel

Algemeen Posted on 2017-02-19 07:49:19


Michael Van Peel overleeft 201520142013 2012



2017 – 23 januari – Verjaardag Charlotte

Familie Posted on 2017-01-24 08:26:47

23 januari 2017 – 17de verjaardag van ons Chotteke 🙂



10 Rules for success

Algemeen Posted on 2017-01-22 10:26:02

01. Keep moving forward
02. Be authentic
03. Work hard
04. Don’t be afraid to fail
05. Choose your own path
06. Earn success
07. Take your role seriously
08. Enjoy the balance
09. Do what is hard
10. Have fun


https://youtu.be/RdePbLi8-ao



6 van de 9

Familie Posted on 2017-01-21 15:04:45



Michelle & Barack

Algemeen Posted on 2017-01-21 07:28:22

What makes a good citizen?
Democracy is all about showing up, diving in, and staying at it. But how? Here at the Obama Foundation, we’re just getting started on what good citizenship in the 21st century means.

Your thoughts and ideas will make our Foundation a better, more powerful force for good. We can’t wait to hear what you’re thinking.

Share your stories with us. Tell us what issues you care about. Let us know what people, organizations, and companies inspire you to be a good citizen.

https://www.obama.org/share-take-action/



Obama of Trump

Algemeen Posted on 2017-01-19 06:26:15



Confucius

Algemeen Posted on 2016-12-11 06:54:57


All things have a beginning and an end. So it is with mankind: there is a beginning and end to all human affairs. He who understands what is a beginning and what is an end is closer to the truth. — Confucius



Dat ik je mis

Algemeen Posted on 2016-12-10 14:44:38

Je kust me, je sust me, omhelst me, gerust me
Je vangt me,
Verlangt me
Oneindig ontbangt me
Je roept me
Je hoort me
Je redt en verstoort me
Gelooft me,
Berooft me
Verstikt en verdooft me

Je ademt en leeft me
Siddert en beeft me
Vertrouwt me,
Beschouwt me als mens
En weerhoudt me
Van bozige dromen
Die op komen dagen
De eenzame vragen van eindig geluk

Met je krullen
Als nacht
Hoe je praat, hoe je lacht
Hoe je stem zo dichtbij als een engel verzacht
In mijn dromen doorstromen,
Oneindige leegtes
Je remt me
Je temt me
Je roert en beweegt me

Ik mis je
Ik mis je
Ik grijp je, ik gris je
Ik wil je
Bespeel je,
Ik roer en beveel je
Om bij me te blijven
In donkere nachten
Niet meer te smachten naar jou

Laat me los
Ik moet nu alleen
En houdt me vast als het nodig is
In gedachten
Ik zoek je in alles om me heen
Maar al denk ik soms dat het zo beter is
Kan ik het niet helpen dat ik je soms mis

Ik smoor je
Bevroor je
Verlos, en verloor je
Weg naar een andere plek maar ik hoor je
Omarm je
Verwarm je
Ik zie je en voel je
Ik aai je
Ik streel je
Ik knuffel en kroel je

Je rijpt me
Begrijpt me
Verwart en misleidt me
Het schrikt me soms af
Hoeveel ik op je lijk nu

Mijn glimlach
Mijn tranen
Mijn liefde voor leven
Het spijt me van alles
Kom help en bevrijd me

Laat me los
Ik kan het alleen
Maar houd me vast als het nodig is
In gedachten
Ik vind je in alles om me heen

Maar al denk ik soms dat het zo beter is
Kan ik het niet helpen dat ik je mis

Ik kus je
Ik sus je
Ik doof en ik blus je
Je blijft heel dichtbij me
Maar in mijn hoofd rust je

Maaike Ouboter



Maaike Ouboter

Algemeen Posted on 2016-12-10 14:37:45

“Je hoeft je niet noodzakelijk af te schermen van verdriet”

De tien waarheden van Maaike Ouboter

Eén keer Dat ik je mis zingen: meer moest Maaike Ouboter (24) drie jaar geleden niet doen om zich in ons collectief geheugen te nestelen. Nu donderdag treedt ze op in de Arenbergschouwburg in Antwerpen. Wijzer en meer ervaren, maar nog altijd met de woorden van haar oma in het achterhoofd: “Denk nooit dat je het allemaal begrepen hebt.”

Laat ik beginnen met een understatement: Maaike Ouboter houdt van nuances. Tijdens ons twee uur durende gesprek corrigeert, preciseert en herformuleert ze net zolang tot al haar woorden op de juiste plaats staan en alleen een laag overvliegende straaljager nog zou kunnen beletten dat ik haar begrijp. Dat er een hemelsbreed verschil is, zegt ze bijvoorbeeld, tussen En hoe het dan ook weer dag wordt – de mooie titel van haar debuutalbum – en ‘Na regen komt zonneschijn’ – de populaire dooddoener.

Dat het niet is omdat ze ten behoeve van ons gesprek tien levensbeschouwelijke statements heeft neergepend, dat ze die zelf ook elke dag in de praktijk brengt. Of hoeft te brengen. En dat ze een stuk feller, levenslustiger en af en toe ook lomper is dan mensen op basis van haar in weemoed gedrenkte liedjes denken.

Dezelfde gelaagdheid demonstreerde ze ook al toen ze drie jaar geleden deelnam aan het tv-programma De beste singer-songwriter van Nederland. In Dat ik je mis, het nummer waarmee ze alle harten in de Lage Landen aan het gloeien kreeg, mengde ze vele emotionele kleurtinten. Als één woord niet volstond, gebruikte ze er een hele resem: ‘Je kust me, je sust me, omhelst me, gerust me / Je vangt me, verlangt me, oneindig ontbangt me.’ En terwijl haar stem zong over ‘bozige dromen en eenzame vragen’, vertelden haar ogen dat ze malgré tout blijmoedig in het leven staat.

Ze zat nog op de middelbare school toen haar beide ouders overleden. Dat verlies sloeg een krater in haar ziel, die wat haar betreft niet tijdens elk interview bezichtigd moet worden. Maar tijdens onze tête-à-tête in het Antwerpse Grand Café deSingel neemt ze me er op eigen initiatief mee naartoe: de afwezigheid van haar ouders is nu eenmaal aanwezig in haar tien waarheden. “Ik heb al een paar keer moeten ondervinden dat het leven van de ene dag op de andere voorbij kan zijn. Dat verandert je kijk op de dingen.”

Ik vraag of haar snotneusleeftijd het formuleren van levenswijsheden in de weg zat. “Ik heb me een paar keer afgevraagd of mensen bij het lezen van mijn zogenaamde waarheden niet hoofdschuddend zouden mompelen: ‘Ach, meisje toch…’ Maar tegelijk dacht ik: misschien word ik maar 30, heb ik het grootste deel van mijn leven nu al achter de rug en kan ik dus wél voor een ervaringsdeskundige doorgaan. Daar heb ik me dan maar aan vastgeklampt. (lacht) Al vind ik het altijd heel moeilijk om de stap te zetten van twijfelen naar weten. Ik vraag me vaak af: ga ik hier nu een standpunt over innemen of blijf ik lekker nog wat weifelen?”

Ze had graag ook een oneliner over de liefde geschreven, zegt ze. Maar dat mysterie liet zich bij nader inzien moeilijk verzoenen met het concept ‘waarheden’. Gelukkig zingt ze wel over de liefde. Zoals in Als het kon, met die wondermooie, steeds terugkerende zin ‘Ik had me zo graag willen vergissen in jou’. Romantiek ontdaan van naïviteit: genuanceerder kan een liefdesverklaring niet zijn.

1 Je Kunt Een Keuze Niet Altijd Terugdraaien. Maar Je Kunt Altijd Wel Weer Een Nieuwe Keuze Maken.

“‘As is verbrande turf’, zei mijn oma altijd. Waarmee ze bedoelde: wat gebeurd is, is gebeurd. Het heeft geen enkele zin om de klok te willen terugdraaien. Heb je een keuze gemaakt die je achteraf bekeken misschien beter niet had gemaakt? Verlies je dan niet in ‘had ik maar zus of had ik maar zo’-gedachten, maar maak gewoon een nieuwe keuze. Spijt is een waardeloze emotie. Als iets niet lukt, doe je gewoon iets anders.

“In 2012 ben ik zes maanden naar Australië gegaan. Daar had ik op voorhand lang over getwijfeld. Ik had in die periode veel verdriet en vroeg me af: ‘Is het wel een goed idee om in die gemoedsgesteldheid zo ver van huis te zijn? Wat als ik me eenzaam voel? Wat als het helemaal niet leuk wordt?’ Nu weet ik dat elke poging om van tevoren dat soort vragen te beantwoorden verspilde energie is. Ik had gewoon meteen op het vliegtuig moeten stappen. En als ik me in Australië ongelukkig had gevoeld, had ik gewoon vroeger dan gepland kunnen terugkeren. Het was helemaal niet erg geweest om te moeten toegeven: ‘Okee, dit is niks voor mij, ik ga iets anders doen.’ Hoe sneller je beseft dat je na elke keuze ook weer een andere keuze kunt maken, hoe minder moeilijk het maken van keuzes wordt. En hoe meer je in je leven van alles gaat ondernemen.”

2 Niets Is Zoals Het Was, Maar Slechts Zoals Het Herinnerd Wordt. (Ramón del Valle-Inclán, Spaans schrijver)

“Het verleden is een subjectieve aangelegenheid. Kinderen uit eenzelfde gezin kunnen hun jeugd op een totaal verschillende manier beleefd hebben. Stel: wij zijn broer en zus en we hebben thuis allebei enorm veel liefde gekregen. Het is perfect mogelijk dat jij die liefde als een zegen hebt ervaren en een heel gelukkige jeugd hebt gehad en dat ik die liefde als beklemmend heb ervaren en een veel minder gelukkige jeugd heb gehad. Ieder zijn waarheid, weet je wel.

“En toch gaan ruzies vaak over hóé iets gebeurd is. ‘Het is zo gegaan.’ ‘Nee, het is zus gegaan.’ Zinloze discussies. In plaats van te zeggen ‘Zo was het’, kun je beter zeggen: ‘Zo was het voor mij’. Maar die nuance wordt in gesprekken haast altijd vergeten. De subjectiviteit van het verleden wordt zelden erkend.

“Mensen hebben gewoon de neiging om feiten veel te belangrijk te vinden. Persoon A zegt: ‘God bestaat.’ Persoon B zegt: ‘God bestaat niét.’ Maar eigenlijk doet het er helemaal niet toe of God nu bestaat of niet. Veel belangrijker is de vraag: waarom is het voor persoon A zo belangrijk dat God wél bestaat en voor persoon B dat hij niét bestaat?”

Ik vraag welke herinneringen haar geheugen het langst bewaart: de goeie of de slechte. “Ik denk vooral terug aan de goeie dingen die ik heb meegemaakt. En dat is heel fijn, maar ik zou soms ook de minder goeie dingen willen terughalen. Zeker als het over mijn ouders gaat. Ik herinner me hen als gelukkige, liefdevolle en warme mensen. En dus denk ik: zo moet ik ook zijn. Alleen kan ik dat niet altijd opbrengen: er zijn dagen waarop ik alles kut vind en helemaal niet zo gelukkig ben. Op die dagen heb ik het nare gevoel dat ik mijn ouders geen eer aandoe: ik ben immers niet even goed en vrolijk als hen. Als ik me ook hun slechte momenten zou herinneren, zou ik makkelijker mijn eigen dipjes kunnen relativeren.”

Is haar bovengemiddelde talent voor melancholie het gevolg van het vroegtijdige afscheid van haar ouders? “Ik denk het wel, ja. Ik heb van mijn ouders heel veel liefde gekregen. Maar jammer genoeg is die liefde er nu niet meer. Of toch niet in dezelfde vorm. De verleiding om erop terug te blikken, is dus groot.

“Los daarvan projecteer ik mijn eigen emoties nogal snel op andere mensen. Een man die alleen in een café zit, heeft voor mij automatisch iets melancholisch. Terwijl de man in kwestie misschien lekker zit te chillen en denkt: héhé, eindelijk alleen.” (lacht)

3 Veel Mensen Luisteren Om Te Kunnen Antwoorden, Niet Om Te Kunnen Begrijpen.

“Gesprekken zijn niet altijd échte gesprekken. Sommige mensen luisteren alleen maar naar anderen om daarna weer zo snel mogelijk over zichzelf te kunnen beginnen. Anderen willen dan weer krampachtig bewijzen dat ze iets intelligents kunnen toevoegen aan wat hun gesprekspartner zonet gezegd heeft of voelen de noodzaak om kritiek te geven. Mensen vergeten vaak gewoon te luisteren om te begríjpen. Dat is jammer.”

Maar wél handig als je graag ruziemaakt, zeg ik. Als je iemand schaakmat wil argumenteren, is begrijpen nergens goed voor. “Ik vind ruziemaken heel moeilijk. Het liefst van al zou ik nu en dan een time-out inroepen om na te denken over wat er allemaal gezegd is om vervolgens met een doordachte repliek op de proppen te komen. Maar het format van een ruzie leent zich daar natuurlijk niet toe. Als iemand iets tegen je roept, kun je moeilijk terugschreeuwen: ‘IK MOET HIEROVER NADENKEN, OK?!!'” (lacht)

4 De Kracht Van Het Verder Komen, Is De Verwondering.

“Er wordt vaak lullig gedaan over verwondering. Alsof mensen die zich ergens over verwonderen naïevelingen zijn die in hun vrije tijd bomen knuffelen. Verwondering hoeft helemaal niet kinderlijk of zweverig te zijn. Het is vooral de gave om oorspronkelijk te denken. Om mensen, plaatsen en dingen niet automatisch in te delen op basis van wat je al kent, maar om nieuwsgierig te zijn en je oordeel uit te stellen. Als je alles al denkt te weten, mis je heel veel. Het kan zelfs leuk zijn om ook het bekende opnieuw te leren kennen. Zo zie je vaak nog eens wat anders.”

5 Kinderen Observeren De Wereld Met Open Ogen. Tot Ouders Ze Leren Dat Ze Niet Mogen Staren. En Zo Leren We Af Om Echt Te Kijken.

“Deze waarheid ligt in het verlengde van de vorige. ‘Staren’ staat hier voor: ongegeneerd nieuwsgierig zijn. Kinderen kunnen dat heel goed. Ze gaan weleens met grote ogen voor je staan om in een razend tempo vragen op je af te vuren: ‘Hoe heet jij?’, ‘Hoe oud ben jij?’, ‘Ben je getrouwd?’, ‘Waarom heb jij een groene broek aan?’ Heel veel ouders zeggen dan: ‘Stop daarmee, dat is onbeleefd.’ Maar waarom zou vragen stellen onbeleefd zijn? Waarom zou een kind niet nieuwsgierig mogen zijn? De bestemmeling van het vragenvuur kan toch nog altijd zeggen: ‘Daar geef ik liever geen antwoord op?’

“Het is natuurlijk een cliché om te zeggen dat kinderen goed zijn en dat het kwaad er pas later insluipt. Zo zwart-wit is het niet. Maar kinderen zijn wel per definitie oorspronkelijk. Ze hebben nog niet geleerd wat sociaal zogenaamd aanvaardbaar is. Ik ken mensen die allergisch zijn voor dat ‘kinderen zijn toch zo puur’-gelul. Maar eigenlijk houden ze niet van het waardeoordeel dat aan die puurheid gekoppeld wordt. Want om de vaststelling zelf – dat kinderen zich over de wereld verwonderen – kun je niet heen.”

Denkt ze weleens na over wat voor moeder ze zou willen zijn mocht ze later kinderen krijgen? “Nee, niet echt. Maar ik denk wel dat je met kinderen meer kunt bespreken dan de meeste mensen lijken te denken. Als er iets lastigs besproken moet worden, zeggen volwassenen vaak: ‘Niet waar de kinderen bij zijn!’ Maar kinderen begrijpen meer dan je denkt. Mijn neefje van vier vroeg me onlangs: ‘Waar zijn jouw ouders?’ Ik antwoordde nogal zuinig: ‘Die zijn er niet.’ Waarop hij: ‘Zijn ze dood?’ Ik dacht even na en zei: ‘Ja, ze zijn dood.’ ‘Ben je nu verdrietig? Je ziet er namelijk niet verdrietig uit.’ ‘Op dit moment ben ik niet verdrietig, nee. Maar op andere momenten dan weer wel.’ Nou, dat begreep hij allemaal perfect. En ik dacht: dit gesprek is te gek. Waarom deed ik er in het begin moeilijk over? Er is geen enkele reden waarom ik de dood van mijn ouders niet met mijn neefje van vier zou bespreken.”

6 Zonder Verandering Zouden Er Geen Vlinders Zijn.

“Sin cambios no hay mariposa: die zin stond op een servetje dat ik ooit van iemand kreeg in een café in Barcelona. Een mooie beeldspraak vind ik dat. Ik lees erin dat je moet accepteren dat de dingen per definitie veranderen. Verandering hoort bij het leven. Het heeft weinig zin je daartegen te verzetten.

“Zou jij aan een relatie beginnen als je op voorhand wist dat die relatie over een halfjaar alweer voorbij zou zijn? Ja? Ik ook. Maar sommige mensen dus niét. En dat is zonde. Want waarom zou je er in godsnaam niét aan beginnen? Als die relatie iets is wat je op dat moment echt heel graag wilt? Oké, op het moment dat de relatie eindigt, ga je je verdrietig voelen. Maar van dat verdriet ga je ongetwijfeld ook weer iets opsteken. Dus daar hoef je je niet noodzakelijk van af te schermen.

“Ik hou écht van verandering. Als een relatie voorbijgaat, vind ik dat wel erg, maar niet in die mate dat ik denk: ‘Ik zou deze episode graag uit mijn leven schrappen.’ Nee, laat dat hoofdstuk er maar gewoon in. Met inbegrip van alle fouten en stommiteiten.”

Als ze vrede heeft met veranderingen in haar leven, kan ze dan ook makkelijk afscheid nemen? “Toen ik na mijn reis in Australië weer op het vliegtuig naar Nederland stapte, brak mijn hart. Ik heb de hele vlucht gehuild, miste de mensen die ik ginds had leren kennen, had totaal geen zin om terug naar huis te gaan. Dat verdriet heeft me een tijdje vergezeld, maar toch duurde het niet zo lang voor ik besefte: wat ik in Australië heb meegemaakt, zal ik nooit meer niét hebben meegemaakt. Al die herinneringen hou ik voor de rest van mijn leven bij. En ik kan er altijd in bladeren. Zo ben ik al bij al nog vrij snel opnieuw vrolijk geworden.” (lacht)

7 Het Gaat Niet Zozeer Om Het Verbeteren Van De Samenleving, Maar Om Het Máken Van Een Samenleving. (Simon Allemeersch, Gents kunstenaar)

“Ik ben begaan met de wereld waarin ik leef. We zijn hier niet enkel om onszelf gelukkig te maken en dan weer op te krassen. Het is eerbaar om de wereld te willen verbeteren.

“Maar volgens de Gentse kunstenaar Simon Allemeersch moeten we ophouden met te denken in termen van ‘een betere wereld’. ‘Als we het over verbetering hebben’, zegt hij, ‘hebben we het eigenlijk over groei. Over meer, hoger, mooier, langer, gezonder. En dat is niet zo nuttig. We zouden beter een mentaal nulpunt creëren. Niet refereren aan wat er al is, maar gewoon beginnen met de vraag: hoe willen we op dit moment met elkaar samenleven? Dat opent de mogelijkheid om een aantal dingen helemaal anders aan te pakken.’ En hij heeft gelijk. Als je van een maagdelijk wit blad vertrekt, denk je op een andere manier na over de wereld dan wanneer je de huidige samenleving als referentiepunt neemt. Dat vond ik een heel inspirerend inzicht.”

Ik vraag of de staat van de wereld bij machte is haar gemoedsgesteldheid te beïnvloeden. “Soms wel. Wat me bijvoorbeeld zorgen baart, is dat veel mensen het plots weer een goed idee vinden om overal muren te gaan bouwen. Terwijl we het er nog niet zo lang geleden over eens waren dat muren beter afgebroken worden. Dat stemt me weleens somber.”

