“Je hoeft je niet noodzakelijk af te schermen van verdriet”

De tien waarheden van Maaike Ouboter

Eén keer Dat ik je mis zingen: meer moest Maaike Ouboter (24) drie jaar geleden niet doen om zich in ons collectief geheugen te nestelen. Nu donderdag treedt ze op in de Arenbergschouwburg in Antwerpen. Wijzer en meer ervaren, maar nog altijd met de woorden van haar oma in het achterhoofd: “Denk nooit dat je het allemaal begrepen hebt.”

Laat ik beginnen met een understatement: Maaike Ouboter houdt van nuances. Tijdens ons twee uur durende gesprek corrigeert, preciseert en herformuleert ze net zolang tot al haar woorden op de juiste plaats staan en alleen een laag overvliegende straaljager nog zou kunnen beletten dat ik haar begrijp. Dat er een hemelsbreed verschil is, zegt ze bijvoorbeeld, tussen En hoe het dan ook weer dag wordt – de mooie titel van haar debuutalbum – en ‘Na regen komt zonneschijn’ – de populaire dooddoener.

Dat het niet is omdat ze ten behoeve van ons gesprek tien levensbeschouwelijke statements heeft neergepend, dat ze die zelf ook elke dag in de praktijk brengt. Of hoeft te brengen. En dat ze een stuk feller, levenslustiger en af en toe ook lomper is dan mensen op basis van haar in weemoed gedrenkte liedjes denken.

Dezelfde gelaagdheid demonstreerde ze ook al toen ze drie jaar geleden deelnam aan het tv-programma De beste singer-songwriter van Nederland. In Dat ik je mis, het nummer waarmee ze alle harten in de Lage Landen aan het gloeien kreeg, mengde ze vele emotionele kleurtinten. Als één woord niet volstond, gebruikte ze er een hele resem: ‘Je kust me, je sust me, omhelst me, gerust me / Je vangt me, verlangt me, oneindig ontbangt me.’ En terwijl haar stem zong over ‘bozige dromen en eenzame vragen’, vertelden haar ogen dat ze malgré tout blijmoedig in het leven staat.

Ze zat nog op de middelbare school toen haar beide ouders overleden. Dat verlies sloeg een krater in haar ziel, die wat haar betreft niet tijdens elk interview bezichtigd moet worden. Maar tijdens onze tête-à-tête in het Antwerpse Grand Café deSingel neemt ze me er op eigen initiatief mee naartoe: de afwezigheid van haar ouders is nu eenmaal aanwezig in haar tien waarheden. “Ik heb al een paar keer moeten ondervinden dat het leven van de ene dag op de andere voorbij kan zijn. Dat verandert je kijk op de dingen.”

Ik vraag of haar snotneusleeftijd het formuleren van levenswijsheden in de weg zat. “Ik heb me een paar keer afgevraagd of mensen bij het lezen van mijn zogenaamde waarheden niet hoofdschuddend zouden mompelen: ‘Ach, meisje toch…’ Maar tegelijk dacht ik: misschien word ik maar 30, heb ik het grootste deel van mijn leven nu al achter de rug en kan ik dus wél voor een ervaringsdeskundige doorgaan. Daar heb ik me dan maar aan vastgeklampt. (lacht) Al vind ik het altijd heel moeilijk om de stap te zetten van twijfelen naar weten. Ik vraag me vaak af: ga ik hier nu een standpunt over innemen of blijf ik lekker nog wat weifelen?”

Ze had graag ook een oneliner over de liefde geschreven, zegt ze. Maar dat mysterie liet zich bij nader inzien moeilijk verzoenen met het concept ‘waarheden’. Gelukkig zingt ze wel over de liefde. Zoals in Als het kon, met die wondermooie, steeds terugkerende zin ‘Ik had me zo graag willen vergissen in jou’. Romantiek ontdaan van naïviteit: genuanceerder kan een liefdesverklaring niet zijn.

1 Je Kunt Een Keuze Niet Altijd Terugdraaien. Maar Je Kunt Altijd Wel Weer Een Nieuwe Keuze Maken.

“‘As is verbrande turf’, zei mijn oma altijd. Waarmee ze bedoelde: wat gebeurd is, is gebeurd. Het heeft geen enkele zin om de klok te willen terugdraaien. Heb je een keuze gemaakt die je achteraf bekeken misschien beter niet had gemaakt? Verlies je dan niet in ‘had ik maar zus of had ik maar zo’-gedachten, maar maak gewoon een nieuwe keuze. Spijt is een waardeloze emotie. Als iets niet lukt, doe je gewoon iets anders.