8 Het Is Een Kwestie Van Durven, Meer Niet. Dat Geldt Voor Alle Kunst, Dus Ook Voor Die Van Het Leven. (Arthur Japin in Vaslav)

Ze vertelt dat de quote van Arthur Japin haar eraan herinnert dat ze niet alleen in haar leven, maar ook in haar kunst meer risico’s moet nemen. Ik vraag haar of ze als songwriter al durft om alle schaamte van zich af te werpen. “Het lukt me steeds beter om op een waarachtige manier te schrijven over wat ik voel, ook al is dat bij momenten best confronterend. Ik laat me tegenwoordig ook minder leiden door wat critici van een nummer zouden vinden. Het gebeurt dat er tijdens het schrijven van een liedje plots woorden door mijn hoofd flitsen die mensen in hun beoordeling van mijn muziek ooit gebruikt hebben. ‘Zeikmuziek’. Of: ‘aanstellerij’. Vroeger verlamde me dat. Nu probeer ik me daar niks meer van aan te trekken.”

9 Je Mag Ook Lelijke Dingen Maken.

“Liedjes schrijven is een ingewikkeld proces. Bij mij toch. Ik zit mezelf vaak in de weg. Als ik aan een nummer begin, denk ik soms: misschien wordt het wel een lelijk nummer. En alleen al die gedachte is genoeg om te stoppen met schrijven en iets anders te gaan doen.

“Maar niet alles wat ik maak, moet meteen mooi, goed en succesvol zijn. Er is niks mis met het maken van een lelijk liedje. Je kunt nog altijd besluiten om het niet te delen. Het maken van muziek is iets heel anders dan het delen van muziek. Dat onderscheid is belangrijk.

“Als ik schrijf, ga ik diep. Ik tuimel in het moment, dompel mezelf volledig onder in mijn nummers. En als ze dan klaar zijn, kom ik weer naar boven en sta ik er haast verwonderd naar te kijken: ‘O kijk, daar zijn ze.’ Dan lijken die liedjes plots zo klein.”

10 Het Leven Zit Vol Schijnbare Tegenstellingen.

“Als ik zeg: ‘Ik zou hier heel graag weg willen’, is de kans groot dat jij antwoordt: ‘Dus je bent hier niet gelukkig?’ Als ik zeg: ‘Ik ben toe aan verandering’, is het niet denkbeeldig dat jij zegt: ‘Dus je houdt niet van je leven zoals het nu is?’ Terwijl dat helemaal niet zo hoeft te zijn. Het leven zit vol tegenstellingen die er eigenlijk geen zijn. Soms moet je dingen loslaten om er grip op te hebben. Soms moet je angst voelen om minder bang te worden. En soms moet je eerst naar rechts gaan om links te eindigen. Dat lijkt allemaal tegenstrijdig en onnatuurlijk, maar dat is niet zo. We moeten ons dus verzetten tegen het denken in tegenstellingen. Als we dat niet doen, verliezen we een hoop nuances. En kunnen we elkaar nooit écht begrijpen.”

Maaike Ouboter

Geboren in Gouda, op 12 januari 1992
Werd bekend na haar auditie in De Beste Singer-Songwriter van Nederland
Brak door met het nummer ‘Dat ik je mis’
Debuutalbum: En Hoe Het Dan Ook Weer Dag Wordt
Werkte samen met Joost Zweegers van Novastar
Zong op de uitvaart van prins Friso
De YouTube-video van ‘Dat ik je mis’ werd al bijna 12 miljoen keer bekeken
Woont in Amsterdam



What-how-why

Algemeen Posted on 2016-12-06 07:57:40

How great leaders inspire action. Simon Sinek

Waarom zijn sommige organisaties wel succesvol en anderen niet? In zijn model ‘The Golden Circle’ (ook wel ‘Start with why’) gaat Simon Sinek uit van drie niveaus waarop organisaties en mensen opereren: wat je doet, hoe je het doet en waarom je het doet. Zijn stelling is dat meestal de derde vraag onderbelicht blijft en daarmee écht succes uitblijft.

Volgens Sinek raak je mensen alleen als je de waarom-vraag kunt beantwoorden en als het geloof daarin overeenkomt met het geloof (hoop) van de mensen. Waarom draait niet om winst te maken. Dat is het resultaat. Bij ‘waarom’ draait het om je purpose. Waar doe je het voor? Waarom bestaat je organisatie? Pas als het duidelijk is waarom een iemand of een organisatie iets doet, kunnen mensen erin geloven.

Een mooi voorbeeld van zijn visie is het antwoord op de vraag waarom mensen kiezen voor een Apple computer:

“Als Apple zoals elk bedrijf zou zijn, zou hun marketing boodschap als volg klinken:
We maken grote computers. Ze zijn gebruiksvriendelijk. Wil je er een te kopen? …
Hier is hoe Apple communiceert: In alles wat we doen, dagen wij de status quo uit, wij geloven in anders denken. De manier waarop wij de status quo uitdagen, is door het maken van prachtig ontworpen producten, eenvoudig te gebruiken, en gebruiksvriendelijk.
En toevallig zijn het grote computers. Wil je er een kopen?”

Zijn hele verhaal heeft hij beschreven in het boek ‘Start with Why: How Great Leaders Inspire Everyone to Take Action’, maar is ook in onderstaande video te bekijken.

https://youtu.be/qp0HIF3SfI4

Martin Luther King zei: I have a dream … niet … I have a plan …



Ingewikkeld

Algemeen Posted on 2016-12-04 06:50:01

Documentaire van Marie De Hert en Ellen Pollard, n.a.v. de Te Gek!?-campagne.

Ingewikkeld vertelt het unieke levensverhaal van Sven. Het is tevens een universeel verhaal over leven met een psychose.

Het is het verhaal van een man die, na jarenlange strijd, een manier heeft ontwikkeld om met zijn psychische aandoening te leven door middel van kunst, verbeeldingskracht en innovatie. Sven is echtgenoot, vader en kunstenaar. Hij worstelt met een bipolaire en schizo-affectieve stoornis waardoor hij lange periodes van zware psychose heeft gekend. Sven is er, na jarenlange strijd in de psychiatrie, in geslaagd om een kwalitatief bestaan te leiden en een gezin met kinderen te onderhouden.

https://www.canvas.be/ingewikkeld

http://weekend.knack.be/lifestyle/radar/documentaire-ingewikkeld-over-leven-met-psychoses-we-willen-de-mens-en-niet-het-label-tonen/article-normal-778479.html



Jan Terlouw

Algemeen Posted on 2016-12-02 09:21:21

2016 is nog niet helemaal achter de rug. Maar Jan Terlouws passage aan de tafel van De wereld draait door krijgt al zeker een plekje in mijn top 10 televisiemomenten van het jaar. De talkshow werd even totaal stilgelegd voor de Nederlandse schrijver en ex-politicus. Terlouws passioneel pleidooi leek wel een regeringsmededeling: kijkend recht in de camera. Zoals onze koning op 21 juli, maar dan werelds, openhartig en zonder autocue. Na zijn toespraak draaide hij zich een kwartje richting de jeugd in de studio. “Ik heb een prachtig leven gehad, ik wil dat jullie dat ook hebben.”

http://dewerelddraaitdoor.vara.nl/media/367395

http://www.dm.be/s/axc9ef671/1cLDsa



Loving Vincent

Algemeen Posted on 2016-11-26 11:40:40

Loving Vincent is the world’s first fully painted feature film. Written & Directed by Dorota Kobiela & Hugh Welchman, produced by Poland’s.

https://youtu.be/yQZvzHmAXhc

http://lovingvincent.com/



Elise 18 jaar

Familie Posted on 2016-11-18 08:26:01

Vandaag 18 november 2016 wordt Elise 18 jaar.

We zijn super trots op haar.



Trump

Algemeen Posted on 2016-11-09 10:17:38

Donald Trump is de nieuwe president van de USA.

http://deredactie.be/permalink/1.2815714

http://deredactie.be/permalink/1.2815741

http://deredactie.be/permalink/1.2815618

http://deredactie.be/permalink/1.2815661



2012 – Mont-Ventoux

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:30:55

Dinsdag 26 juni 2012 – Edegem

Hoi Allemaal,

Morgen vertrekken we voor een groot avontuur. Een heel jaar lang hebben we eraan gewerkt en nu voel ik die aangename spanning bij het begin van iets groots, onbekends.

27 juni – Leuven – Maastricht – 112 km
28 juni – Maastricht – Chevron – 102 km
29 juni – Chevron – Bourscheid – 101 km
30 juni – Bourscheid – Cattenom – 110 km
01 juli – Cattenom – Chateau Salins – 85 km
02 juli – Chateau Salins – Mirecourt – 115 km
03 juli – Mirecourt – Port-sur-Saône – 115 km
04 juli – Port sur Saône – Fluans – 121 km
05 juli – Fluans – Cernon – 101 km
06 juli – Cernon – Loyettes – 101 km
07 juli – Loyettes – St. Donat – 112 km
08 juli – St. Donat – Rustdag
09 juli – St. Donat – La Bégude – 102 km
10 juli – La Bégude – Avignon – 110 km
11 juli – Avignon – Rustdag
12 juli – Sault – Mont-Ventoux – 26 km
12 juli – Bedoin – Mont-Ventoux – 22 km

Totaal 1438 km

Inez en ik hebben vele duizenden kilometer getraind en we hopen dat we klaar zijn voor onze tocht. Hopelijk valt het weer een beetje mee, want er zijn leukere dingen dan fietsen in de regen. Maar dat zal ons een zorg zijn.

Ik besef heel goed dat we een uniek avontuur tegemoet gaan of liever rijden.
1438 km is dan ook niet niks en 14 dagen na mekaar 100 km fietsen ook niet.
Maar dat is de uitdaging. Ons doel is duidelijk en motiverend: Psychose onder de aandacht brengen en fondsen werven om meer onderzoek mogelijk te maken.

Ik ben heel fier dat ik naast Inez aan de start zal kunnen verschijnen van deze unieke sponsortocht die er alleen kon komen door de enthousiaste inzet van ons campagne team: Inez, Wendy, Karin en Heidi. Zij verdienen alle waardering voor hun vele werk achter de schermen.

Dank aan iedereen die ons project een goed hart toedraagt.

Bob

————————————————————————————————

Beste sponsors, sympathisanten, vrienden, collega’s,

Het is zover. Meer dan een jaar hebben we toegeleefd naar dit moment en nu vertrekken we, het avontuur tegemoet. Er is enorm veel werk verzet, heel veel informatie verspreid, en heel veel mensen hebben zich belangeloos ingezet om “op de pedalen” tot een succes te maken! En een succes is het geworden, veel meer dan we hadden durven hopen.

Wat tijdens onze campagne duidelijk werd, is dat een ludieke actie zoals de onze kan helpen om psychiatrische klachten bespreekbaar te maken. Daarnaast zijn wij blij verrast door uw gulle steun en bijdrage. Het onderzoek kan zo weer een stapje vooruit.

Wij vertrekken nu op onze tocht en zullen uw vertrouwen waar maken! Iedere dag opnieuw, 1438 km lang. Maar onze aankomst boven op de Mont Ventoux is niet het einde van deze onderneming! Dit is nog maar het begin.

De Universiteit Maastricht en het UPC Kortenberg hebben de handen in elkaar geslagen met “Te Gek” om volgend jaar met een nieuwe actie fondsen te werven voor meer en beter onderzoek binnen de psychiatrie.

On y va.

Inez

Véél meer foto’s



Dag 1 – 27 juni 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:30:03

Dag 1 – Woensdag 27 juni 2012 – Leuven – Maastricht – 112 km

Er zijn gewone dagen en er zijn super dagen.
Vandaag was een super dag.

Na een stijlvolle ontvangst bij FaBeR ( dankjewel Heidi ), een uitstekend ontbijt verzorgd door Hof te Rhode en mooie toespraken van Prof. Marc De Hert, journaliste Annick Ruyts en Gouverneur De Witte gingen we op weg.

Met een 60 tal enthousiaste fietsers via de ring van Leuven richting onze eerste stop bij het Kasteel van Horst. De patienten van Elsene en Kortenberg hadden goed getraind en dat was te merken want iedereen fietste vlot mee! Na een appelsientje en een drankje gingen we verder richting Diest.

De wegbegeleiders (dankjewel Ruud, dankjewel Jeroen en de vele spontane helpers) kregen intussen hun handen vol om het peloton bij elkaar te houden, want langzaam begonnen de kilometers te wegen. Maar iedereen hield dapper vol en zelfs onze oudste deelnemer verbeet de pijn van de schaafwonden opgelopen bij een kleine valpartij en reed verder tot het begijnhof in Diest.

Daar werd ons een heerlijke lunch voorgeschoteld, wederom verzorgd door Hof te Rhode. Het was een feest voor alle deelnemers en wij hadden ons geen mooiere start van onze tocht kunnen voorstellen!! Hartelijk dank aan alle fietsers. Het was prachtig!

Na Diest zijn we dan met twee verder gefietst richting Hasselt en vervolgens naar Maastricht. De zon was intussen volop door de wolken gebroken dus de eerste zonnebrand is een feit. Maar de wind stond in de rug dus we vlogen vooruit.
Om 18.00 u zaten de eerste 112 km erop.

Bij thuiskomst bleek dat onze actie steeds meer aandacht krijgt. Heel de dag zijn er berichtjes binnen gekomen om ons te steunen (zelfs in Amerika, Australie, Nieuw Zeeland, Engeland, Duitsland, Italie, …. zijn collega-onderzoekers enthousiast over dit initiatief). En vanavond werd ik geinterviewd voor het actualiteiten-programma ‘Vandaag’ op de Vlaamse Radio 1. En hiermee bereiken we al een eerste van onze doelen: psychische ziektes onder de aandacht brengen, bespreekbaar maken.

Morgen de start in Maastricht, we kijken er al naar uit.
Succes ook aan de patienten in Kortenberg die onze hele tocht op de home-trainer zullen meefietsen.

Morgen staan de volgende 102 km op het programma.

We gaan ervoor

Inez

Véél meer foto’s



Dag 2 – 28 juni 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:29:26

Dag 2 – Donderdag 28 juni 2012 – Maastricht – Chevron – 102 km

Dag 2 van onze tocht en de officiele start in Maastricht.
Onder een stralende zon werden de gasten verwelkomd door een heel team van vrijwilligers in paarse t-shirts. De binnenplaats van Vijverdal was prachtig versierd, het ontbijt was uitstekend en de ballonnen gaven nog extra sfeer. Wat een team!!

Na de hartverwarmende toespraken van Peter Peters, gouverneur Bovens, gouverneur Reijnders en Nathalie Cock, de voorzitster van Anoiksis, onder deskundige leiding van ceremonie meester Jim van Os, werd bekend gemaakt wie mee mocht met de ballonvaart.

Ook werden nog 2 hele mooie cheques uitgereikt aan ons project door de Lions Club Sittard/Geleen en het RIGG fonds. Heel hartelijk dank voor al die steun!

En dan was het tijd voor een kippenvel-moment. Na het startschot van gouverneur Reijnders vertrokken we in een peloton van enthousiaste fietsers onder luid gejuich van de overige gasten voor een promo-rondje van 5 km. Onze eerste kennismaking met het team van Emiel Frambach. Indrukwekkend om zo door de straten te rijden omringd door professionele motards die al het verkeer tegenhouden. De kinderen van de school die we passeerden begonnen spontaan te applaudiseren.

Na 5 km kwamen we terug bij Vijverdal, de promo-fietsers stapten af en het peloton fietsliefhebbers kon aan de etappe beginnen. Een bijzondere ervaring om in peloton te fietsen. Overal doorfietsen zonder een voet neer te zetten, je rustig laten meedrijven in het peloton, maar ook je eigen grenzen verleggen want het tempo bergop was stevig! In Aubel stond een team klaar met drinken en de nodige bananen en energie-bars. Dat was nodig want het was warm! Wat een fantastische manier om onze tocht te starten!

En toen namen we afscheid van het peloton dat terug richting Maastricht ging. Wij wachtten op onze eigen volgwagen, met mijn moeder aan het stuur en de drie dochters als co-piloot, en ook onze laatste rijder, mijn echtgenoot Erik, kwam aansluiten. Onder een hete middagzon reden we verder richting Ardennen. En de tocht werd niet makkelijker. De ene klim na de andere volgden elkaar op en de zon bleef branden. Enigszins uitgeput kwamen we aan in Jalay maar een lekkere croque, frisse drank en wat ijsblokjes op ons hoofd om af te koelen, gaven ons de moed om weer door te gaan.

Er stond ons nog een stevige beklimming te wachten, de Col du Rosier! Met vernieuwde moed gingen we op weg. Gelukkig kwamen er nu ook af en toe wat wolken voor de zon, dat bracht verkoeling om onze eerste echte berg te beklimmen. En dat hielp, want we zijn alle drie gezwind boven geraakt. Daarna volgde nog een heerlijk lange afdaling richting het dal van de Ambleve. De laatste 10 kilometer gingen bijna alleen naar beneden en dat deed goed aan onze vermoeide benen.

Na 102 km kwamen we aan in onze eerste B&B waar mama en de kids ons al opwachtten. Een frisse douche, een heerlijke maaltijd, en vooral herinneringen aan een prachtige dag, maken van ons heel gelukkige mensen.

Deze actie is nu al meer dan 100 procent geslaagd en de ideeen voor volgend jaar zijn al aan het rijpen!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 3 – 29 juni 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:28:55

Dag 3 – Vrijdag 29 juni 2012 – Chevron – Bourscheid – 101 km

Na een goede nacht slaap, stond onze tweede Ardennen rit op het programma. De temperatuur was prima en de zon piepte een beetje door de wolken, dus een prima begin van de dag. De eerste 20 kilometer reden we langzaam de vallei van de Ambleve uit, op een lang hellend vlak zonder te steile stukken. De benen voelden goed, de zware rit van gisteren was goed verteerd. Langzaam aan kwamen de steilere stukken, af en toe korte maar stevige kuitenbijters en regelmatige langere bergjes van 5 a 6 procent.

We reden door een prachtig landschap met regelmatig mooie vergezichten, stilaan onder een steeds meer bewolkte hemel. Na 40 km fietsen en onder de eerste regendruppels, wachtte ons een leuke verrassing. Op een kleine parkeerplaats midden in een klein dorpje stond onze volgwagen te wachten met een heerlijke lunch. Picknick-tafeltje uitgeklapt, heerlijke broodjes, vers fruit, koel drinken. Beter konden we ons niet wensen!

Met de mooie dennenbomen als natuurlijke paraplu konden we ook schuilen voor de eerste regen op deze tocht, het begon zowaar zelfs te onweren.Toen de regen enigszins verminderde, gingen we weer op pad. Maar de donkere lucht voorspelde niet veel goeds. Als de regen te hevig werd, gingen we schuilen onder de bomen. Maar de temperatuur bleef gelukkig goed en de miezer-regen bracht af en toe zelfs een welkome verkoeling.

Eenmaal de grens met Luxemburg gepasseerd, werd het landschap nog wijdser. We reden over hele mooie aangelegde fietspaden, maar blijkbaar had het de voorbije dagen erg gestormd, want onverwachts moesten we alle remmen dichtgooien omdat twee omgewaaide bomen ons pad versperden. Met de fiets op de rug zijn we over de bomen geklauterd.


En dan weer verder richting Dirbach (net naast Bourscheid). De laatste 15 km kregen we nog enkele forste klims te verwerken met daarna natuurlijk de lange afdalingen, toch een beetje lastig op nat wegdek. Na een heel lange afdaling kwamen we tot de vaststelling dat we net voor aankomst van het rechte pad waren afgeweken. Maar gelukkig vonden we snel weer de goede weg, en dat extra klimmetje zorgt alleen maar voor meer fond voor het grote werk straks. En zo zijn we uiteindelijk toch bij onze 100 km voor deze dag uitgekomen.

Bij aankomst scheen eindelijk het zonnetje terug, dus tijd voor een heerlijk drankje op het terras. Deze dag heeft vertrouwen gegeven. We hebben de Ardennen overwonnen, we waren goed gerecupereerd en langzaam aan komt er routine in het team. We zijn klaar voor morgen!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 4 – 30 juni 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:28:02

Dag 4 – Zaterdag 30 juni 2012 – Bourscheid – Cattenom – 110 km

Na een heerlijk rustige nacht staan we paraat voor alweer onze vierde etappe. In het hotel verblijven nog 2 fietsers die dezelfde route volgen. Zij hebben echter alles bij op de fiets (inclusief tent en kookmateriaal). Respect, want wij moeten al hard werken om onze lichte fietsjes naar boven te trappen.

Om 10 uur is alles ingeladen en kunnen we op de fiets stappen. We beginnen al onmiddellijk met een flinke klim en dat doet pijn als de benen nog niet warm zijn. Gelukkig staat er vandaag een stralende zon dus dat geeft moed. Onder ons stroomt de rivier en de campings aan de oever stralen vakantie-sfeer uit, zo in de ochtendzon. Na onze eerste klim en een prachtig lange afdaling rijden we verder door het dal van de Sure. Een heerlijke morgen weeral.


In Ettelbruck moeten we behoorlijk zoeken, maar uiteindelijk vinden we de piste cyclable Alzette, een prachtig aangelegd fietspad dat door het dal van de rivier Alzette loopt. Bij het kasteel van Pettingen zien we de volgwagen. Oma en de meisjes hebben weer voor een heerlijke lunch gezorgd. De lucht is ondertussen bewolkt geworden en tijdens het lunchen vallen enkele druppels maar gelukkig niet veel.

Daarna vervolgen we onze weg op de piste cyclable richting Luxemburg. De vlakke route doet goed aan onze benen. Het eerste stukje door Luxemburg stad loopt uitstekend, maar dan geraken we weer het spoor bijster. We spreken een man aan om ons richting Hesperange te helpen. Nadat hij ons verzekerd heeft dat het “tres loin” is, stuurt hij ons knal de verkeerde richting op, met de zwaarste klim van de dag tot gevolg. Eenmaal boven blijkt dat we volledig in de verkeerde richting zitten. De volgende voorbijganger weet gelukkig wel waar hij het over heeft en hij dirigeert ons tot op de piste cyclable Hesperange. De donkere lucht die boven ons hoofd hangt, trekt langzaam voorbij zonder 1 druppel regen te laten vallen.

We fietsen verder en langzaam trekt de hemel terug open. Nog even zoeken om de grens te vinden en dan zijn we in het liefelijke Frankrijk.

We fietsen door de korenvelden en door kleine dorpjes in de late namiddag zon. In de verte zien we de koeltorens van de kerncentrale van Cattenom. Een vreemd zicht in dit landelijke Noord-Frankrijk.

Langzamerhand wordt het landschap terug meer golvend met regelmatig korte maar pittige klimmetjes. In Cattenom rijden we naar Koenigsmacker waar oma en de meisjes ook net gearriveerd zijn. Zij hebben vandaag hun eerste echte vakantie-dag beleefd. Zij zijn op uitstap geweest naar Luxemburg stad en daar had iedereen van genoten.

Ons hotel is wat verouderd maar verder prima. We krijgen de lokale keuken geserveerd en stellen vast dat Noord-Frankrijk inderdaad een vergeten stukje Frankrijk is, want op deze zaterdagavond in het eerste weekend van juli zijn hier bijzonder weinig toeristen te bespeuren. Morgen wachten ons weeral serieus wat heuveltjes. Op tijd het bed in is de boodschap.

Inez

Véél meer foto’s



Dag 5 – 1 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:27:28

Dag 5 – Zondag 1 juli 2012 – Cattenom – Château Salins – 85 km

Etappe 5 alweer van onze tocht, het vliegt echt voorbij. We komen wat traag op gang vandaag. We slapen een beetje uit en eten een eenvoudig ontbijt in het hotel. Buiten belooft de lucht niet veel goeds, veel donkere wolken met af en toe een straaltje zon. Maar dat laten we niet aan ons hart komen.

De routebeschrijving belooft een pittige etappe, we zijn er klaar voor. Na 2 km rijden we al verkeerd, maar dat zal de eerste en laatste keer zijn vandaag. Onder een bewolkte lucht fietsen we door Noord-Frankrijk. We waren gewaarschuwd dat Frankrijk nergens vlak is en de eerste 150 km in Frankrijk bevestigen dat. We klimmen en dalen voortdurend. Korte, stevige klimmetjes die pijn doen aan onze verzuurde benen. Maar boven worden we telkens beloond met prachtige vergezichten over de glooiende korenvelden en klaprozen. Het is hier bijzonder mooi, uitgestrekt, en verlaten. Af en toe passeren we heel authentieke Franse dorpjes. Voorlopig krijgen we ook geen regen en de temperatuur is goed.

Oma en de meisjes hebben weer een prachtig plekje voor de lunch gevonden. We picknicken midden in het groen, het smaakt weer overheerlijk! Voor de eerste keer een echte Franse baguette en heerlijke appelflappen. Naar goede gewoonte (het lijkt wel het moesson seizoen) komen er heel donkere wolken opzetten tijdens de lunch. Er vallen enkele druppels en we vrezen voor de rest van de dag. Maar als we boven komen na onze volgende beklimming, breekt de zon door de wolken en langzaam begint het op te klaren. Er steekt wel een felle tegenwind op en dat maakt het stijgen en dalen nog extra zwaar.

Voor de eerste keer deze tocht krijgen we echt last van de benen. Ik moest denken aan de patiënten op Monica en Joris in Kortenberg die elke dag op de hometrainer met ons meerijden. Hebben jullie ook afgezien vandaag?
Op het einde moesten we een beetje uitwijken van de route om aan ons hotel te komen. We reden langs de D70 B, opnieuw bergop. Op een bepaald moment was de weg zelfs niet meer geasfalteerd (vandaar natuurlijk die 7O B) maar we werden weer beloond met een schitterend uitzicht over de omgeving!

Nog 1 afdaling en we kwamen aan in Delme. Oma en de meisjes waren al gearriveerd. Zij hadden een poging gedaan om Metz te bezoeken maar door vele wegenwerken, weinig parkeerplaats en grote drukte, zijn ze niet verder geraakt dan door de stad te rijden. Zij hadden alles al geinstalleerd, dus we konden onze vermoeide benen laten rusten. Maar er was nog een laatste hinderpaal. Het restaurant van het hotel bleek gesloten en in de wijde omgeving bleek geen enkel restaurant open op zondagavond. Maar gelukkig was er een pizza take-away en de pizza aan de plastieken tafel in de avondzon smaakte. En nu op tijd bed in, want morgen volgen nog meer bergen en dalen!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 6 – 2 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:26:55

Dag 6 – Maandag 2 juli 2012 – Château Salins – Mirecourt – 115 km

Het licht door de gordijnen wekt ons rond half 8. Een nacht rust heeft goed gedaan, al heb ik een halve nachtmerrie gehad over heel pijnlijke benen. Gelukkig blijkt het in realiteit nogal mee te vallen. We maken ons heel rustig klaar, eten een lekker ontbijt en om 10 uur is het intussen geroutineerde team klaar om te vertrekken.

Voor de eerste keer zien we ’s ochtends geen zon en de temperatuur is ook een pak frisser dan de vorige dagen. We vertrekken voor een lange etappe. Na enkele minuten begint het al te druppelen. Ik heb deze keer mijn voorzorgen genomen en trek mijn schoenbeschermers aan, want niets zo vervelend als die natte schoenen. Het landschap blijft golven en we krijgen al vrij snel een heel steile klim voorgeschoteld. Maar het gaat verrassend goed! Komt het door de afwezigheid van de wind die ons gisteren zo veel parten speelde, door de koelere temperatuur, of worden we echt dag na dag een beetje sterker? Het gaat in ieder geval heel vlot vandaag.

De route is opnieuw heel mooi. Glooiend tussen de korenvelden, de maisvelden en het eerste zonnebloemveld en vooral heel veel ruime vergezichten. Bonte en bruine koeien zijn de enige levende wezens die we tegenkomen en af en toe een roofvogel. Fietsen is echt een vorm van meditatie, langzaam verwaaien alle gedachten en er is alleen nog het hier en nu.

Het blijft heel de ochtend regenen, gelukkig een malse regen die ons niet volledig doorweekt. Maar de koelere temperatuur maakt het toch wel koud. We ontmoeten onze volgwagen in Luneville, een stadje van vervallen glorie in de Loraine streek. We willen ons even ergens opwarmen maar de lokale tavernes serveren geen eten op maandag. Dan maar een baguette van de plaatselijke boulangerie uit het vuistje. Gelukkig is het intussen droog geworden. We trekken warmere kleding aan en vertrekken voor de tweede helft van de tocht.

De route blijft mooi golven, met nu vooral veel lange maar niet al te zware hellingen en lange afdalingen. Het is nog steeds dicht bewolkt maar blijft gelukkig droog. We houden er flink het tempo in en het gaat goed. De meisjes en oma bezoeken intussen Nancy. Het blijkt een heel mooie stad met een prachtig plein, maar helaas regent het er pijpenstelen, regen waar wij gelukkig aan ontsnappen. Na het passeren van de Moezel in het stadje Charmes wijken we af van de route richting Beaudraicourt waar ons hotelletje ligt.

We moeten een 10-tal kilometer over een gele weg (op de Michelin-kaart) rijden en dat valt tegen. Druk verkeer dat langs ons heen raast. Net op die plek rijdt opa dan nog lek. De binnen- en buitenband helemaal aan stukken. Gelukkig zijn we op alles voorzien en na 20 minuten is het hersteld. Na de laatste loodjes (nog een stukje over een rode weg, die nog drukker is), komen we aan in een mooi hotelletje in Beaudraicourt.

We worden heel vriendelijk ontvangen en de warme douche doet echt deugd. We hebben uiteindelijk 115 km gereden maar de vermoeidheid valt goed mee. We eten ter plekke een lekker menu en dan opnieuw op tijd het bed in want morgen staat er opnieuw een lange rit op het programma. De tijd vliegt echt voorbij, morgen zitten we al in de helft.

Inez

Véél meer foto’s



Dag 7 – 3 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:26:20

Dag 7 – Dinsdag 3 juli 2012 – Mirecourt – Port-sur-Saône – 115 km

We worden wakker met slecht nieuws. De website is uit de lucht gehaald. Blijkbaar is hij zo populair geworden dat hij ook interessant is geworden voor hackers. Maar het is natuurlijk wel een domper op de feestvreugde. Opa heeft al uitgebreid contact gehad met de helpdesk van de provider, maar de vraag is of we dit opgelost krijgen. Bovendien staat er vandaag ook nog een lange rit voor de boeg, maar gelukkig is er een stralende zon!

Na het ontbijt besluit ik Ron te bellen, onze IT-man in Maastricht. Hij heeft eigenlijk vrij maar is onmiddellijk bereid om een oplossing te zoeken! Wat een team! Ik stuur alles naar Ron en we stappen op de fiets met de hoop dat het goed komt. Om 11 uur zijn we uiteindelijk weg. We vertrekken in de verkeerde richting. Na 20 minuten staan we terug aan het hotel en worden we op de goede weg gezet klaar voor rit 7.

We rijden steeds zuidelijker Frankrijk in en beginnen aan onze mooiste rit tot nu toe. We krijgen al dadelijk enkele stevige klimmetjes voor de benen, maar het gaat goed. De zon op de opgerolde strobalen en de witte wolken boven ons hoofd, het is genieten. Wat een voorrecht dat we dit kunnen doen. De weg leidt vervolgens golvend door prachtige bossen. Ik krijg een berichtje op mijn telefoon: de website is terug online! Ron is absoluut onze held van de dag! Een tijdje later krijg ik bericht dat alles terug werkt inclusief blog en fotogalerij. Duizend maal dank Ron. Echt geweldig gedaan!

Vol goede moed rijden we verder in de heerlijke middagzon. Rond half 2 ontmoeten we onze volgauto en picknicken we naar goede gewoonte; ditmaal aan de rand van het bos. Oma en de meisjes rijden dan verder naar het volgende hotel want daar zou een zwembad zijn.

Wij fietsen verder want er staat nog een lange tocht op het programma. Volgens het plan zou dit een redelijk vlakke etappe zijn, maar het blijft gewoon golven met lange klimmen en vervolgens lange afdalingen. Onderweg komen we twee huifkarren met paarden tegen. De paarden geraken niet meer verder bergop, maar wij trappen gezwind verder. Iedere dag gaat onze gemiddelde snelheid iets omhoog (vandaag al 21.4 en toch wel 1000 hoogtemeters). Het gebied waar we doorrijden is duidelijk minder verlaten dan de vorige dagen. Mooie, verzorgde dorpen en zowaar mensen op straat die ons allemaal vriendelijk begroeten.

We schieten goed op en tegen 5 uur zijn we bij Port sur Soane. Het hotel ligt echter in Vesoul, een 10-tal kilometer van de route. We besluiten niet meer op de rode wegen te rijden (veel te gevaarlijk) en maken een kleine omweg over kleine baantjes richting Vesoul. Het hotel vinden blijkt geen sinecure.

Bij aankomst blijkt er geen sprake van een zwembad. Maar het hotel is verder prima en de avondmaaltijd is zelfs uitstekend. Dat heeft oma toch wel fantastisch georganiseerd allemaal.

We hebben ondertussen meer dan 700 km gefietst en zijn daarmee al over de helft van onze tocht. Wat vliegt die voorbij. We voelen ons enorm gesteund door alle mensen die ons volgen!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 8 – 4 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:25:42

Dag 8 – Woensdag 4 juli 2012 – Port sur Saône – Fluans – 121 km

Etappe 8 vandaag, de langste die op het programma staat.

We ontbijten in het hotel en maken ons klaar voor de volgende rit, gelukkig opnieuw in de zon. We vertrekken vol goede moed op de D13 die ons terug op de route moet brengen. De eerste 6 km gaat gestaag bergop, we beginnen ervaren klimmers te worden. Eenmaal boven kijken we nog eens op de kaart om te ontdekken dat we de D13 in de verkeerde richting aan het volgen zijn. Het vertrek blijkt steeds het moeilijkste moment van de dag te zijn.

Omkeren dus en in 1 lange afdaling terug naar waar we vandaan kwamen. De D13 leidt ons langs de stad Vesoul en vervolgens richting zuiden. We zitten opnieuw op een gele weg en dat blijft onplezierig rijden. Er is niet al te veel verkeer maar ze rijden ontzettend snel.

We ontdekken een prachtig aangelegd fietspad en besluiten dat te volgen ook al voert het niet helemaal in onze richting. Maar het verschil in fietsplezier is dag en nacht.

Het fietspad voert ons naar een klein dorpje en vandaar zoeken we via kleine baantjes onze weg verder terug naar de route. In het begin is het nog redelijk bewolkt maar de zon komt steeds meer te voorschijn en het is warm. De dorpjes die we doorrijden worden ook steeds meer zuiders van sfeer. Oma en de kids hebben zich ook vergist met de D13 en hebben na een lange zoektocht (want wij hadden de kaart mee) uiteindelijk ook de goede richting gevonden. We ontmoeten elkaar in Frennes en eten aan een houten tafeltje in de schaduw van een boom over het kerkje van Frennes. Frans brood, kaas, tonijn, het blijft smaken.

Rond 2 uur zijn we weg voor de tweede helft. We hebben nog heel wat kilometers voor de boeg. Geleidelijk verandert het landschap. De velden met strobalen worden nu afgewisseld met bosrijke heuvels. De roofvogels blijven voor mij het meest indrukwekkend. We fietsen gestaag verder met opnieuw de nodige klimmetjes. De training lijkt te helpen want op het programma stond een klim van 1 km aan 8%, maar we hebben hem gefietst zonder dat het ons was opgevallen dat die steiler was dan de 5 en 6% die we de laatste dagen vooral voor de kiezen kregen.

De hitte maakt het iets zwaarder dan gisteren maar we vorderen goed. Onze chambre d’hôte ligt 2 km van de route. We zijn blij als we de richtingaanwijzer naar het dorp zien. Maar het valt tegen want ook die laatste 2 km is het nog stevig klimmen. En dan arriveren we na 121 km in een prachtig gerestaureerd oud huis. We worden heel vriendelijk ontvangen en de kamers zijn schitterend. Eten doen we in een dorpje verderop.

Voor de eerste keer eten we buiten op een terras aan het water. En daarna is er zelfs nog tijd voor een partijtje poker.

Opnieuw een heel geslaagde dag! Morgen staat er een echte col op het programma, benieuwd of de benen daar klaar voor zijn!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 9 – 5 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:25:07

Dag 9 – Donderdag 5 juli 2012 – Fluans – Cernon – 101 km

Iedereen slaapt heerlijk in het prachtige, oude huis. Om half 9 komt er langzaam maar zeker beweging. We ontbijten in de grote keuken. Een uitstekend ontbijt met de beste croissants tot nu toe (goedgekeurd door expert Charlotte). We proberen op tijd te vertrekken maar mijn achterband staat plat, dus eerst nog een nieuwe binnenband steken. Maar dan kunnen we toch op weg.

De temperatuur is prima, er hangen veel wolken maar de zon komt toch nog regelmatig piepen. Het weer is wel een contrast met vorige week donderdag toen we in volle zon konden ontbijten op de binnenplaats van Vijverdal!

We vertrekken richting het Jura-gebergte. We zien de eerste zomerse terrasjes in de dorpjes verschijnen en we passeren de eerste wijngaarden. Dit is duidelijk al meer zuidelijk van sfeer. Terwijl we in de verte het Jura gebergte zien opduiken, wordt het weer meer dreigend. De donkere wolken drijven ons gelukkig voorbij en voorlopig krijgen we alleen maar wat zacht gedruppel.

Precies 1 week na de beklimming van de col de Rosiere, staat nu de Col de Persee op het programma, een klim van 6% gemiddeld maar wel 4.5 kom lang. Vol goede moed beginnen we eraan. Erik, onze berggeit, voorop; een beetje daarachter rijd ik en opa sluit de rangen. Het klimmen gaat verrassend goed. Het is niet te steil dus het is makkelijk om een goed ritme te vinden dat je lang kan volhouden. We komen alle drie gezwind boven, zonder echt diep te zijn gegaan. Of dit voorspellend is voor wat ons nog te wachten staat, dat zal echter nog moeten blijken.

Kort na beklimming, boven op het plateau, ontmoeten we de volgwagen. Aan een schitterend uitkijkpunt eten we de lunch, beschut onder de bomen want het is weer een beetje aan het druppelen. Daarna blijven we boven op het plateau rijden tussen het belgerinkel van de bergkoeien, met af en toe prachtige vergezichten.

De weg gaat een beetje op en af en uiteindelijk krijgen we een lange afdaling. Langzaam wordt het minder grijs en de zon komt langzaam terug te voorschijn. We krijgen dan nog onze volgende beklimming (2.5 km aan 5%) om uiteindelijk bij het hoogste punt van onze route uit te komen in Onoz (op de Mont Ventoux na uiteraard). Daarna volgt nog een lange afdaling met zicht op het prachtig blauw-groene stuwmeer onder ons en dan arriveren we in Cernon, een klein dorpje van amper 150 inwoners maar er is een mooi hotelletje met een gezellig terras erbij.

We eten buiten een plat du jour, maar bij het abrikozentaartje als dessert moeten we naar binnen vluchten voor het naderend onweer. Buiten begint het te gieten maar dat vinden wij niet erg, liever deze nacht dan morgen. En zo hebben we al meer dan 900 km afgewerkt, op de pedalen voor het psychose-onderzoek!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 10 – 6 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:24:32

Dag 10 – Vrijdag 6 juli 2012 – Cernon – Loyettes – 101 km

Vrijdag 6 juli. Op het programma staat een rustdag …. maar vermits de meisjes stilaan ook toe zijn aan een beetje echte vakantie, besluiten we de rustdag nog 2 dagen uit te stellen tot we een hotelletje met zwembad hebben. Het wordt dus een rustdag op de fiets.

Na een sober ontbijt, maken we ons klaar onder een dreigende hemel. Donkere onweerswolken tekenen zich af tegen de bergen. De vriendelijke hoteleigenaar voorspelt ons een hele dag regen. We trekken onze regenjassen aan en beginnen vol goede moed aan de eerste afdaling van de dag richting de eerste stuwdam op de rivier de Aine.

Twee dingen worden al snel duidelijk: 1) dat de man van het hotel ongelijk had, de zon komt al heel gauw door de wolken en de wolken worden alsmaar witter (de regenjasjes kunnen snel weer uit) en 2) de benen zijn niet super vandaag, de bergen van gisteren zijn nog niet helemaal verteerd.

Gelukkig is het voor de eerste keer een redelijk vlak parcours (slechts 450 hoogtemeters zullen we maken). De hele ochtend rijden we door de George d’Aine. We rijden door het Jura gebergte en volgen de rivier door het dal. Onderweg zien we nog 2 stuwdammen. Het is er ongelooflijk rustig en liefelijk. Wat een mooie ochtend.