“In 2012 ben ik zes maanden naar Australië gegaan. Daar had ik op voorhand lang over getwijfeld. Ik had in die periode veel verdriet en vroeg me af: ‘Is het wel een goed idee om in die gemoedsgesteldheid zo ver van huis te zijn? Wat als ik me eenzaam voel? Wat als het helemaal niet leuk wordt?’ Nu weet ik dat elke poging om van tevoren dat soort vragen te beantwoorden verspilde energie is. Ik had gewoon meteen op het vliegtuig moeten stappen. En als ik me in Australië ongelukkig had gevoeld, had ik gewoon vroeger dan gepland kunnen terugkeren. Het was helemaal niet erg geweest om te moeten toegeven: ‘Okee, dit is niks voor mij, ik ga iets anders doen.’ Hoe sneller je beseft dat je na elke keuze ook weer een andere keuze kunt maken, hoe minder moeilijk het maken van keuzes wordt. En hoe meer je in je leven van alles gaat ondernemen.”

2 Niets Is Zoals Het Was, Maar Slechts Zoals Het Herinnerd Wordt. (Ramón del Valle-Inclán, Spaans schrijver)

“Het verleden is een subjectieve aangelegenheid. Kinderen uit eenzelfde gezin kunnen hun jeugd op een totaal verschillende manier beleefd hebben. Stel: wij zijn broer en zus en we hebben thuis allebei enorm veel liefde gekregen. Het is perfect mogelijk dat jij die liefde als een zegen hebt ervaren en een heel gelukkige jeugd hebt gehad en dat ik die liefde als beklemmend heb ervaren en een veel minder gelukkige jeugd heb gehad. Ieder zijn waarheid, weet je wel.

“En toch gaan ruzies vaak over hóé iets gebeurd is. ‘Het is zo gegaan.’ ‘Nee, het is zus gegaan.’ Zinloze discussies. In plaats van te zeggen ‘Zo was het’, kun je beter zeggen: ‘Zo was het voor mij’. Maar die nuance wordt in gesprekken haast altijd vergeten. De subjectiviteit van het verleden wordt zelden erkend.

“Mensen hebben gewoon de neiging om feiten veel te belangrijk te vinden. Persoon A zegt: ‘God bestaat.’ Persoon B zegt: ‘God bestaat niét.’ Maar eigenlijk doet het er helemaal niet toe of God nu bestaat of niet. Veel belangrijker is de vraag: waarom is het voor persoon A zo belangrijk dat God wél bestaat en voor persoon B dat hij niét bestaat?”

Ik vraag welke herinneringen haar geheugen het langst bewaart: de goeie of de slechte. “Ik denk vooral terug aan de goeie dingen die ik heb meegemaakt. En dat is heel fijn, maar ik zou soms ook de minder goeie dingen willen terughalen. Zeker als het over mijn ouders gaat. Ik herinner me hen als gelukkige, liefdevolle en warme mensen. En dus denk ik: zo moet ik ook zijn. Alleen kan ik dat niet altijd opbrengen: er zijn dagen waarop ik alles kut vind en helemaal niet zo gelukkig ben. Op die dagen heb ik het nare gevoel dat ik mijn ouders geen eer aandoe: ik ben immers niet even goed en vrolijk als hen. Als ik me ook hun slechte momenten zou herinneren, zou ik makkelijker mijn eigen dipjes kunnen relativeren.”

Is haar bovengemiddelde talent voor melancholie het gevolg van het vroegtijdige afscheid van haar ouders? “Ik denk het wel, ja. Ik heb van mijn ouders heel veel liefde gekregen. Maar jammer genoeg is die liefde er nu niet meer. Of toch niet in dezelfde vorm. De verleiding om erop terug te blikken, is dus groot.

“Los daarvan projecteer ik mijn eigen emoties nogal snel op andere mensen. Een man die alleen in een café zit, heeft voor mij automatisch iets melancholisch. Terwijl de man in kwestie misschien lekker zit te chillen en denkt: héhé, eindelijk alleen.” (lacht)

3 Veel Mensen Luisteren Om Te Kunnen Antwoorden, Niet Om Te Kunnen Begrijpen.

“Gesprekken zijn niet altijd échte gesprekken. Sommige mensen luisteren alleen maar naar anderen om daarna weer zo snel mogelijk over zichzelf te kunnen beginnen. Anderen willen dan weer krampachtig bewijzen dat ze iets intelligents kunnen toevoegen aan wat hun gesprekspartner zonet gezegd heeft of voelen de noodzaak om kritiek te geven. Mensen vergeten vaak gewoon te luisteren om te begríjpen. Dat is jammer.”