Tegen de middag ontmoeten we ons team bij het einde van het dal voor heerlijk stokbrood met Franse kaas. Na de lunch verlaten we het dal en wordt de weg iets minder aangenaam. Een aantal stukken langs drukkere wegen en drukke kruispunten. We zijn net terug op kruissnelheid als we telefoon krijgen van onze volgwagen, ze wachten ons op op een terrasje in het volgende dorp.

Want we zijn inderdaad in zuid-Frankrijk. Overal zie je nu gezellige terrassen en mannen die petanque spelen. Het fris drankje op het terras geeft ons de energiestoot voor de laatste 25 km. Deze gaan nu langs maisvelden met de waterinstallaties, zonnebloemvelden en drogende strobalen en dat alles bij een heerlijke temperatuur van zo’n 25 °.

Ik laat me rustig meedrijven in het wiel maar op dit laatste vlakke stuk van deze etappe halen we toch moeiteloos 28 km per uur. Onze conditie is er duidelijk op vooruit gegaan zonder we dit in de gaten hadden. We hebben dan ook al 1000 km in de benen.

In Loyettes vinden we ons hotelletje, heel sober en een beetje chaotisch. Als we in de douche staan, is het beneden paniek want blijkbaar is 1 van de afvoerbuizen lek en de keuken komt onder water te staan. Maar de bedden zijn ok en het terras voor de deur ook.

We gaan eten in het restaurant over de deur. Op vrijdag is het bbq-avond en we eten heerlijke dorade. De sfeer is bijzonder aangenaam. Heel het terras met uitzicht op de Rhone zit vol met lokale mensen en die Zuid-Franse sfeer bevalt ons wel.

Ongelooflijk dat je op een week tijd met de fiets vanuit Leuven/Maastricht in Zuid-Frankrijk geraakt. Al kost het wel inspanning merk ik aan mijn stilaan vermoeide benen. Morgen staat een zware tocht op het programma met weer behoorlijk wat klimwerk. Maar dan volgt dan toch de rustdag die we hopelijk in het zwembad kunnen doorbrengen.

Inez

Véél meer foto’s



Dag 11 – 7 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:23:44

Dag 11 – Zaterdag 7 juli 2012 – Loyettes – St. Donat – 112 km

In ons Fawlty Towers hotel worden om kwart voor 7 gewekt door uitgebreid klokkengelui.We soezen nog even verder en om 9 uur zijn we klaar voor het ontbijt. Buiten is het volle zon, geen wolkje te zien. Tegen half 11 zijn we weg voor een zware rit door de uitlopers van de Dauphine. We rijden over de brug van de Rhone en zijn nu officieel in Zuid-Frankrijk.

Het eerste stuk van de rit is het vrij lastig om op de juiste route te blijven. We moeten vaak stoppen om de weg te zoeken. Maar de Zuiderse sfeer is duidelijk merkbaar, zonnebloemvelden, zuiderse temperaturen en een strak blauwe hemel.

Het eerste stuk van de route is nog vlak maar langzaam aan naderen we de Dauphine. Het eerste klimwerk komt eraan. De benen zijn gelukkig een stuk beter dan gisteren en het klimmen gaat goed. De ene helling na de andere volgt elkaar op, de ene wat steiler, de andere wat langer. Maar of dit ons voldoende klaarstoomt voor de Mont Ventoux, ik weet het niet.

Ook onze volgwagen heeft moeten zoeken deze ochtend maar ze zijn op een marktje gebotst en staan ons dus op te wachten met heerlijk stokbrood en verse kaas. Het eten en drinken doet ons goed want het was een zware ochtend.

We klimmen nog heel even verder en dan komen we op een hoogvlakte waar we een tijdje op het vlakke kunnen rijden. Er is echter een sterke zuidenwind opgestoken dus het blijft werken. In twee derde van de rit krijgen we de volgende hellingen voorgeschoteld. Gelukkig zijn het dit keer hellingen van 5 en 6 procent, die kunnen we ondertussen wel aan. Met de zon op ons hoofd rijden door het Zuiderse Frankrijk, wat een plezier. De laatste 10 km is 1 lange afdaling naar St Donat sur l’Herbasse. Als toemaatje moeten we nog 900 meter heel steil klimmen naar onze Chambre d’Hotes, maar dan wacht ons een klein paradijsje.

Isabelle en Gilbert verwelkomen ons heel hartelijk. De meisjes zitten al in het zwembad met het uitzicht op de Alpen. Wij duiken ook nog even het bad in voor een verfrissende duik. En dan worden we aan tafel verwacht op het mooie terras. Isabelle is een uitstekende kokkin en vergast ons op heerlijke lokale gerechten. Het was een goede beslissing om tot hier te wachten voor de rustdag.

Hier kunnen we ons wel een dagje vermaken.

Inez

Véél meer foto’s



Dag 12 – 8 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:23:08

Dag 12 – Zondag 8 juli -2012 – Rustdag

En dan is het zover, onze rustdag. Na 1100 km in het zadel gaan we onze benen en ons achterwerk een dagje rust gunnen. We slapen uit tot half 10 en krijgen dan een fantastisch ontbijt voorgeschoteld, met een scala aan zelfgemaakte jam en een heerlijke frangipane taart. Passend bij deze dag, komen we heel rustig op gang. Vannacht heeft het geregend en geonweerd, maar nu schijnt de zon al terug volop.

We wandelen naar het stadje, kwestie van onze volgwagen ook eens in beweging te zetten, en stoten toevallig op een folklore-optocht. Wat een gezellige sfeer. We drinken nog iets op een terras en kopen eten bij de lokale bakker.

En dan is het tijd voor een lange namiddag spelen in het zwembad. Voor de meisjes een echt feest. Een boekje lezen, wat luieren, een duik in het frisse water, het is een echte relaxdag. Of dat rusten een goede zaak is voor de benen, zal morgen moeten blijken. Maar we hebben in ieder geval allemaal met volle teugen genoten.

Dadelijk worden we weer verwacht voor een heerlijke maaltijd en dan op tijd bed in, want morgen staat ons meer dan 10 km klimmen te wachten.

Inez

Véél meer foto’s



Dag 13 – 9 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:21:29

Dag 13 – Maandag 9 juli 2012 – St. Donat – La Bégude-de-Mazenc – 102 km

Onder een stralende zon worden we wakker in ons klein paradijsje. Het heerlijke ontbijt staat ons al op te wachten. Het is kalm aan de tafel, zoals onze gastvrouw opmerkt. Het kost ons duidelijk wat moeite om de rustdag te verteren. Het is de eerste keer dat we wat moeizamer de fiets op kruipen. Zou de rustdag ons goed hebben gedaan of de benen nog hebben verzwaard?

Al snel blijkt dat het prima gaat. De helder blauwe lucht en de noordenwind die zachtjes in onze rug blaast, geven ons vleugels. We rijden door een prachtig landschap met steeds de bergen op de achtergrond. De eerste twee uren laten we de bergkam letterlijk links liggen en over de vlakke wegjes schieten we goed op. Het is warm, maar het is heerlijk fietsen.

Langzaam wordt het parcours weer meer geaccidenteerd met regelmatig klimmetjes. De vele bomen langs de weg bieden gelukkig regelmatig wat schaduw tijdens de klimpartijen. Net voorbij één van de typische, kleine dorpjes die we onderweg passeren, vinden we onze volgauto met de lunch. Oma had de houten picknicktafel gezien die aan het begin van een wandelpad stond. We eten stokbrood met vis, drinken voldoende bij en slaan een nieuwe voorraad drank in voor de tweede helft van onze tocht vandaag.

En dan gaan we op weg voor de uitdaging van de dag, de col du Lauzun, 504 m hoog en een kleine 8 km klimmen. Het begint geleidelijk aan tussen de bomen en langzaam wordt het steiler. Het klimmen gaat best goed, alleen de hitte speelt ons een beetje parten.

Bij de pas de Lauzun rijden we door een kloof tussen de rotsen en dan loopt het nog steiler naar de Col de Lauzun. Gelukkig valt er nu meer schaduw op de weg en in de koelte gaat het klimmen een stuk vlotter. Het blijft een hele inspanning maar sneller dan verwacht bereiken we de top.

En dan volgt een heerlijk lange afdaling. In het eerste stadje in het dal zitten oma en de meisjes ons op een terrasje op te wachten voor een verdiende verfrissing. We fietsen verder door de mais- en zonnebloemvelden en we zien het eerste lavendelveld. En de rotsen blijven als indrukwekkende formaties op de achtergrond aanwezig. We rijden nu grotendeels door een dal langs een rivier met af en toe een tunneltje.

Op het laatste volgen nog enkele korte klimmen, maar na 102 km en 1002 hoogtemeters arriveren we in Le Begude du Mazange, een mooi plaatsje in de bergen.

We installeren ons en bij het checken van de mail blijkt dat de Europese Commissie een beurs heeft toegekend aan een onderzoeksproject met de PsyMate. Een prachtige overwinning voor het psychose-onderzoek. Dat geeft ons nog extra moed om donderdag aan de Mont Ventoux te beginnen.

Morgen beginnen we met onze laatste beklimming in de voorbereiding (nogmaals 8 km klimmen) en dan in 1 lange rechte lijn richting Avignon. De finale wenkt!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 14 – 10 juli 202

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:20:13

Dag 14 – Dinsdag 10 juli 2012 – La Bégude-de-Mazenc – Avignon – 110 km

We moeten vroeg op in ons eenvoudig maar prima hotelletje want we moeten voor 9 uur ontbijten. Het was warm vannacht dus we hebben niet zo goed geslapen. Gelukkig staat er vandaag geen al te lange rit op het programma…. denken we.

De zon schijnt volop en we maken ons rustig klaar om te vertrekken. Ik krijg telefoon van de VRT radio. Er is een persbericht verschenen dat jongeren veel meer antipsychotica krijgen voorgeschreven dan enkele jaren geleden. De vraag is of ik daar op wil reageren. Dat doe ik graag omdat het een mooie gelegenheid biedt om onze actie en de PsyMate opnieuw onder de aandacht te brengen. Ik geef een kort interview en dan vertrekken we.

Er staat onmiddellijk een klim van enkele kilometers op het programma. Het is niet te steil dus het is heerlijk klimmen in de ochtendzon. De spieren nog even goed onder spanning zetten (een tip van Eddy Merckx in de voorbereiding van de beklimming van de Ventoux). Daarna volgt een lange afdaling, heerlijk naar beneden. Daar blijkt dat ik wat slordig ben geweest met de blaadjes van de routebeschrijving want pagina 83 ontbreekt. Gelukkig zijn onze volgers aan het shoppen in het volgende stadje dus we fietsen naar hen toe en kunnen dan weer op pad. We rijden nu echt door de Provence, door de lavendelvelden en de wijngaarden van de Côtes du Rhône. Wat een geuren! Het is prachtig om te rijden.

Onderweg krijg ik telefoon van Studio Brussel of ik om 5 uur nog eens op de radio wil komen. Staat genoteerd. In 1 van die prachtige Provençaalse stadjes stoppen we aan het petanqueveld. Er is een barretje dus we kunnen iets fris drinken en we installeren onze picknicktafel. De mensen zijn heel vriendelijk en we krijgen zelfs een drankje van het huis. Langzamerhand komen er meer en meer petanquers. Tijd voor ons om te vertrekken want we zitten duidelijk in de weg.

We fietsen verder door het prachtige landschap, langs de boomgaarden van nectarine- en abrikozenbomen. Het is bakheet en de wind blaast nu tegen onze richting. Dat maakt dit best een lastige tocht. We rijden langs de Rhône richting Avignon. Ons plan is om tijdig onze bestemming te bereiken voor het radio-interview dus we moeten er ook nog eens stevig het tempo in zetten. Uiteindelijk stranden we rond 5 uur op enkele kilometers van onze B&B. We rijden de drukke weg af en stoppen bij de lokale camping waar het gelukkig iets rustiger is. En dan volgt het life-gesprek met Erika van Tielen op StuBru, waar ik nog eens kan vertellen over onze tocht en het belang van de PsyMate. Fijn dat we zo veel aandacht krijgen in de Belgische media.

Daarna rijden we de laatste kilometers van onze 112 km van de dag! We komen aan in een prachtige B&B waar de meisjes al lang in het zwembad zitten. Wij duiken er ook bij om heerlijk af te koelen (opa en oma blijven liever op het droge).

Daarna krijgen we een uitstekende maaltijd geserveerd en daarmee zijn we klaar voor de apotheose op de Mont Ventoux. We hebben besloten om hier in Villeneuve d’Avignon te blijven en morgen niet richting Bedoin te fietsen. We hebben onze kilometers al meer dan gemaakt dus het is verstandiger om de benen te laten rusten. En onze meisjes genieten zo van het zwembad, dat willen we hen niet onthouden.

Dus morgen nog een rustdag en donderdag beginnen we aan de grootste uitdaging van deze hele tocht, de kale berg, de Mont Ventoux. Ik ben heel benieuwd hoe dat zal gaan!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 15 – 11 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:18:58

Dag 15 – Woensdag 11 juli 2012 – Rustdag

Vandaag kunnen we genieten van een rustig dagje om alle energie te verzamelen voor de apotheose van onze tocht, de beklimming naar de Mont Ventoux. We slapen uit, genieten van een uitgebreid ontbijt en beginnen stilaan aan de voorbereiding voor morgen. Erik fietst naar een fietsenwinkel om nog nieuwe buitenbanden te plaatsen, oma en ik slaan de nodige sportdranken en bananen in, opa zet de banden op spanning. Daarna duiken we het zwembad want het is opnieuw bakheet.

Oma en Opa vieren vandaag hun huwelijksverjaardag en dat krijgt uiteraard ook de nodige aandacht.

In de late namiddag rijden we naar Uzes, een mooi stadje in de buurt waar we mijn zus Eva en haar gezin ontmoeten. Het is een leuke ontspanning in de voorbereiding voor morgen.

Daarna kruipen we op tijd ons bed in want we willen morgen vroeg vertrekken. Het plan is om om half 9 te vertrekken zodat we om half 10 in Sault kunnen vertrekken en rond de middag boven aan hopen te komen. Ik ben heel benieuwd hoe het zal zijn. Ik kijk er alvast naar uit.

Dank aan iedereen voor alle steun, het steekt ons echt een hart onder de riem. Dank ook aan alle patienten in Kortenberg die met ons mee aan het trappen zijn, we zijn er bijna!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 16 – 12 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:17:48

Dag 16 – Donderdag 12 juli 2012 – Sault – Le Mont-Ventoux – 26 km

Vandaag de grote dag, we beklimmen de Mont Ventoux. Iedereen is een beetje gespannen. Ik had ook wat moeite om gisteravond in slaap te komen.

Om kwart voor 7 staan we op en maken we ons klaar. We ontbijten met Amerikaanse pancakes, vullen de bussen met sportdrank en zetten de fietsen op de wagen. Om kwart na 8 zijn we weg richting Mont Ventoux. Dit zijn de allereerste kilometers van deze tocht die we met de wagen maken. Het is best een lange rit (naar Sault is het meer dan 70 km). Gelukkig schieten we goed op en om kwart na 9 beginnen we de echte voorbereiding. Op de parking in Sault zijn verschillende wielrenners zich aan het voorbereiden op de klim. De zon schijnt volop en er staat een stevig windje.

Om kwart voor 10 beginnen we eraan, de grote finale op de Mont Ventoux, 26 km klimmen tot op 1900 meter hoogte. De rit begint met een afdaling en dan beginnen we geleidelijk te klimmen. Het is er prachtig, door de lavendelvelden en de bomen klimmen we geleidelijk naar boven. De wind maakt het op die lagere stukken soms wat zwaarder maar het klimmen gaat heel goed. Na 6 km staat de volgwagen klaar met bananen en de nodige aanmoedigingen. Ik klim samen met Erik en een beetje achter ons rijdt opa.

Nu onze benen goed opgewarmd zijn gaat het klimmen nog beter. De kilometers gaan echt vlot voorbij. We zijn intussen 45 minuten aan het fietsen maar het lijkt of we nog maar net vertrokken zijn. Langzaam aan komen we meer tussen de bomen. Het klimmen blijft goed gaan zonder al te veel inspanning. Om de 5 km worden we bevoorraad en aangemoedigd door onze volgwagen. Net voor Chalet Reynard is het zelfs een beetje dalend waardoor we onze benen even kunnen laten rusten.

Want dan volgt het tweede gedeelte van deze tocht, de zware laatste 6 km van Chalet Reynard naar de top op de kale berg. Vanaf hier gaat het in percentages van 7, 8, 9 en 11% naar boven. Het klimmen wordt direct een stuk zwaarder, maar hier begint de wind ons ook parten te spelen. We hebben telkens een strook met volop wind op kop en dan na de bocht komen we een beetje in de luwte, om na de volgende bocht terug volop in de wind te komen.

De top lijkt dichtbij maar het is goed om de kilometers in de gaten te houden want het is echt nog een lange weg. Het voelt heel bijzonder om hier te rijden en het uitzicht is magnifiek. Je kijkt bijna tot in het dal, 1900 m lager. Langs de weg staan fotografen om al die inspanningen te fotograferen. Na 2 uur en 5 minuten staan we op de top van de Mont Ventoux. Een kwartier later komt ook opa op de top aan.

We hebben het gehaald! Het doel is bereikt! Wat een prachtige finale, 1435 km op de fiets om te eindigen boven op de top van de Mont Ventoux. Op de top worden we opgewacht door onze volgwagen maar ook door de familie Vanderschueren, één van onze sponsors, die ons staan op te wachten met een fles wijn! We voelen ons echt gedragen door alle steun, van hen maar ook van iedereen in België en Nederland die ons de voorbije weken gevolgd hebben. Dit is een schitterend hoogtepunt!

Inez

Véél meer foto’s



Dag 16 – 12 juli 2012

Mont-Ventoux Posted on 2016-11-08 11:16:22

Dag 16 – Donderdag 12 juli 2012 – Bedoin – Le Mont-Ventoux

Op de top van de Mont Ventoux voelen de benen nog fris, dus we besluiten om de tweede beklimming niet uit te stellen tot morgen maar ook vandaag de laatste etappe van onze tocht al aan te vatten. Opa heeft zijn doel bereikt en zal ons opwachten aan Chalet Reynard.

Vanavond wordt in Kortenberg een voorstelling / tentoonstelling gehouden “Le Finnisage”. Ik ga live participeren via Skype waarbij ik zal praten met Sven, de acteur en drijvende kracht achter deze voorstelling. Ik hoop hem te kunnen vertellen dat we onze onderneming succesvol hebben kunnen afronden. ( zie video onderaan ).

We rijden naar beneden in Bedoin en maken ons klaar voor de tweede beklimming van de dag. We eten nog snel een broodje en dan vertrekken Erik en ik voor de allerlaatste etappe van onze tocht. Het is op de middag en de zon schijnt volop maar dat deert ons niet. We vertrekken vol goede moed. De klim vanuit Bedoin is veel zwaarder. Na de eerste relatief lichte 5 km, staat er nog 16 km op het programma met een gemiddeld stijgingspercentage van 9.1%. Enkele dagen geleden kwamen we erachter dat mijn fiets achteraan iets minder kleine kamwielen had dan die van Erik en dat verschil begin ik nu te voelen. Zelfs op mijn allerkleinste verzet begint het al gauw heel zwaar te worden. We besluiten om niet samen te blijven maar ieder op eigen tempo naar boven te rijden. Onderweg worden we nogmaals aangemoedigd door de familie Vanderschueren. Na km 8 beginnen mijn buikspieren te verkrampen. Ik heb intussen geleerd dat dit een signaal van mijn lichaam is dat het niet meer verder wil. Koppig wil ik toch doorzetten maar ik weet dat het zwaarste stuk nog moet komen van kilometer 11 tot 14. Ik fiets nog verder tot kilometer 12 maar dan is het vat leeg. Ik raak niet meer verder, ondanks de aanmoedigingen van medefietsers (allez, courage).

Maar we kunnen gelukkig onze joker inzetten. Erik zit nog steeds ‘op de pedalen voor psychose’ en bedwingt de Mont Ventoux voor de tweede keer deze dag. Hij heeft deze 1435 km nog geen één keer pijn gehad aan de benen maar nu is hij toch ook aan het afzien.

Ik stap mee in de volgwagen en we zien hem terug bij Chalet Reynard waar hij opnieuw begint aan het laatste stuk op de kale berg. Wij stoppen bij het monument van Tom Simpson en ik besluit dat dit een waardige plek is om de medaille van de Kweekvorsen die ik gekregen heb op de carnavalsavond in Vijverdal achter te laten.

Daarna gaan we voor de tweede keer naar de top waar Erik na 2 uur en 20 minuten heel moe maar ook heel tevreden verschijnt.

Ik kan dus met grote trots ’s avonds aan Sven en de meer dan 200 mensen die “Le Finnisage” bijwonen vertellen dat we geslaagd zijn in ons doel. Het applaus uit de zaal overvalt en ontroert me!

//ilo-static.cdn-one.com/iloapp/gallery/html/embed.html?albumId%3D39%26videoId%3D155%26galleryLocation%3Dgalerijbob%26domainName%3Dbobgermeys.be%26pUrl%3D%2F%2Filoapp.bobgermeys.be%2Fdata%2F_gallery%2Fpublic%2F39%2F151132594367473400_thumb.jpg%26nUrl%3D%2F%2Filoapp.bobgermeys.be%2Fvideo%2Fpublic%2F39%2F151132594367473400_normal.mp4%26mUrl%3D%2F%2Filoapp.bobgermeys.be%2Fvideo%2Fpublic%2F39%2F151132594367473400_mobile.mp4En daarmee is er een einde gekomen aan onze tocht. Het is mooier geweest dan we ooit hadden durven dromen. Het begon met een klein idee “we moeten iets doen om psychose onder de aandacht te brengen, misschien een fietstocht?”…. en het is uitgegroeid tot een enorm evenement waarbij dit doel meer dan bereikt is. We hebben een aanzet kunnen geven om het stigma rond psychische problemen te doorbreken, we hebben meer geld ingezameld dan we ooit hadden durven dromen en er zijn veel meer mensen dan we hoopten betrokken geraakt bij deze actie.

Dank aan jullie allen voor alle steun! De top van de Mont Ventoux is het einde van onze tocht, maar vormt ook het startpunt voor een nieuwe actie volgend jaar! Want deze beweging die we in gang gezet hebben, mag niet stoppen! Samen met Te Gek blijven we verder werken aan destigmatisering van en fondsenwerving voor de psychiatrie!!

Succes ook aan de fietsers van Te Gek die gisteren met hun fietstocht in het zog van de Tour de France vertrokken zijn! We denken aan jullie!

Inez

Véél meer foto’s



Clinton of Trump

Algemeen Posted on 2016-11-08 08:11:50

Vandaag 8 november kiezen de Amerikanen hun nieuwe president.

Hoe dit werkt kan je hier lezen: http://deredactie.be/permalink/1.2809553

Hopelijk worden we morgen niet wakker in een nachtmerrie …



Apologie ( 1 )

Cultuur Posted on 2016-11-06 11:25:56

In 1996 speelde ik De Apologie van een acteur – een monoloog van Michel Thys – naar het leven van Vincent Van Gogh. Het was een hele uitdaging om de twee uur durende tekst te memoriseren. Tegelijkertijd was het een ultieme uitdaging in mijn lange toneelcarrière.
Vincent Van Gogh heeft me daarna nooit meer echt losgelaten. Bezoeken aan Arles, Saint-Rémy-de Provence, Het Kröller-Müller museum … waren dan ook geen toeval.

Als ik de tekst van de monoloog nu herlees, verbaas ik me dat ik dit ooit heb aangedurfd. Maar het was vooral de zoektocht naar de juiste zegging van de mooie woorden waar ik van genoot. En vooral: ik heb eruit geleerd om ‘van achter naar voor’ te leven … leven in het hier en nu.

Wij weten maar hoe diep – diep – we iemand liefhebben, als die er niet meer is,
en blijven achter met elk woord, elk gebaar dat haar heeft pijn gedaan,
elk woord dat niet werd uitgesproken, en waarvan het uitblijven haar heeft pijn gedaan,
als een splinter in de keel.

Elk gebaar dat niet werd voltooid, als een kramp in de vingers, voor altijd.

Wij blijven achter in schuld, die nooit kan worden goedgemaakt,
en steken ons steeds verder in diepere schuld door al de woorden
die we later tegen anderen zeggen, die haar onwaardig zijn,
en al de gebaren tegenover die anderen die wel worden voltooid,
tot onze grote definitieve verdoemenis.



Apologie ( 2 )

Cultuur Posted on 2016-11-06 11:24:43

Een befaamd acteur heeft zich, uit vrije wil, laten opnemen in een psychiatrische inrichting, omdat het hem daarbuiten te eng werd.

Na een lange – succesrijke – carrière wil hij daar op zoek gaan naar vrede en vriendschap, naar liefde en rust. Maar wat is dat … liefde? En voor wie … en voor wat?

De liefde voor mensen en dingen – het leven?
De liefde tussen man en vrouw, ouders en kinderen?
De liefde voor ‘dat iets daarboven’, dat onnoembaar is en dat blijft als al het andere voorbij is en vergaan?

In zijn honger naar liefde en begrip, graaft hij diep in een ver verleden, dat hem zò vaak en zò diep heeft gekwetst. Zijn wij allen immers niet de kleine zielen van de liefde, profeten van een woord dat wij niet spreken kunnen?

Om zijn zoon Peter te redden, wil hij reeds lang een eigen tekst vinden en zeggen, een tekst van zijn ziel. Maar nog nooit heeft hij dat gedurfd.

Via die ‘Monoloog van Vincent van Gogh‘ wil hij … ‘door het spel te brengen van hoe mensen tot liefde komen in het uur van hun dood’ … tot liefde komen voor Peter.

Is hij dan misschien toch, géén ‘gevangen engel met gebroken vleugels, die zijn glans en zijn glimlach verloor?’



Apologie ( 3 )

Cultuur Posted on 2016-11-06 11:23:44

Vincent van Gogh ( 1853 – 1890 )

Er zijn veel kunstenaars van wie de levensomstandigheden vrijwel onbekend zijn,
of – indien wij ze al kennen – weinig betekenis hebben voor het waarderen of beter begrijpen van hun werk.

Vincent van Gogh daarentegen behoort tot die categorie van kunstenaars bij wie leven en werk zeer nauw samengaan. Kennis van de gebeurtenissen in zijn leven kan bij hem veel bijdragen tot een beter inzicht in zijn werk en zijn persoonlijkheid.

Heel bepalend hierbij is zijn innige, zij het herhaaldelijk door ernstige twisten verstoorde, vriendschap met zijn broer Theo. Theo is altijd in de schaduw gebleven van zijn beroemde broer, hoewel Vincent zich zonder de voortdurende steun van Theo nooit had kunnen ontplooien tot het genie dat we kennen.

‘De levensomstandigheden zouden ons hoe dan ook tot broeders maken’, schreef van Gogh aan zijn broer, ‘omdat wij in zo menig opzicht lotgenoten zijn’. Hoezeer hun levens parallel zouden lopen, tot aan beider tragisch einde toe, kon Vincent toen nog niet vermoeden.

Vincents korte, maar veelbewogen leven is welbekend:

zijn opleiding in de kunsthandel in Den Haag, Londen en Parijs
zijn werk, als onderwijzer, in Engeland
zijn mislukte poging om, zoals zijn vader, predikant te worden
zijn verblijf in de Borinage als evangelist onder de mijnwerkers.

Eindelijk, op zesentwintigjarige leeftijd, neemt hij de beslissing om zich geheel aan de kunst te wijden, met ondermeer een korte studietijd in Antwerpen, daarna in Parijs, Arles, Saint-Rémy en Auvers.

Later volgen talrijke psychische inzinkingen en uiteindelijk, op 37 – jarige leeftijd, zijn zelfmoord.



Apologie ( 4 )

Cultuur Posted on 2016-11-06 11:21:50

Voor een beter begrijpen van Vincent van Gogh

Kort nadat Vincent werd afgewezen door zijn grote liefde, Kee Vos, ontmoette hij Sien, een zwangere vrouw, die op straat haar brood moest verdienen … met haar zou Vincent 2 jaar samenleven (1882 – 1884).

Zijn bewondering voor Paul Gauguin, met wie Vincent later in een zeer gespannen relatie zou samenwerken en die uiteindelijk zou culmineren in een dramatisch conflict, waarbij hij zijn oor afsneed, het in een envelop stak en naar een meisje van plezier bracht
(december 1888).

Zijn vrijwillige opname in het krankzinnigengesticht van Saint-Rémy (mei 1889).

Een jaar later ontslag uit deze instelling met volgende afsluitende aantekening van de behandelende arts:
‘De zieke, die doorgaans kalm was, heeft tijdens zijn verblijf in deze inrichting verschillende aanvallen gehad met een duur van twee weken tot een maand. Tijdens die aanvallen was de patient ten prooi aan verschillende angsten en hij heeft bij herhaling getracht zich te vergiftigen door bijvoorbeeld de verf in te slikken waarvan hij zich bediende bij het schilderen. Tussen die aanvallen in was de patient volkomen kalm en helder van geest. Hij hield zich dan met veel vuur bezig met het schilderen. Vandaag verzoekt hij te mogen vertrekken om in het noorden van Frankrijk te gaan wonen, in de hoop dat het klimaat daar beter voor hem zal zijn’ (mei 1890).

Op zondag 27 juli 1890 probeert Vincent van Gogh in een korenveld achter het kasteel van Auvers zelfmoord te plegen met een pistoolschot door de borst. Als gevolg van de opgelopen verwonding overlijdt hij de dag nadien.

In het hart getroffen door deze zelfmoord overlijdt zijn broer Theo zes maanden later ook.

Enkele werken van Vincent van Gogh

De Zaaier – De Barmhartige Samaritaan – De Weesman – Korenveld met cypressen
Weg met wandelaars, cypres en ster – Roze rozen in een groene vaas – De rode wijngaard
Korenvelden in Auvers-sur-Oise – Bloeiende boomgaard – Korenveld bij zonsopgang
Paarse irissen tegen roze achtergrond – Zonnebloemen – Turfspitters in de duinen
Olijfbomen in berglandschap – Korenvelden onder dreigende lucht met kraaien



Apologie ( 5 )

Cultuur Posted on 2016-11-06 11:12:08

De Apologie van een akteur – Eerste bedrijf.

Volgens goede gewoonte, zou ik jullie moeten danken … omdat jullie hier aanwezig zijn om naar mij te komen luisteren.

Ik zou om jullie ‘welwillendheid’ moeten verzoeken, in verband met mijn ‘ontoereikendheid’ als akteur en als mens, te meer omdat ik wegens ontoereikendheid hier ben ondergebracht.

Een psychiatrische inrichting van het hoogste niveau … bij jullie … gezegend zoals ik met het voorrecht om hier ‘te mogen’ verblijven, degelijk gevoed en gehuisvest … degelijk begeleid om weer mens te worden op het hoogste niveau.

Welnu, lieve vrienden en vriendinnen … ik verzoek jullie niet om jullie welwillendheid.

Als die er al niet was, dan waren jullie toch niet naar hier gekomen. Want jullie zijn toch vrije mensen.

Tenzij er onder jullie natuurlijk zijn die hier herrie willen komen schoppen … die dachten: die zullen we eens goed voor de gek gaan houden … die gek.

Maar niemand van jullie heeft dat gedacht, want jullie zijn gekken zoals ik, en waar ter wereld vind je groter samenhorigheid dan onder gekken …?

Of niet soms?

En diegenen onder jullie die ‘niet gek’ worden genoemd, omdat ze hier zijn aangesteld om gekken te onderscheiden van niet-gekken … en ze hier in afzondering te beschermen tegen de ‘niet-gekken’ daarbuiten … en ervoor te zorgen dat ze tevreden kunnen leven in hun zalige staat van gek-zijn, en – God betere het – ze misschien zelfs te genezen … wat dát dan ook mag inhouden …

Ik bedoel inderdaad onze geachte heer directeur, de zeer geleerde dames en heren psychiaters, en onze geliefde verpleegsters en verplegers, die hier onder ons zijn. Ik zou zeer te kort doen aan hún reputatie van alomgeprezen welwillendheid, indien ik hen er zou van verdenken dat zij mijn optreden – hier vanavond – zouden willen saboteren.

Trouwens … zij zijn het – die mij gevraagd hebben om hier voor jullie op te treden.

Met een eigen programma.

Als akteur met nationale reputatie beschouwen ze mij waarschijnlijk als een aanwinst onder jullie, lieve vrienden en vriendinnen.

Welnu … ik hoop mij – dat voorrecht en dat vertrouwen – waardig te tonen.

Er zijn hier kunstschilders en beeldhouwers, weet ik, voor de verfraaiing van het milieu, binnenshuis en in het park …
Ik heb al ruimschoots de gelegenheid gehad om hun werk te bewonderen.

En dichters … en filosofen … en mensen van de wetenschap, positieve wetenschap en geesteswetenschap, zoals dat heet.
Ik heb kennis met hen gemaakt … aan tafel … en tijdens de wandeling.
En groot geestelijk genoegen aan hen beleefd.

En er zijn de eenvoudigen.
De eenvoudigen des harten … of van geest, zoals dat in het evangelie zo mooi geschreven staat. Zij maken geen kunstwerken, zij nemen niet deel aan de grote feesten van het woord, maar zij zijn wat ik hoe langer hoe vuriger hoop te worden:
Mensen, van alledag, van vlees en bloed.
Zoals mijn moeder dat was.
Mensen van gezond verstand, zou ik haast zeggen, als dat niet in tegenspraak was met de aard van dit milieu. Hun bestaan in deze wereld verbaast en verblijdt mij nog het meest. Zoals ik verbaasd en verblijd ben over elke vis die het vervuilde water in onze rivieren overleeft.

Allemaal mensen dus van het hoogste niveau.

En dan is hier nu ook nog een akteur.
Voor de zo noodzakelijk ‘rekreatie’ op hoog niveau.

Alle rede dus, lieve vrienden en vriendinnen, om géén sabotage te verwachten van onze geachte heer directeur, de zeer geleerde dames en heren psychiaters, en onze toegewijde verpleegsters en verplegers.

Integendeel.

Juist van hen verwacht ik de diepste aandacht … Een andere aandacht.

Want is er een betere gelegenheid dan deze voor hen denkbaar, om hun laatste twijfel weg te nemen, zo die er nog mocht bestaan, omtrent de vraag …. of ik wel degelijk gek ben?

En als dat voor hen dan zonneklaar zou blijken uit wat ik jullie vanavond allemaal zal vertellen, wat een mogelijkheid voor hen dan om op het spoor te komen van wát mij krankzinnig heeft gemaakt, en om middelen te verzinnen om mij weer gezond te maken, en anderen misschien voor een soortgelijke ziekte te behoeden.

Alhoewel, als akteur, met nationale reputatie, moet het mij niet moeilijk vallen om de gek te spelen, ook als ik het niet werkelijk ben, en dan niet vanuit een grondige studie van de gekheid, zoals zij die hebben doorgemaakt … maar vanuit mijn intuitie als kunstenaar, gevormd in een vijftigjaarlang verblijf daarbuiten.

Maar ze kunnen gerust zijn.

Lang geleden heb ik eens een boek gelezen dat ongeveer als volgt begon:
‘Ze zeggen dat ik krankzinnig ben, maar ík zal jullie bewijzen dat ik het niet ben.
Welnu, dat is dan niet mijn geval.
Als er hier vanavond iets bewezen wordt, dan juist dat ik het wél ben.
En ik ben er trots op.

Ik spreek hier vanuit mijn krankzinnigheid, vanuit de volheid van mijn krankzinnigheid, tot jullie ……. krankzinnigen zoals ik.
Ik spreek vanuit de volheid van mijn waanzin tot de volheid van jullie waanzin, zodat jullie mij kunnen begrijpen.

Waarom zijn jullie anders hier? Niemand verplicht je.

Je kon evengoed voor de televisie zitten nu, of onder mekaar gezellig praten, vrolijke herinneringen ophalen, of gaan wandelen in het park, of gaan slapen ….
Maar nee, jullie verkozen om te komen luisteren naar een gek.
Daar moet je toch zelf behoorlijk gek voor zijn.
Of niet soms?

Maar … je zal het je niet beklagen.
Ik zal jullie verhalen vertellen voor gekken.
En wie niet gek is, zoals die daarbuiten, zou er niks van begrijpen.

Als gekken onder mekaar zijn wij hier samen, en als er onder jullie mochten zijn die ook graag eens een gek verhaal willen vertellen …. aangestoken door mijn gekheid, wel die zal ik hier in dankbaarheid ontvangen en hem of haar het woord afstaan, als ‘t maar gek genoeg is om die daarbuiten voor gek te zetten met hun alom geroemd gezond verstand … wat dat dan ook moge zijn.

Ik wil beginnen met een bekentenis …

Ik heb jullie lief.

Een paar jaar geleden heb ik Oedipus gespeeld.
De psychiaters spitsen hun oren !!
Op het einde, weet je wel, steekt Oedipus zich de ogen uit.
Welnu, keer op keer moest ik met geweld de drang weerstaan om mijn ogen echt uit te steken, uit weerzin voor mezelf en de anderen en voor heel dat gedoe … dat leven heet.

Maar ik weerstond de drang … vanuit een goede reden.
Hoe kon ik anders de volgende dag weer optreden?
En een akteur is toch iemand die optreedt, nietwaar?

Wat ben ik nu blij dat ik het niet gedaan heb.
Want ik heb jullie lief.
Ik hou ervan om naar jullie te kijken.
Zoals je daar zit.
Met heel je aandacht …
Je ogen gericht op mij.

Heel je wezen gespannen naar wat ik jullie kom vertellen, met heel mijn wezen.
Want vertellen dat doe je niet alleen met je mond, maar met heel je wezen …
je lichaam-wezen, dat geest wordt van je geest, communicerende geest,
geest – die beelden die in mij zijn – creeert in jullie geest,
zodat er hier een eenheid ontstaat die weergaloos is in de totaliteit van de cosmos
zoals ‘God’ hem schiep en dynamisch laat voortbestaan.

Zo heb ik jullie lief.
Zo … hoop ik … hebben jullie mij lief, en zal onze liefde groeien met de woorden die ik spreek. Want de liefde, lieve vrienden en vriendinnen, is het allerhoogste, en wee degene die haar verraadt. Of die door haar verraden wordt.

Zijn er onder jullie die de liefde hebben verraden?
Of die in hun liefde werden verraden?

‘Ik’ heb de liefde verraden.
Ik werd in mijn liefde verraden.
Maar tussen die twee heb ik nooit zo goed een onderscheid kunnen zien.

Ben ik het die de liefde verraadt?
Of verraadt de liefde mij?
Is die liefde in mij?
Of is ze buiten mij?

Maar misschien is het antwoord niet te geven, en is het ook niet zo belangrijk.
Het resultaat, vrienden en vriendinnen, dat is wat telt.

En het resultaat, dat zijn wij, zoals wij hier samen zijn, met onze liefde voor iemand anders, en de liefde van iemand anders voor ons, mogelijk twee verschillende mensen, maar niet noodzakelijk.

Met ons verraad tegenover iemand anders, en het verraad van iemand anders tegenover ons, ook twee verschillende iemanden, misschien, maar ook niet noodzakelijk en met de moeilijkheid om daar uit wijs te raken en er wat mee te doen.

Zo’n slokje nu en dan helpt mij om mij te concentreren.

Ik heb een zoon … Peter.
Doet grafiek op de akademie.
Zo’n tekenaar.
Maar die handen van hem die beven … de hele tijd.
Tot hij enkele biertjes heeft gedronken.
En dan geen trilling meer.
Vaste hand.

Zo is ‘t ook een beetje hier.
Maar zo een slokje nu en dan, en alles weer stevig in de hand.
Nu ja , als ‘t daar goed voor is, waarom dan ook niet, he?

Als ik gedronken heb, één glaasje volstaat, en ‘t liefst alleen, en laat, zijn alle mensen goed, en ik ben goed, en God bestaat, en morgen is er vrede, in heel de wereld.
Ken jij een betere reden als ‘t om een glaasje meer of minder gaat?

Pracht van een jongen, Peter.
Artistiek, zonder gelijke.
Had alles kunnen beginnen.
Ja, ook theater.
Maar daar is hij wat te stil voor.
Een beetje te veel in zichzelf gekeerd.

Een akteur moet – extensief zijn … een vlotte jongen in ‘t milieu …
Een grote mond opzetten … zich durven uitspreken … zo van:
Hé!!! Hier ben ik!! Gezien ?! Hè???
Hoog … Breed … Diep.
Maar Peter … ‘t lijkt wel alsof hij altijd bang is voor iets.