Maar wél handig als je graag ruziemaakt, zeg ik. Als je iemand schaakmat wil argumenteren, is begrijpen nergens goed voor. “Ik vind ruziemaken heel moeilijk. Het liefst van al zou ik nu en dan een time-out inroepen om na te denken over wat er allemaal gezegd is om vervolgens met een doordachte repliek op de proppen te komen. Maar het format van een ruzie leent zich daar natuurlijk niet toe. Als iemand iets tegen je roept, kun je moeilijk terugschreeuwen: ‘IK MOET HIEROVER NADENKEN, OK?!!'” (lacht)

4 De Kracht Van Het Verder Komen, Is De Verwondering.

“Er wordt vaak lullig gedaan over verwondering. Alsof mensen die zich ergens over verwonderen naïevelingen zijn die in hun vrije tijd bomen knuffelen. Verwondering hoeft helemaal niet kinderlijk of zweverig te zijn. Het is vooral de gave om oorspronkelijk te denken. Om mensen, plaatsen en dingen niet automatisch in te delen op basis van wat je al kent, maar om nieuwsgierig te zijn en je oordeel uit te stellen. Als je alles al denkt te weten, mis je heel veel. Het kan zelfs leuk zijn om ook het bekende opnieuw te leren kennen. Zo zie je vaak nog eens wat anders.”

5 Kinderen Observeren De Wereld Met Open Ogen. Tot Ouders Ze Leren Dat Ze Niet Mogen Staren. En Zo Leren We Af Om Echt Te Kijken.

“Deze waarheid ligt in het verlengde van de vorige. ‘Staren’ staat hier voor: ongegeneerd nieuwsgierig zijn. Kinderen kunnen dat heel goed. Ze gaan weleens met grote ogen voor je staan om in een razend tempo vragen op je af te vuren: ‘Hoe heet jij?’, ‘Hoe oud ben jij?’, ‘Ben je getrouwd?’, ‘Waarom heb jij een groene broek aan?’ Heel veel ouders zeggen dan: ‘Stop daarmee, dat is onbeleefd.’ Maar waarom zou vragen stellen onbeleefd zijn? Waarom zou een kind niet nieuwsgierig mogen zijn? De bestemmeling van het vragenvuur kan toch nog altijd zeggen: ‘Daar geef ik liever geen antwoord op?’

“Het is natuurlijk een cliché om te zeggen dat kinderen goed zijn en dat het kwaad er pas later insluipt. Zo zwart-wit is het niet. Maar kinderen zijn wel per definitie oorspronkelijk. Ze hebben nog niet geleerd wat sociaal zogenaamd aanvaardbaar is. Ik ken mensen die allergisch zijn voor dat ‘kinderen zijn toch zo puur’-gelul. Maar eigenlijk houden ze niet van het waardeoordeel dat aan die puurheid gekoppeld wordt. Want om de vaststelling zelf – dat kinderen zich over de wereld verwonderen – kun je niet heen.”

Denkt ze weleens na over wat voor moeder ze zou willen zijn mocht ze later kinderen krijgen? “Nee, niet echt. Maar ik denk wel dat je met kinderen meer kunt bespreken dan de meeste mensen lijken te denken. Als er iets lastigs besproken moet worden, zeggen volwassenen vaak: ‘Niet waar de kinderen bij zijn!’ Maar kinderen begrijpen meer dan je denkt. Mijn neefje van vier vroeg me onlangs: ‘Waar zijn jouw ouders?’ Ik antwoordde nogal zuinig: ‘Die zijn er niet.’ Waarop hij: ‘Zijn ze dood?’ Ik dacht even na en zei: ‘Ja, ze zijn dood.’ ‘Ben je nu verdrietig? Je ziet er namelijk niet verdrietig uit.’ ‘Op dit moment ben ik niet verdrietig, nee. Maar op andere momenten dan weer wel.’ Nou, dat begreep hij allemaal perfect. En ik dacht: dit gesprek is te gek. Waarom deed ik er in het begin moeilijk over? Er is geen enkele reden waarom ik de dood van mijn ouders niet met mijn neefje van vier zou bespreken.”

6 Zonder Verandering Zouden Er Geen Vlinders Zijn.

“Sin cambios no hay mariposa: die zin stond op een servetje dat ik ooit van iemand kreeg in een café in Barcelona. Een mooie beeldspraak vind ik dat. Ik lees erin dat je moet accepteren dat de dingen per definitie veranderen. Verandering hoort bij het leven. Het heeft weinig zin je daartegen te verzetten.