Net zoals Elfi … zijn tweelingzuster.
Mijn dochter … die dood is.
Die was ook zo artistiek.
Erg gevoelig.
Erg kwetsbaar.
Kon op ‘t einde niet meer lachen.
Alleen nog maar glimlachen.
Zo’n glimlach die als een sluier over je gezicht hangt, en dan weer verdwijnt, als nevel.

‘Allez kom, pa’, zei ze, en ze glimlachte.
Maar zo droevig.
Tot ook die glimlach er niet meer was.

Ze wou alleen wonen … ja, dat is de trend.
Maar niet alleen dat.
Met mij was niet te leven.

En ze had iemand leren kennen …
Fredje … die van zijn kamer was gezet.
Als ze samenwoonden, konden ze de kosten delen.
Maar hij had geen cent.
Verdiende ook niks …
Uit principe.
Wou niet meespelen in het kapitalistisch systeem.

En zij gaf haar studie op … fotografie … het vijfde jaar, en ze werd dienster in een snackbar.
En op een keer kwam ze ‘s nachts thuis en Fredje had bezoek.
Vrouwelijk bezoek …. een logé.
En voor Elfi was er toch nog de sofa.

…. Weet ik van Peter ….

En een paar weken later trok die logé weer op en Fredje ging met haar mee en trok bij haar in. En Elfi kroop in haar hoekje.
Als ik haar opzocht, zat ze daar, kleintjes, in haar hoekje.
“Maar Elfi toch”, zei ik … en ze glimlachte:
“Allez kom, pa”, zei ze, ” ‘t gaat wel over “.

Maar ‘t ging niet over.
Maanden lang bleef het zo …
En dat allemaal om die knul.

Maar misschien ging het wel verder, dieper, in regionen van haarzelf die ze nu pas leerde kennen. Toen vrienden van hem haar kwamen opzoeken, bleek dat ze allemaal aan de drugs waren. En binnen de kortste keren zij ook.

… Weet ik van Peter …

“Allez kom, pa” – zei ze – en ze glimlachte.
En op een avond nam ze de trein naar hem toe.
Ze had maar geld voor een ticket tot Mechelen maar hij woont in Brussel.
En ze trok te voet verder.
Het vroor … en ‘t begon te sneeuwen.
En ‘s morgens werd ze gevonden in ‘t gras naast de weg.
IJskoud … Stijf … Onder een wit kleed.

Twee dagen daarvoor had ik haar nog gewaarschuwd:
“Elfi, kom nu toch eens tot jezelf.”
“Allez kom, pa”, zei ze … en ze glimlachte.
“Er valt hier niet te lachen”, zei ik, ” ‘t is serieus, doodserieus “.
“Jaja”, zei ze.
En een ‘ja’ bij haar was ‘ja’.
En ze glimlachte niet meer.

En toen ik haar terugzag, was ze doodserieus en helemaal zichzelf.
En toch was er nog iets van die glimlach overgebleven, iets van … “Allez kom, pa”.

Ze maakte mooie foto’s, Elfi.
Stillevens … mooie hoekjes in de stad.
En verre landschappen … ‘t liefst onder de sneeuw.
“Voor ‘t contrast”, zei ze.
En portretten … Van mij … Van mijn grote rollen.
Als Hendrik IV van Pirandello.
Van Oedipus, de koning op de trappen van ‘t paleis:
“Gij bidt, en wat gij vraagt, bekomt gij ook als naar mijn woord gij luisteren wilt en zorg besteden aan uw krankheid, krijgt gij licht een afweer in uw nood en leniging.”

Van Oedipus met de ogen uitgestoken wou ze niet weten.
“Nee, pa”, zei ze, “‘t zou lijken alsof ik zelf door mijn foto jou de ogen had uitgestoken”. En als Hamlet … To be or not to be … O jee.
“Ik wil zó’n echt portret”, zei ze, “dat de woorden mee op de foto lijken te staan.”
“Wel wat oud, ik, voor Hamlet”, zei ik.
“Hamlet heeft toch geen leeftijd”, zei ze.
“En jij ook niet.”

Koning Lear op de heide, met zijn dode dochter, Cordelia, op zijn schoot, in storm en onweer – dat heb ik haar nooit durven vragen.
Voor haar niet, en voor mij niet.

Vreemd.

Als ik aan haar denk, zie ik haar soms zelf op een foto.

Als Ophelia … De gekke Ophelia.

En vanuit de verte – ergens – zie ik haar dansen.

De gekke dode Polonius. De betweter. Met zijn goede raad.

‘Er valt hier niet te lachen’. Aas voor de wormen.

Gedoemd om eeuwig op die foto te kijken naar zijn gekke dansende Ophelia.

En als Kassandra.

De gekke dichteres, die de ondergang van haar volk voorzag en in haar ziel meedroeg, en in haar ogen, de eigen ondergang tegemoet, stom geworden na zoveel vruchteloos spreken, waar zelfs haar vader doof bij bleef – die haar zo liefhad.

Als ze een foto van Peter had gemaakt, dan had het er een van Vincent Van Gogh kunnen zijn – diezelfde obsessie in zijn ogen – datgene wat hem voor mij tot een mysterie maakt – en dat ik moet openbreken – als ik hem redden wil.

Ze was een goeie fotografe, Elfie.
En nog maar in ‘t vijfde jaar.
Op de jaarlijkse tentoonstelling waren er vijf foto’s van haar te zien, apart, omkaderd door een breed zwart lint.
Dat hadden ze niet mogen doen.
Die foto’s zijn niet dood.
In die foto’s leeft zij voort.
De wereld even stilgezet … een eeuwigheid … met een glimlach.
‘Allez kom, pa.’

Een moeder had ze nodig, Elfi …. geen vader, zoals ik.
Een akteur zou geen kinderen mogen hebben.
Voor de kinderen niet … en voor hemzelf niet.
Dat Peter maar kan tekenen als hij drie glazen bier opheeft, ‘s morgens al, dat is toch niet normaal. Of wel soms?

Heeft iemand van jullie een zoon die ‘s morgens al drie glazen bier moet binnengieten om een vaste hand te hebben?
Niemand toch.
Die heeft ook een moeder nodig … Een echte.
Niet zo’n opgekallefaterde pop van … ‘Hebben jullie mij al gezien, hoe sexy ik wel ben?’
Trouwens zij is zijn moeder niet.

O ja, ze zou een goeie moeder zijn.
“Die kinderen hebben toch een moeder nodig!”
Een moeder? … Jawel, ja! … Maar niet zoiets.
En ik had het kunnen weten … Blinde Oedipus.
Met mijn ogen wijdopen van bewondering en geil als een jonge bok.
Ze heeft mijn kinderen opgevreten.
Ze heeft mij mijn kinderen doen opvreten.

God nog aan toe, hebben jullie mij hiervoor uitgenodigd?
Lieve vrienden en vriendinnen, die ik liefheb als mezelf.

Zal ik, als Antonius bij het lijk van Caesar, mij omkeren, en wenend mijn hoofd leggen tegen een zuil, zodat jullie in stilte weg kunt gaan, beschaamd om zoveel smart in mij, die ik zo onomwonden toon?

Jullie willen liever blijven.
Ik wil ook blijven.
‘t Is goed hier, bij jullie.
En zij die ons leiden en goed voor ons zijn, blijven ook, de heer direkteur, de dames en heren psychiaters, onze geliefde verpleegsters en verplegers.

Ik zal jullie iets moois vertellen.
Over hun moeder.
De echte moeder van Peter en Elfi.
God hebbe haar mooie ziel, want ze was goed voor ons.
Maar op een avond ging ze dood.
Zo maar … Pfft.
Weg.

Drie dagen mooi opgebaard.
In een paradijs van bloemen, en twee wenende kinderen van zeven.
En dan die begrafenis.
Twee meter diep de grond in.
Weg.

Wij weten maar hoe diep – diep – we iemand liefhebben,
als die er niet meer is, en blijven achter met elk woord,
elk gebaar dat haar heeft pijn gedaan,
elk woord dat niet werd uitgesproken,
en waarvan het uitblijven haar heeft pijn gedaan,
als een splinter in de keel.
Elk gebaar dat niet werd voltooid, als een kramp in de vingers, voor altijd.
Wij blijven achter in schuld, die nooit kan worden goedgemaakt,
en steken ons steeds verder in diepere schuld door al de woorden
die we later tegen anderen zeggen, die haar onwaardig zijn,
en al de gebaren tegenover die anderen die wel worden voltooid,
tot onze grote definitieve verdoemenis.

Dát – was mijn mooi verhaal.

Als iemand er een mooier kent, mag hij hier komen en het ons vertellen.
De wereld heeft behoefte aan mooie verhalen!
Wie vertelt ons het mooiste verhaal ter wereld?!
Zelfs het verhaal van God is geen mooi verhaal.

Jullie geloven toch in God?
Ik geloof in God.
Ook al is ‘t geen mooi verhaal.
Trouwens, een verhaal hoeft niet mooi te zijn, opdat je ‘t zou geloven.
Hoe mooier verhaal, hoe minder geloof, zou ik zelfs zeggen, hoe graag we ‘t ook zouden geloven.

Maar het verhaal van mijn vrouw is waar.
Hoe mooi het ook is.
Weet je hoe dat komt?
Omdat het zo kort was.
Mooie verhalen zijn altijd kort.

Een pijl die zijn doel mist, schiet zijn doel voorbij, en tijdens het vliegen zakt hij steeds dieper, tot hij uiteindelijk in ‘t zand blijft steken, krachteloos, geen pijl meer, alleen nog maar een zielig stukje hout, met een veertje eraan.

Wij hadden de tijd niet om te verzanden.
Veel werk.
Goed werk.

Zij, op weg om een grote danseres te worden, en ik een groot akteur, allebei vol respekt voor elkaars kunst, en samen bezig met de kinderen.

Kinderen en kunst, dat is het mooiste wat er is.
Allebei zuiver.
Ademen nog de onschuld van het paradijs.

Christus stierf toen hij drieendertig was.
Ik had ook moeten sterven toen.
Ook aan het kruis.
In plaats van deze vermoddering … al meer dan tien jaar lang.

De dag na haar begrafenis ben ik de straat opgegaan en heb de bedelaar gespeeld.
Voor het centraal station … met uitgestoken hand.
De meesten liepen mij voorbij.
In een boog om mij heen.
Anderen schrokken, alsof ze in een hinderlaag waren gelopen, en stopten mij vlug wat geld toe.
Maar géén die mij in de ogen keek.
En dát was nu net wat ik vroeg: enkele ogenblikken van herkenning.
Oog in oog.

Het geld heb ik achteraf in een riool gegooid.
Al dat geld waarmee ze geprobeerd hadden hun rust af te kopen.
Het stonk naar zweet. Angstzweet. Doodzweet.
Kondensatiezweet van lijken.

De volgende dag ben ik weer de straat opgegaan.
Naar de mijnen, waar gestaakt werd toen.
Ik heb de stakers toegesproken, om ze te steunen in hun verzet ….
Mijn verzet.
Maar ze hebben mij uitgelachen … “Bemoei je met je eigen zaken!”
En de gendarmes hebben mij geknuppeld en opgepakt en opgesloten, en weer losgelaten … Maar met een glimlach.
“Die wou alleen maar opvallen als akteur. Wat prive reklame maken.”

Maar mijn verzet was oprecht.
Mijn fout was dat ik ze had toegesproken met de woorden van Shakespeare, en Ibsen, en Bertold Brecht, terwijl ik het met mijn woorden had moeten doen.

Maar wat waren mijn woorden?
Wie was ik zelf, dat ik eigen woorden zou hebben?

Ze was een danseres.
En ze was dood.
Moet je je voorstellen.
Een dode danseres.
Dat is toch waanzin.
Opgesloten tussen zes planken.
In het duister van de aarde.
Star.
Verstijfd.
Bezig uiteen te vallen.
Tot stof.

En de kinderen.
Wat moest ik toen nog met de kinderen, nu zij er niet meer was?

Hallo … Elfi?
Ja. – Jaja. – Binnen twee weken.
Ja. Een rode ballon? Natuurlijk . Is Peter daar?
Peter?
Braaf zijn, he jongen. – Jaja. – Natuurlijk.
Een doos kleurtjes. – Een grote. – Maar natuurlijk. Dat weet je toch.
Jaja. – Dag! – Dag.
Dag.

‘t Werden drie maanden.
En de rode ballon – vergeten.
En de doos kleurtjes – vergeten.
Vergeten.

Goeie kinderen. De beste.
Geen woord van verwijt. Maar die ogen.
Toen al lag Elfi star en stijf onder een kleed van sneeuw ergens langs de kant van de weg tussen Mechelen en Brussel, en Peter hief ‘s morgens al zijn eerste glas.
“Anders kan ik niet tekenen, pa.”

Ze had niet mogen doodgaan.
Er was vals gespeeld.
Ik had geen stem.
Geen eigen woorden.
Wat moest ik hun vertellen?

De goden zijn jaloers als ze zien hoe gelukkig een man kan zijn met zijn vrouw en kinderen. Ze ontnemen de man zijn vrouw, en de stem die hij nodig heeft om zijn kinderen tegen hen te beschermen.
Jezus Christus.

Daarna ben ik met een serpent getrouwd.
Als je ‘t paradijs moet verlaten, kom je niet op de aarde terecht …
Integendeel … Dan beland je in de hel.
“Ik zal goed zijn voor de kinderen. Een tweede moeder.”

Ik heb haar in ‘t openbaar verkocht.
Op de Vrijdagmarkt.
Met alles erop en eraan.
Aan de minst biedende.
“Wie biedt er minder dan vijftig frank? Vijftig frank!
Vijfenveertig! Vijfenveertig!
Wie minder dan vijfenveertig?
Veertig! Ik heb veertig frank! Veertig frank!
Voor een moordwijf! Met alles erop en eraan!
Zie die borsten!
Speciaal behandeld volgens de laatste nieuwe natuurlijke methode!
Vast en stevig! Elastisch! Een venus van Milo!
Zie die dijen! Rond en gespierd als de beste ratteval!
Wie biedt er minder dan veertig frank?
Ik heb veertig frank!
Veertig frank voor de mooiste ratteval van Antwerpen!”

‘t Was kopen op foto.
Een naaktfoto.
Voor een naturistenblad.
Vergroot. Levensgroot.
Zelf stond ze te kijken in ‘t raam boven een café.
En ze lachte.

Ze wist dat ik een enorme flater beging.
En ik wist het ook.
Maar ik kon het niet laten.
Om niet te stikken.
Ze had de politie opgebeld.
En voor ik haar zou kunnen verkopen, zouden ze mij hebben opgepakt en opgesloten voor altijd.
Gevangenis of gekkenhuis, om ‘t even.

“Hij was bezig zijn vrouw te verkopen, edelachtbare.”
“Zijn vrouw verkopen!”
“Ja, edelachtbare. In ‘t openbaar.”
“In ‘t openbaar!”
“Ja, edelachtbare. Op de Vrijdagmarkt. Aan de minst biedende.”
“De minst biedende!”
“Ja, edelachtbare.”
“Hahahahahaha!”
“Echt waar, edelachtbare.”
“Hmmm. Hmmm. Zo zo. Nu, beschuldigde, wat heb je daarop te zeggen?”

“Ik wou ze kwijt, edelachtbare.”
“Je wou ze kwijt!”
“Ja, edelachtbare. ‘k Heb het eerst geprobeerd uit der hand.
Met proeftijd. Maar ze brachten ze telkens weer terug.”
“O ja?”
“Ja, edelachtbare”
“Hahahahahaha! Dat mag toch niet!”
“‘t Was met proeftijd, edelachtbare.”
“Je vrouw verkopen!”
“Dat doen ze toch allemaal, edelachtbare, als ze er de kans toe zien.”
“O ja?!”
“Ja, edelachtbare.”
“Hoe bedoel je dat?”
“Voor hun carriere, edelachtbare. Of uit vriendschap. Ze ruilen ze voor wat anders, of lenen ze uit. Nu, ik wou ze definitief kwijt. En als ‘t dan toch niet lukte uit der hand, dan maar in ‘t openbaar. Meer is er niet aan de hand.”
“Meer is er niet aan de hand! Hahaha! Hahaha! En … is ze nu verkocht?”

“De politie heeft er zich mee bemoeid, edelachtbare, net voor ik de koop definitief kon toewijzen. Hierbij leg ik trouwens klacht neer tegen de politie, wegens het verstoren van een door gewoonte gewettigde transaktie, en van de goede orde.”

“Man, jij bent niet goed wijs, jij! Jij bent in staat ook nog andermans vrouw te verkopen!”
“Tot uw dienst, edelachtbare. En gratis. Als de edelachtbare mij – misschien – zijn vrouw – als de edelachtbare ze kwijt wil – Maar er moeten wel gegronde redenen zijn.”

Stilte … en nog meer stilte.

“Maar jij bent echt gek, jij!!”

En hier ben ik dan, bij jullie.

Dat was kort nadat ze Elfi vonden. Onder de sneeuw.
Naast de weg tussen Mechelen en Brussel.
Op weg naar haar ‘verloofde’. Die er met een ander vandoor was.

Of was ze toen op weg naar mij?
Ik speelde toen “Dodendans”, van Strindberg.
In de K.V.S. in Brussel

Ik had die rol nooit mogen aanvaarden.
Je mag nooit een rol spelen die je op ‘t lijf geschreven is, zoals ze in ‘t milieu zeggen.
Daar ga je alleen maar verder kapot van.
Met een rol moet je kunnen vechten.
Je moet hem eronder krijgen.
Niet hij jou.
Je mag alleen maar rollen spelen die je vreemd zijn.

Maar ‘t gekke is, dat als ik mij over een rol buig, dat die rol mij dan opzuigt.
Terwijl eigenlijk ik die rol zou moeten opzuigen.
Dat komt omdat ik geen eigen stem heb.
Geen eigen woorden.
Of is het juist omgekeerd?
Heb ik geen eigen woorden, omdat ik telkens weer opgezogen word door een of andere rol?

Misschien is dat wel het geheim van mijn succes?
Succes.
Maar waar sta je tenslotte zelf?!
Je reinste prostitutie.

‘t Zou allemaal anders zijn gegaan als ze had willen scheiden.
Of als Lena .. de derde … om het voor jullie wat overzichtelijk te maken, met mij had willen samenwonen.
Samen met Elfi en Peter.
Zij had een goeie moeder kunnen zijn.
Want het was een goeie vrouw.
Ik heb eigenlijk nooit goed begrepen wat er met haar aan de hand was.

Op een dag wou ze terug naar haar man.
Zo maar.
Geen ruzie.
Geen verkoeling de dagen ervoor.
Integendeel.
Elke dag beter.
Dieper.

Als ik me haar voorstel, dan is het ergens verweg.
Aan de andere kant van de bergen.
Ze speelt er met haar kinderen.
Mijn kinderen.
En als de kinderen naar bed zijn
“Slaap wel, Elfi. Slaap wel, Peter” dan begint ze te breien.
Een lange sjaal … Oneindig lang.
Zoiets als het borduurwerk van Penelope.

Nu en dan houdt ze op.
Kijkt voor zich uit, in de verte, waar ik ben, Odysseus, aan de andere kant van de bergen.
Merkt dan dat haar man naar haar kijkt.
Die kwal.
En ze breit weer voort, alsof er niets aan de hand is.

Hij weet van ons.
Dezelfde avond al dat ze terug thuis kwam.
“Ik ben verliefd op een akteur”, zei ze.
“O ja?” zegt hij.
“Ik ben verliefd op hem”, zegt ze. “Al lang.”
“O ja?”
“We zijn elkaar dicht genaderd”, zegt ze.
“Hoe dicht?”
“Heel dicht”, zegt ze.
“Heb je met hem geslapen?”
“Ja.”
“Nu, dat is dan wel heel dicht.”
“Drie weken lang”, zegt ze. “De drie weken dat ik met die vriendin op vakantie was, zogezegd.”
“Drie weken”, zegt hij. “Nu, dan heb ik nog heel wat streepjes op hem voor, zou ik zeggen.”

De smeerlap.
De kwal.
Hij had zijn krant zelfs niet neergelegd.
Nu zit hij naar haar te loeren, maar niets is zo veilig als breien.
In zo’n breiwerk kan je alles verwerken wat je denkt en voelt, zonder dat iemand er wat van merkt.
Daarom breien vrouwen zo graag.
En daarom zitten er altijd kleine foutjes in al dat breiwerk.
Onmerkbaar kleine foutjes, in al die sjaals en pullovers en mutsen en handschoenen.
En zo loopt de echtgenoot te pronken met de merktekens van haar geliefde.
Evenveel foutjes als hij streepjes voorheeft.
Worden allemaal in die sjaal weggebreid.
En nog meer!
Nog veel meer!!!

“Als ik nog langer bij je blijf, kan ik je niet meer missen”, zei ze.
“En wat moet er dan worden van mij?”
“Ik hou van je”, zei ik.
“Ja”, zei ze, “ik hou van jou”.
“Nu dan”, zei ik.
“Jij wil een moeder voor je kinderen”, zei ze.
“Ik wil jou”, zei ik.
“Nee”, zei ze, “jij wil je eerste vrouw terug.”
“Die is dood”, zei ik.
“Nee”, zei ze, “die leeft. Daar.”

Ze wees op mijn voorhoofd.

“Nee”, zei ik, “ze is dood. Maar jij kan haar vervangen.”
“Jouw dode koningin”, zei ze.
“Ze is dood … maar ze zit naast jou op de troon.
En allemaal moeten ze haar de hand kussen. Je tweede vrouw.
En je kinderen. En al je minnaressen tussendoor. En ik.
Maar dat kan ik niet. En toch, als ik nog langer blijf, zal ik je niet meer kunnen missen, en zal ik haar de hand kussen. Haar knokerige hand. En dat wil ik niet.”

Ze heeft me geschreven hoe erg ze ‘t vindt van Elfi, onder de sneeuw – ergens tussen Mechelen en Brussel.
En dat ze zich erg schuldig voelt … Maar dat is onzin.
Iedereen is schuldig … En niemand.
Ieder wil toch zijn eigen leven leven … Of niet soms?

Daarvoor zijn we toch hier.
Fredje ook … En zij ook.
Had Elfi meer geld gehad die avond, of had ze tot de volgende morgen kunnen wachten, dan had ze tot Brussel kunnen rijden.
Maar toch, – misschien, wat later, op een andere manier …

‘t Is triestig hoe allerlei dingen, en mensen, soms samenkomen in een punt waar ‘t allemaal een katastrofe wordt … één grote katastrofe.
En dat er dan geen weg terug meer is.
Tenzij.

Als Peter morgen op bezoek komt, moet ik de woorden vinden, de juiste woorden, mijn eigen woorden, die aan zijn hand de vastheid geven om te kunnen tekenen wat hij tekenen moet …
Zonder die drie glazen bier.
Want hij tekent prachtig, weet je.
Wat zo’n jongen niet allemaal tekent.

En ik vrees dat het van drie glazen, vier glazen worden en vijf, en dat het bier zijn hersenen aantast, en zijn hart, en als het bederf daar zit, in de hersenen en in het hart, wat helpt een vaste hand dan nog?
Dan verzeil je toch bij de gekken.
Bij ons – die ze daarbuiten gekken noemen.

Ik ben een beetje – moe.
Dat flesje was er te veel aan.
Ik heb het gekregen van een oude vriend …
Geerfd.
Zeventig was hij …
Longkanker.
Hartstochtelijk roker.
In alles hartstochtelijk.

De avond voor hij doodging, had hij mij en nog enkele vrienden uitgenodigd op een paar flessen roze champagne.
Speciaal voor die gelegenheid – lang geleden gekocht en bewaard.

Een gezellige avond.
De gekste herinneringen aan vroeger.
En over de natuur.
Hoe mooi die wel is.

En over die keer dat hij de koekoek had horen roepen, toen hij die juist erg hard nodig had. Allemaal alsof er niks ergs aan de hand was.
Alsof er iets te vieren viel, met de feestelijkheid van een zonsondergang boven de zee.

Hij wou dat ik zou blijven als laatste.
Voor een laatste mededeling.
Jarenlang had hij een geliefde gehad.
Dat wist ik. Iedereen wist het.

In een overvloed van gedichten had hij haar bezongen in alle toonaarden.
Door haar was hij gekomen tot een soort ” godservaring ” waarin alle dingen en mensen hun plaats hadden.
‘t Was één harmonie.
En toen plots – niks meer.
Geen regel.

Nu zou hij mij vertellen hoe dat gekomen was.
Iemand moest het weten … voor de gemeenschap, mij had hij uitverkoren om het te weten. In zijn verdriet omdat zij er telkens weer vandoor moest vertelde hij haar eens dat hij voortaan elke avond in de gedaante van een uil in de boom voor haar slaapkamer zou zitten. En dat zij ‘s nachts naar hem toe zou komen en bij hem zijn.

Haar man zou daar lucht van krijgen en op een keer zou hij haar naar buiten volgen, met zijn geweer, en de uil uit de boom schieten. Haar verdriet zou zo groot zijn dat zij zelf stilaan een uil zou worden en wegvliegen en hem zoeken.

Verder was hij niet geraakt met zijn verhaal.
Als hij een uil wou zijn, dan was dat zijn zaak, maar dan had zij met hem niets meer te maken.
En zij zelf een uil, daar bedankte ze feestelijk voor.
Ze was dan misschien wel gek, maar niet zo gek.
En als hij de kleine jongen wou spelen, zij was een volwassen vrouw.
En de groeten.

En toen had ze de brief verscheurd, hun heilig verbond tegen de wereld, die ze verzegeld hadden met een druppel van hun bloed.

Hij was erg romantisch.
Nog altijd.
Even romantisch als zij geweest was, toen ze nog van hem hield.
En hij begreep haar niet.

Hij dacht: de brief kan je verscheuren, maar het verbond blijft.
Want het bloed behoort toe aan de ziel, en de ziel blijft.
‘t Is een vergissing.
Ze zal het inzien en terugkomen. Maar ze kwam niet terug.

Van haar dochter hoorde hij dat haar moeder, alle uilen die hij haar ooit gegeven had, het huis had uitgesmeten, met het huisvuil mee.
En mij erbij, dacht hij …

En zo is hij stilaan doodgegaan.
Geen lucht meer.
Langzaam leeggelopen als een fietsband. Tot op de velg.
Jarenlang heeft hij nog voortgefietst, met platte banden.
Daar wordt je heel moe van.

Als de ziel het niet meer uithoudt, sluit zij met het lichaam een verbond, en dat zorgt dan voor een minnelijke schikking … en levert de nodige camouflage voor een onopgemerkte maar degelijke zelfmoord.

En toen gaf hij mij dit flesje.
Hij had het al die tijd bij zich gehad.
Lang geleden gekregen van een goede vriend.
Voor wat wijsheid in de moeilijke uren.

Ik moest het nu maar verder bij mij houden, voor wat wijsheid … in de moeilijke uren. Want vroeg of laat komen die toch. Als je tenminste leeft.
Maar je wordt er wel moe van, van zoveel wijsheid.

Ik denk dat hij nu, in al zijn wijsheid, zou doen wat ik van plan ben, en jullie ook aanbeveel: Rustig de tijd nemen voor een hartig kopje koffie, en een gezellig babbeltje samen, over hoe mooi de natuur wel is, en over die keer dat je de koekoek hebt horen roepen … en zo.

En voor wie niet van koffie houdt – een theetje of een biertje mag ook.
Of een borreltje of een glaasje wijn.
Alhoewel ik jullie koffie aanbeveel.
Want dit was nog maar de introduktie.
Het eigenlijke programma, waarvoor ik gevraagd ben, moet nog beginnen.

Mijn excuses als die introduktie naar jullie gevoel wat te lang is uitgevallen.
Maar dat is de schuld van dit flesje.
Maar nu is ‘t leeg.
En ik zal ‘t niet opnieuw gaan vullen.
Hoe hard ik het misschien ook nog nodig heb.

Ik laat het hier.

Ik drink verder wel koffie.

(Af)



Apologie ( 6 )

Cultuur Posted on 2016-11-05 10:45:22

Apologie van een acteur – Tweede bedrijf

Er zijn enkele mensen weggegaan, zie ik.
Maar jullie zijn gebleven.

Kijk … daarom voeg ik altijd graag een pauze in.
Ook als ‘t zonder pauze kan.
Voor ‘t publiek … en voor mij.
Ze kunnen voor de pauze nagaan of het de moeite loont om te blijven ….
Na een uurtje weten ze ‘t wel.
En dan is ‘t pauze en kunnen ze ongemerkt verdwijnen, als ze dat wensen, en van hun verdere avond nog wat maken.

Maar ook voor mij.

Er zijn dingen die je aan iedereen kan vertellen.
Dat deed ik voor de pauze.
En er zijn dingen die ik alleen vertel aan vrienden, die zich met mij verbonden voelen door wat ik voor de pauze heb verteld.
Mensen die mij liefhebben.
En die zie ik terug na de pauze.
Dat zijn jullie …
Die ik liefheb.

Ik zal jullie een teken geven van mijn liefde, en jullie nog een bekentenis doen.

Een paar kwalijke grapjes van daarstraks.
Voor ‘t succes.
Wat een akteur niet allemaal doet voor wat succes.
Ik heb mijn vrouw niet in ‘t openbaar verkocht op de Vrijdagmarkt.

Wie doet er nu zoiets?
En mijn eerste vrouw was geen danseres.
Als je een tweeling ter wereld hebt gebracht, kan je een carriere als danseres wel vergeten.

En vrouwen breien geen fouten in de pullovers van hun echtgenoten omdat ze aan hun minnaar denken, maar gewoon omdat iedereen wel eens een foutje breit in wat hij breit.

De dingen zijn wat ze zijn.

Maar hoe hou je ‘t uit zonder een verhaaltje erbij dat ze maakt tot wat je zou willen dat ze waren. En zo was mijn eerste vrouw een danseres, verkocht ik de tweede in ‘t openbaar op de Vrijdagmarkt, en breide de derde foutjes in haar pullovers omdat ze aan mij dacht.

En dat ik hier ben, komt niet doordat ze mij heeft doen opsluiten, maar gewoon omdat ik mij – in alle vrijheid – hier voor jullie poort heb aangeboden, om bij jullie te zijn, omdat het mij daarbuiten te eng werd.

Zo is dat.

Vergeet die grapjes dus maar.
Want vanaf nu wordt het ernst.

Wat we doen en gedaan hébben, is meestal niet zo belangrijk.
Belangrijk is vooral wat we graag gedaan hadden, en nooit gedaan hebben, om wat voor reden of oorzaak dan ook.

En daarover wil ik het nu hebben.

Voor mij was dat: In een monoloog van …” Vincent van Gogh ” … zijn leven verbeelden, en zijn sterven. Zoals hij het kan hebben ervaren in de enkele uren tussen het schot en zijn dood, tussen het schieten en het sterven.

Dat had ik graag gedaan … voor alles.
Niet Hamlet spelen, of Koning Lear, met de woorden van Shakespeare.
Maar Vincent Van Gogh zijn … met mijn woorden.

Maar als je gewoon bent om de woorden van anderen te spreken, kom je er niet toe de woorden te vormen voor een eigen tekst.
Een tekst van je ziel.

Tientallen keren heb ik er mij aangezet, elke keer helemaal opnieuw.
Maar telkens leek het mij weer zo eindeloos, die enkele laatste uren … zo ondoorgrondelijk diep, wat daar gebeurd moet zijn.

En telkens schoof ik het weer van mij weg.
En die kogel in zijn lijf, werd een kogel in mijn lijf, rakelings langs het hart.
En dat hart had ik nodig.
Voor Peter.

Maar nu – denk ik – zou het goed zijn voor Peter, als ik het deed.

Wat schrijvers tot schrijvers maakt, is, denk ik, dat zij dat gevoel van onvermogen niet kennen, of toch vlug overwinnen. Voor hen zijn de woorden toereikend, is het bestaan niet grondeloos. Zij bepalen zelf de bodem ervan. En de reikwijdte van de woorden. En dringen ons – akteurs – dan hun grenzen op, die wij respekteren.
En binnen die grenzen mogen wij dan onze gangen gaan en kreatief zijn.
Maar binnen hun grenzen.

Vincent Van Gogh.

Ik zag geen grenzen. En dus ook geen woorden.
God, wat lijnen en kleuren toch meer vermogen dan woorden!
Die heffen de grenzen juist op.

Jullie kennen van hem toch dat brandend korenveld, met die zwarte raven erboven?
De weelderige witheid van zijn appelbloesems?
De zomerse volheid van zijn zonnebloemen?
Samen de volheid van een menselijk bestaan.
Zijn ene unieke bestaan.

En dan is er dat schot.
Voor ‘t hart bedoeld.
Maar ernaast.
Feiten … harde feiten.

En dan zijn er nog die enkele uren tussen schieten en sterven.
Uren … vol jaren … naar de eeuwigheid toe.

Ik stel me dat zo voor.

Een kamer met een bed erin.
Een kaduke wastafel.
Een gammele stoel.
Zoals op dat schilderij dat hij gemaakt heeft van zijn slaapkamer.
Wat zwak licht van de ondergaande zon.
Daarin, scherp, een schot.
Gekras van raven, dat wegsterft.

En dan weer stilte.
Een lange, dreigende stilte.

Gestommel op de trap.
Hij struikelt de kamer binnen.
Blijft enkele ogenblikken geknield op de grond liggen.
Staat moeizaam recht.
Legt een pistool op de wastafel.
Steunt er enkele ogenblikken op.
Legt een hand op zijn borst, onder zijn kleren.
Kijkt ernaar. Allemaal bloed.
Veegt zijn hand af aan zijn broek.
Wankelt naar het bed.
Gaat erop liggen, in stilte.
En in die stilte maken zich langzaam woorden los uit zijn lichaam.
En onder die woorden brokkelen de muren van de kamer weg en lost zijn lichaam zich op tot louter geest. Louter taal.

Ik ben dus niet dood.
Nog niet.
Door de borst geschoten.
Maar bij vergissing niet door het hart.
Wel door… Ik weet het niet, waardoor.

Ik heb anatomie gestudeerd.
Hoe kan je anders mensen tekenen.
Maar dat is de buitenkant.
Spieren … beenderen.
Over het hart leer je niet in de anatomie.
Het hart hoef je niet te tekenen.
Dat zit erin, erachter, eronder.
Het hart spreekt een eigen taal.
Dat maakte het juist zo moeilijk om de techniek van het tekenen te beheersen.
Ik moest daarvoor eerst mijn hart leren kennen en beheersen.

Mijn hart spot met de techniek.
Het hield er altijd de gek mee.
Daarom werd ik ook in Antwerpen doorgestuurd.
Vanwege dat hart.

Maar de techniek wreekt zich – merk ik nu.

Ik heb altijd geprobeerd om mijn hart te doen spreken.
Door de oppervlakte heen.
Nooit, hoe ik het moest doen zwijgen.

Het ademen wordt moeilijk.
En er is pijn. Maar niet te erg.
En het hart klopt voort.

Eigenlijk is er maar weinig verschil met daarstraks.
Maar er is wel meer rust.
Ik voel het bloed vloeien.
Er komt een ogenblik dat het niet meer vloeit.
Dan houdt de werking van het hart wel vanzelf op, zou ik denken.
Tik – tik – tik

Wat is het stil nu.
En leeg.
Wat een rust.
Geen verf meer die ik moet uitsmeren.
Geen doek meer dat ik moet vullen met de kleuren van mijn werkelijkheid.
Geen penseel dat zich opdringt aan mijn vingers.
Het grote wit. Het volmaakte doek van het eeuwig en oneindig ene.

Ik ken jullie.
De weesman.
De turfsteker.
De naaiende vrouw.
Twee ginder bij een cipres.
En Sien … de hoer, in haar vele verschijningen.

Tien jaar lang dacht ik jullie te kunnen benaderen met mijn woord van predikant.
Maar mijn stem was te zwak.
Dan heb ik tien jaar lang geprobeerd jullie te benaderen met potlood en penseel.
Maar mijn hand was te zwak.

Toen – plots – wist ik dat een pistool het beste penseel is.
En ikzelf het beste doek.
En rood de juiste kleur.
En nu schilder ik het doek langzaam rood.
Dieprood.

Als jullie later ooit een tekening of een schilderij van mij onder ogen krijgen, denk dan aan dit laatste, beste doek, dat met mij zal verdwijnen, maar dat jullie nu hebben gezien en dat jullie zullen terugzien in alles wat ik heb gemaakt, onhandig, en vreemd.

Maar ik heb ze gemaakt.
Voor jullie.
Opdat je ze zou ophangen in je woning, in je werkplaats, als getuigenis van je lijden, en je verlangen naar rust. En van mijn aanwezigheid onder jullie.

Er is zoveel verdriet in mij … om mezelf … en om jullie.

Straks sta ik voor de Heer.
Ik weet niet wie hij is, de Heer.
Of wat hij is.
Maar zeker niet de Heer van mijn vader, die mijn liefde voor Kee Vos ‘onkies’ noemde, en mij ‘t liefst in een instelling had geplaatst.
Dat is de geest van de Heer niet.
De Heer is goed, en vol begrip, zoals mijn vader nu zeker weet, nu hij dood is.
De Heer heeft ons lief. Ik zal hem vragen ons allemaal op te nemen in zijn vrede.

Vreemd, hoe van hieruit alles anders is.
Hoe jullie anders zijn.
Alsof ik je recht in de ziel kan zien.
Zoals ik recht in de ziel van de dingen zie.
Wat mijn voornaamste bezigheid was.
Of mijn enige.

Toen ik probeerde jullie te tekenen, zocht ik in jullie naar de zuivere lijn die je was … elk van jullie, de lijn die je uniek maakt, je onderscheidt van alle anderen.
Ik oefende mijn hand om die lijn zuiver over te brengen op het papier, zodat ze onvervalst tot in der eeuwigheid zichzelf zou blijven.
Wat er met jullie verder ook zou gebeuren.

Het is mij nooit gelukt.
Wat je niet ziet, kan je niet tekenen.
Maar nu zie ik de lijn, in elk van jullie, en in mij die ze ziet.
In dit ogenblik van rust, zonder de krampachtigheid van mijn onmacht, die het teken van mijn waarachtigheid is. En die slechts één waarheid overhoudt: ik heb jullie lief, ik heb Sien lief, de hoer in al haar verschijningen.

Vreemd is dat.
Nu het bloed wegvloeit, ik weet niet waarnaartoe, begin ik jullie, en mezelf te zien.
Nu pas, na die vele zelfportretten die ik gemaakt heb vanuit een bedompte spiegel van wat ik dacht dat de werkelijkheid was.

Die vreemde man.
Nooit rechtuit.
Altijd half opzij.
Een beetje beschaamd om zichzelf voluit te tonen.
Hoe trots en uitdagend hij ook uit zijn ogen kijkt.

Eerst alleen het rechteroor.
En toen ik dat had weggesneden, in een moment van hoogmoed, van wanhoop, het linkeroor.

Elke tekening, elk schilderij is een zelfportret.
Niet aangenaam om te zien, zeggen ze, en daarom ook nooit een schilderij verkocht.
Tot ongenoegen van wie met mij een zaakje wilde doen.
Een opslagplaats van zelfportretten werd ik, waarin ik hopeloos ben verdwaald.
Want geen van jullie had zichzelf erin herkend, hét magisch teken dat mij had kunnen redden uit mijn labyrint.

Maar nu heb ik de weg gevonden naar jullie ziel.
Met een pistool. De rechte weg van het pistool.
De kortste omweg naar het hart.
De enige die mij overbleef.

‘Jullie dachten dat ik krankzinnig was’ ???
Sommigen hebben het me gezegd.
Mijn vader.
En Gauguin, mijn goede vriend de grote schilder, voor wie ik zoveel bewondering heb.
En Sien, de hoer.

Mijn broer niet.
Hoewel die alle reden had.
Maar hij is mijn broer.

En zo ben ik dan de weg van de krankzinnigheid gegaan.
Uit vrije wil. Naar de plaats toe waar de krankzinnigheid een onderdak heeft.
Maar dat was niet genoeg.
Het heeft geen zin je een plaats te zoeken buiten jezelf.
De enige eigen plaats is vanbinnen.
Als je die gevonden hebt, dan is er rust.
En nu heb ik er mij met geweld een weg naartoe gezocht.
Eindelijk. Tenslotte wil een mens toch alleen maar rust.

Ik ben zevenendertig nu.
Maar ik ben ouder dan de oudste onder jullie.
Dat merk je als je naar mijn zelfportretten kijkt.
Van het vroegste zelfportret af.
Wanneer was dat ook weer.

In één dag word ik soms tien jaar ouder.
Zoals die dag toen Sien weer terugging naar de hoeren.
Toen ik inzag hoe klein mijn liefde was geweest.

Er is geen hoop voor ons.
Wij zijn de kleine zielen van de liefde.
Profeten van een woord dat wij niet spreken kunnen.
Gevangen engel met gebroken vleugels, die zijn glans en zijn glimlach in ons verloor.

Zo’n inzicht maakt ‘oud’.
Ik weet niet hoe oud ik ben.
Misschien wel de tijd voorbij.

Ik ben zo oud als de jaren dat mijn werk mij zal overleven.
Want ik heb altijd gewerkt voor de rust van het ogenblik, telkens opnieuw … en dat is toch de eeuwigheid.

Ik geloof vast dat er een ogenblik zal komen dat jullie mijn werk vanonder het stof vandaan zullen halen, en in mooie lijsten zetten, en zeggen: Kijk, dat heeft een mens gemaakt die er niet veel van kon, maar die wel voelde wat er met ons aan de hand is.

En dat heeft hij in lijnen en kleuren een stem gegeven, hoe schor die stem ook klinkt. Maar dan moet je wel willen luisteren.

Jullie willen toch luisteren?
Jullie kunnen toch luisteren?
Ik zal jullie leren luisteren.
Als ik mijn stem gevonden heb, zullen jullie kunnen luisteren, en mij horen.
En de waanzin vergeten waarin anderen over mij zullen spreken.
Die alleen maar zichzelf willen horen, in geleerde welsprekendheid, niet mij, in mijn eenvoud.

De eenvoud van de armoe, van de liefde, van het verlangen naar rust.
De eenvoud van een potlood op een blad papier, van wat verf op een doek.
De eenvoud van mijn taal, die ik ben, buiten alles wat ze “kunst” noemen.

Dat ” ruilobjekt ” … groot als het vertaald wordt in goud, klein als het blijft wat het is: een zwarte lijn op een blad wit papier, enkele vegen verf op een doek.

Dat is alles wat ik ben.
Meer wou ik niet zijn.
Als er ogenblikken waren dat ik meer wou zijn, dat ik een ‘kunstenaar’ wou zijn, dat de Heer, die mij zijn potlood leende en zijn penseel het mij vergeve.

Gaf hij mij om zo’n moment van dwaasheid dit pistool?
Vergat ik daardoor waar de juiste plaats is van het hart?
Omdat ik niet in staat was om enkel vanuit het hart te spreken?
Dan zal het nu gebeuren.
En dan zal ik kunnen sterven.
In de vrede van de Heer.

Maar er zal wel altijd droefheid zijn, een droefheid zonder einde.
Ook als er vrede is.
Maar misschien is dat maar eerst vrede? En ware schoonheid?

Droefheid is niet treurig.
Je kan bedroefd zijn met een glimlach … die haar mooi maakt.

Jullie mogen niet treurig zijn, als ik er niet meer ben.
Want ik heb jullie leven gegeven.
Als over honderd jaar jullie gebeente is verbleekt, en jullie graf vergeten onder ‘t gras, zullen die van daarbuiten in lange rijen staan om de ware lijn te zien die je was, en waarin je eeuwig bent … en die ik heb gezien … en getekend, en waarin ik eeuwig ben.

Of ben je er bang voor om altijd verder hier en nu aanwezig te zijn?
Heb je liever dat ik je weer vernietig?
Eén woord aan mijn broer, en jullie zijn vernietigd.
Hij weigert me niets.
Dat is mijn hoogmoed.
Theo weigert me niets.
Zelfs niet de vernietiging van wat door zijn liefde voor mij is ontstaan: Jullie eeuwigheid.

Maar jullie zijn moedig. Zoals ik.
Wij zien het onder ogen.
Wat er verder ook gebeure.
Onze opdracht.
In pijn en schoonheid.
Schepsel en schepper – onverbrekelijk in onmacht verbonden.
In droefheid.
Zonder einde.

Met de cipressen.
En de zonnebloemen.
En het korenveld met de raven.
Met de zon die niet verwarmt, maar verbrandt.
Met de aarde die niet voedt, maar vernietigt.
Met het doodmoe paard op de wankele brug van Langlon, en het doorgezakte kerkje van Auvers.
Met de Pieta.
En de Barmhartige Samaritaan.

En met Theo, mijn arme broer, die zichzelf steeds vergeten heeft voor mij, en die – nu ik sterven moet – zijn leven met het mijne zal zien verdwijnen.
Die zijn enig kind mijn naam heeft meegegeven – Vincent – om mee te leven.
Moge de Heer hem vrede schenken,na de onrust van de liefde die ik voor hem geweest ben.

(Lange stilte)

Muziek

( Hijgend )

Het duurt nu niet lang meer.
Ik moet voor mezelf uitmaken wat er met mij aan de hand is.
Wat er al zevenendertig jaar lang met mij aan de hand is.
Ik moet mij met mezelf verzoenen, en met al de anderen, Met de pijn, en de eenzaamheid, en de wanhoop, en de onmacht.

En met de vrouwen.
De vrouw.
Dat onvatbaar wezen, dat ik waanzinnig liefheb, en dat ik waanzinnig vrees.
Die mijn rust had kunnen zijn, en die mijn leven lang mijn onrust is geweest, als een ander ik …
Dat mij aantrekt als het ontbrekende stuk in de puzzel die ik ben, en dat ik ongewild afstoot omdat ik bang ben er mij in te verliezen.

Geef mij je ziel zegde ze.
Maar wat ben ik zonder mijn ziel?
Ik geef jou mijn ziel, zegde ze.
Maar wat is dat, haar ziel?
Had ik haar ziel kunnen leggen in wat ik teken en schilder?
En hoe kan je dood gaan met de ziel van iemand anders?

Of heeft ze toch bezit genomen van mij, zonder dat ik het weet?
En heb ik me daarom door de borst geschoten, om haar ziel eruit te verdrijven, die mij belette te leven?
Of heb ik mijn ziel willen doden,om die vreemde zware zonde die haar belet heeft bezit te nemen van mij, en heeft zij door mijn hand wraak genomen om wat ik haar niet heb toegestaan?
En neemt zij nu met geweld wat ik haar niet geweldloos heb gegeven?
En zal ik pas kunnen sterven als er daarover klaarheid is in mij?

Ik wou dat Theo hier was.
Dan kon ik het hem vragen.
Maar zal hij zelf nog verder kunnen leven, als hij er alles van begrijpt?
Hij is pas getrouwd.
Heeft pas een kind.
Dat hij Vincent gedoopt heeft.

Ze hebben hem een telegram gestuurd.
Maar ‘t is beter dat hij het niet ontvangt.
Of toch niet te vroeg.
Ik moet dit zelf doen.
Alleen.

Hem niet belasten met ook nog dit allerlaatste, na alles waarmee ik hem belast heb, zijn hele leven lang, en waar hij nooit ‘nee’ op heeft gezegd, tegen al de anderen in, die vonden dat ik gek was, en vervelend, en ijdel, en nijdig, terwijl ik toch allen maar zo leek, wanneer ik diep gekwetst was in mijn zelfrespekt en in mijn verlangen naar vriendschap.

Ik heb altijd zo’n honger gehad naar vriendschap.
Het verlangen was zo hevig soms, dat mijn gezicht er scheef van trok, en ik niet meer was om aan te zien.
Het deed mij dan woorden zeggen die niet mijn woorden waren, met een stem die niet mijn stem was, maar de stem, en de woorden, en het gezicht van de pijn, die mijn wezen vreemd was, zodat ik een vreemde werd voor hen.

En ik zag het aan, als in een spiegel, en dat verscherpte nog de pijn, en vergrootte de afkeer die ze van mij kregen, die hen zo wanhopig liefhad.
En ik kreeg een afkeer van mezelf.

Maar straks is dat allemaal voorbij.

Als ik nu voltooi wat ik jaren geleden begonnen ben, en jaren lang heb doorgezet, doorgevochten, doorgeleden.

Arme Vincent.
Er blijft zo weinig over, dat je je afvragen kan waarvoor het allemaal heeft gediend.
Wie ermee gebaat is.
Je wou altijd maar beter tekenen, beter schilderen.

Waarom eigenlijk?
Waarom?
En waarvoor?
En voor wie?
Voor jezelf?
Voor Theo?
Voor dat iets daarboven, dat onnoembaar is …
Dat in de schepping leeft, en dat blijft als al het andere voorbij is en vergaan?

Was ik daarom nooit voldaan, omdat ik dat wou vastleggen in lijnen en kleuren, door de mensen en de dingen heen – en het niet kon?

Werd ik daarom afgewezen, omdat mijn zonnebloemen en knotwilgen dát wilde tonen, en het niet konden, en daarom niets voorstelden, niets, allemaal wangedrochten?

Mijn oor kon ik afsnijden en vastplakken op het doek naast mijn geschilderd oor, en zeggen: Kijk … Wat is ‘t verschil?!
Of wilde ik toen het onnoembare uit mij snijden, en was ‘t alleen maar mijn oor, omdat dat jarenlang geluisterd had om de taal te begrijpen die het onnoembare in mij spreekt?
En was dat het ultieme teken van mijn onmacht, en zijn absolute macht over mij?
Arme Vincent, en wrede god.

(Héél lange Stilte)

Gij zwijgt de hele tijd.

(Stilte)

Gij zijt net een vrouw.
Sommige vrouwen.
In wier stilzwijgendheid ik mij afvroeg waarin ik had tekortgeschoten, wat ik verkeerd gezegd had, of gedaan.

De stille beschuldiging dat ik haar niet voldoende liefhad, of de vrees dat zij mij niet meer liefhad, – de honger naar een teken van erkenning of aanvaarding, een glimlach van begrip. Ik ben toch maar een mens!

(Stilte)

Ik weet wat de beschuldiging was.
Ik hield meer van mijn tekeningen dan van hen.
Of liever – van de tekening die ik wilde maken, maar nooit maken kon, wat mij onrustig maakte, en verstrooid. En dat kunnen ze niet verdragen.

Ze wisten niet dat ik in elk van hen zocht naar het onnoembare, – zodat ik het niet meer zou moeten tekenen, maar samen met haar het kon beleven.

Nu zij er niet meer zijn, beginnen zij in mij te leven.
Allemaal bloemen, zonnebloemen, op hoge slanke stengels, gegroeid uit de aarde, naar de zon toe met haar diepe warmte.

(Lange Stilte)

Ik kan niet leven zonder de liefde van een vrouw.
Ik heb het nooit gekund.
Dan bevries ik.
Versteen ik.

(Stilte)

En dan kan ik niet tekenen.
Vrouwen houden niet van de laatste dingen.
Omdat ze er alles van begrijpen.
Ze proberen ons ertegen te beschermen.
Dat maakt ze praktisch … gevoelig voor het concrete, en daarom onontbeerlijk voor mij. En terzelfdertijd zijn ze voor mij het summum en het brandpunt van de laatste dingen en ook daarom onontbeerlijk.
Diep in zich dragen zij de zware dreiging der cipressen, en haar tegenstelling: het vermiljoen der klaprozen. De klaprozen – en hun vermiljoen.

Ik geloof in cipressen – en in de klaprozen.
Ik moet hun aanwezigheid voelen, hun welwillende aanwezigheid.
Ik moet uw blik gevestigd zien op mij.
Op de ogen waarmee ik naar u kijk zodat ze verbonden blijven met de vingers waarmee ik u teken.

(Stilte)

Toen Kee Vos liet zeggen dat ze niet thuis was voor mij, heb ik mijn hand vlak boven een kaarsvlam gehouden, en gezegd: Kijk, ik wil haar spreken, zolang als ik mijn hand kan houden boven deze vlam.
Maar ze trokken mijn hand weg en zegden dat ik gek was.
Wat weet iemand anders van jou liefde.

(Stilte)

Heer, met u zou ik willen spreken zolang als ik mijn hand kan houden in een vlam.
Maar gij houdt niet van spelletjes.
Gij laat u niet chanteren door ‘t mierenvolk.
Toch hebt gij ons ‘mens’ genoemd.
Bij ons doopsel.
En later nog eens.
Bij onze begrafenis …

( Lager – revolte )

Maar daartussen is ‘t allemaal wroeten en zweten en honger lijden en paren voor de toekomst, en met onze ogen wijdopen inkijken op de nacht.

(Stilte)

( Rust )

Ik had niet mogen tekenen.
Ik had te veel duisternis gezien.
In de mijnen van de Borinage.
De mannen die ik eruit zag opstijgen, droegen de duisternis uit de diepte met zich mee naar boven.
En ik bezat het licht niet dat hen kon opheffen naar het licht.
Hoe wanhopig graag ik dat ook wilde.
Ik bleef een buitenstaander.
Ik deelde hun duisternis niet.
Ik had met hen moeten afdalen in de mijn.
Dan had ik het misschien gekund.
Maar ik heb het niet gedaan, verblind door het licht dat ik wou zijn, in domme gehoorzaamheid aan mijn kortzichtige superieuren.

(Stilte)

( Triomf )

Maar toen vond ik de manier, mijn manier, om met hen af te dalen in de duisternis.
Al tekenend.
Al die mensen in hun miserie van elke dag.
En de aarde, de donkere aarde, die hen had voortgebracht, om haar te bewerken, en die ze daarna weer in zich opnam …

Moederschoot en graf tegelijk.

Ik tekende hen zo, dat zij mee aarde leken, uitstulpsels van aarde.
Met ogen die geroepen waren voor het licht, maar vastgekluisterd bleven aan het duister.
En al tekenend werd ik één met hen, en hun lot werd mijn lot, en tenslotte tekende ik alleen nog maar mezelf.
Met elke potloodlijn groef ik dieper in de aarde die ik zelf was.

(Stilte)

Ik had niet mogen tekenen.

Ik had moeten luisteren naar mijn vader: “Stop ermee. Doe iets eerbaars.”
En al die anderen: “Stop ermee, als je niets kan maken dat verkoopbaar is.”

( Reeel )

Ze wilden niet gekonfronteerd worden met hun eigen debacle.
Voor zoiets geef je toch geen geld!
Zoiets lijst je toch niet in!
Zoiets hang je niet op in de kamer waar je eet en drinkt, en gezellig met mekaar praat, en paart en slaapt.
Zoiets zet je toch alleen maar aan het denken.
En denken over wat anders dan praktische dingen, dat doe je toch beter niet.

(Stilte)

( Langzaam )

Eén van mijn gelukkigste momenten was die keer toen de arbeiders van Van de Ven een afdruk zagen van die zaaier van mij, en vroegen of ze er allemaal een afdruk van mochten hebben, om thuis aan de muur te hangen.

Zij hadden gevoeld wat ik wilde: de duisternis tekenen om de duisternis te bezweren en te overwinnen.

( Met hoofd knikken en na 2 seconden )

Dát zou de magische kracht van de kunst moeten zijn.
Dát was mijn obsessie.
Niet het vuur gaan roven bij de goden, zoals Prométhuis, maar hun duisternis, om de kracht van de duisternis te neutralizeren.

(Stilte)

( Sneller – Innerlijk – Revolte )

Maar ze hebben het mij wel betaald gezet, de goden.
De jaloerse goden.
Ze hebben mij bij mijn nekvel gegrepen als een gekooid konijn, en mij met mijn neus door de duisternis gewreven tot hij er vol mee zat.

En dan hebben ze mij weggeslingerd in die afgrond van licht die Zuid-Frankrijk is, vol waanbeelden, fata-morgana’s voor mijn ogen, die erdoor verblind werden, vertroebeld, uitgewist.

(Lange Stilte)

‘t Wordt donker.
Dit is mijn laatste dag.
Vandaag wordt het beslecht, voor de zon opnieuw opgaat.
Zonder mij.

Als ik er niet in slaag zin te zien in wat met mij gebeurd is, ben ik verloren.
Ik moet ze eronder krijgen, de goden, met hun valkuilen van verlokking en vernietiging.

( Luchtig )

Eén van hen is mij goedgezind.
Vast een godin.
Zij boog de baan van de kogel om, weg van het hart.
Voor een laatste kans.
Een laatste tekening.
Ingekleurd.
Dieprood.
Die al het andere in de afgrond jaagt.
Voor die éne godin – moet het.

(Stilte)

Gisteren, nee eergisteren, schreef ik aan Theo: “Ik zou je over veel dingen moeten schrijven, maar ik voel het nutteloze ervan.”
En nog meer van die dingen in mineur.
En toen ik dan ook nog geschreven had: “Maar wat wil je”, heb ik van het blad papier een prop gemaakt.

Dat het er allemaal niet toe doet, mocht ik wel denken, maar het hem niet zeggen, na alles wat hij voor mij gedaan heeft, in het geloof toch dat het er allemaal wel toe doet.

Hij is nog zo jong.
Heeft pas een kind.
En misschien doet het er allemaal toch wel toe, op een manier die ik nu nog niet begrijp, maar straks misschien.

(Stilte)

Ik heb een nieuwe brief geschreven … en verstuurd, en aan die brief moet ik mij houden. ” Succes met de zaken . Tot spoedig. Maak het goed. “
Allemaal alsof er niets aan de hand is.

(Lange Stilte)

Het uur van de balans.
Het uur dat er gewogen wordt.
Dat ik gewogen word.
Door mezelf gewogen word.

Maar hoe kan ik terzelfdertijd vracht zijn en balans, en het oog dat op de schaal het gewicht afleest?
Ik moet de dingen zien in hun juiste perspektief …
Ik moet mezelf zien in het juiste perspektief.
Het perspektief waarin God mij ziet.

Voor het met mij gedaan is.
Hier – met mij – gedaan is.

( Hoofd tegen rug van zetel – met horten en stoten )

Ik ben alleen nog in wat ik getekend en geschilderd heb.
En in wat ik aan Theo heb geschreven.
En waarin ik nu verdwijn.

Al de rest zal straks herinnering zijn, die vervaagt … en verdwijnt, in al die droefheid die zal blijven … en die de laatste rust is.
Alsof er nooit iets anders is geweest.

(Lange stilte)

Pie Jezus

( Toneel overschouwen en naar bloemen )

Zo had ik het mij voorgesteld, en zo heb ik het nu voor de eerste keer gedaan,

hier … voor jullie.

(Stilte)

( Conclusiezinnen – traag – onderlijnd )

” Ik wou in wat voorbijgaat, datgene vatten wat niet voorbijgaat “, zoals Van Gogh zelf in één van zijn brieven schreef.
Dat iets van daarboven, dat nu en dan in ons opflitst, en even een helder licht over de dingen doet schijnen, en uit de dingen …
En dat de dingen dan even vasthouden … als het licht in de fosforizerende cijfers en wijzers van een wekker.
Tot het weer vervaagt.

( Helemaal naar rechts voor )

Daar heb ik nu woorden voor gevonden.
En die woorden hebben jullie gehoord.
Dat kan niet meer ongedaan worden gemaakt.
Nooit meer.
Tot in der eeuwigheid niet.
Eigenlijk zou ik me nu opgelucht moeten voelen.
Maar ik ben het niet.

Ik heb daarstraks gezegd: Ik heb jullie lief.
Maar hoe groot is mijn liefde?
Heb ik daarvoor het leven wel genoeg lief?

Ik heb gezegd: Ik heb Peter lief.
Maar heb ik hem genoeg lief om hem toe te laten mij lief te hebben, zodat zijn liefde aan zijn hand de vastheid geeft om te kunnen tekenen wat hij tekenen moet zonder drie glazen bier.

Bij Elfi heb ik tekortgeschoten.
Dat kan niet meer ongedaan worden gemaakt.
Nooit meer.
Maar daardoor heeft ze mij geleerd hoe het moet.
En daarom moet het met Peter anders gaan.
Ook ter wille van Elfi.

Ik heb jullie lief.
Jullie die gebleven zijn, hebben mij lief.
Anders had ik de monoloog van Vincent van Gogh niet kunnen doen.
Of toch niet zoals ik het gedaan heb.

Door het spel te brengen van hoe mensen tot liefde komen in het uur van hun dood, zal ik tot liefde komen voor Peter.
En als Peter dan komt, dan zal ik hem alleen nog maar moeten aankijken, om zijn hand de vastheid te geven die hij nodig heeft.

Maar dan moeten jullie mij wel helpen.
Door jullie volle aandacht te schenken aan wat ik nog moet zeggen.
Tot alles gezegd is wat ik aan hel en hemel in mij draag.
Tot er alleen nog maar zwijgen is, en droefheid … met een glimlach.

( Van podium )

Want ik mag toch blijven?



Welkom

Algemeen Posted on 2016-11-01 08:51:02

Welkom op mijn blog.