“Zou jij aan een relatie beginnen als je op voorhand wist dat die relatie over een halfjaar alweer voorbij zou zijn? Ja? Ik ook. Maar sommige mensen dus niét. En dat is zonde. Want waarom zou je er in godsnaam niét aan beginnen? Als die relatie iets is wat je op dat moment echt heel graag wilt? Oké, op het moment dat de relatie eindigt, ga je je verdrietig voelen. Maar van dat verdriet ga je ongetwijfeld ook weer iets opsteken. Dus daar hoef je je niet noodzakelijk van af te schermen.

“Ik hou écht van verandering. Als een relatie voorbijgaat, vind ik dat wel erg, maar niet in die mate dat ik denk: ‘Ik zou deze episode graag uit mijn leven schrappen.’ Nee, laat dat hoofdstuk er maar gewoon in. Met inbegrip van alle fouten en stommiteiten.”

Als ze vrede heeft met veranderingen in haar leven, kan ze dan ook makkelijk afscheid nemen? “Toen ik na mijn reis in Australië weer op het vliegtuig naar Nederland stapte, brak mijn hart. Ik heb de hele vlucht gehuild, miste de mensen die ik ginds had leren kennen, had totaal geen zin om terug naar huis te gaan. Dat verdriet heeft me een tijdje vergezeld, maar toch duurde het niet zo lang voor ik besefte: wat ik in Australië heb meegemaakt, zal ik nooit meer niét hebben meegemaakt. Al die herinneringen hou ik voor de rest van mijn leven bij. En ik kan er altijd in bladeren. Zo ben ik al bij al nog vrij snel opnieuw vrolijk geworden.” (lacht)

7 Het Gaat Niet Zozeer Om Het Verbeteren Van De Samenleving, Maar Om Het Máken Van Een Samenleving. (Simon Allemeersch, Gents kunstenaar)

“Ik ben begaan met de wereld waarin ik leef. We zijn hier niet enkel om onszelf gelukkig te maken en dan weer op te krassen. Het is eerbaar om de wereld te willen verbeteren.

“Maar volgens de Gentse kunstenaar Simon Allemeersch moeten we ophouden met te denken in termen van ‘een betere wereld’. ‘Als we het over verbetering hebben’, zegt hij, ‘hebben we het eigenlijk over groei. Over meer, hoger, mooier, langer, gezonder. En dat is niet zo nuttig. We zouden beter een mentaal nulpunt creëren. Niet refereren aan wat er al is, maar gewoon beginnen met de vraag: hoe willen we op dit moment met elkaar samenleven? Dat opent de mogelijkheid om een aantal dingen helemaal anders aan te pakken.’ En hij heeft gelijk. Als je van een maagdelijk wit blad vertrekt, denk je op een andere manier na over de wereld dan wanneer je de huidige samenleving als referentiepunt neemt. Dat vond ik een heel inspirerend inzicht.”

Ik vraag of de staat van de wereld bij machte is haar gemoedsgesteldheid te beïnvloeden. “Soms wel. Wat me bijvoorbeeld zorgen baart, is dat veel mensen het plots weer een goed idee vinden om overal muren te gaan bouwen. Terwijl we het er nog niet zo lang geleden over eens waren dat muren beter afgebroken worden. Dat stemt me weleens somber.”

8 Het Is Een Kwestie Van Durven, Meer Niet. Dat Geldt Voor Alle Kunst, Dus Ook Voor Die Van Het Leven. (Arthur Japin in Vaslav)

Ze vertelt dat de quote van Arthur Japin haar eraan herinnert dat ze niet alleen in haar leven, maar ook in haar kunst meer risico’s moet nemen. Ik vraag haar of ze als songwriter al durft om alle schaamte van zich af te werpen. “Het lukt me steeds beter om op een waarachtige manier te schrijven over wat ik voel, ook al is dat bij momenten best confronterend. Ik laat me tegenwoordig ook minder leiden door wat critici van een nummer zouden vinden. Het gebeurt dat er tijdens het schrijven van een liedje plots woorden door mijn hoofd flitsen die mensen in hun beoordeling van mijn muziek ooit gebruikt hebben. ‘Zeikmuziek’. Of: ‘aanstellerij’. Vroeger verlamde me dat. Nu probeer ik me daar niks meer van aan te trekken.”

9 Je Mag Ook Lelijke Dingen Maken.

“Liedjes schrijven is een ingewikkeld proces. Bij mij toch. Ik zit mezelf vaak in de weg. Als ik aan een nummer begin, denk ik soms: misschien wordt het wel een lelijk nummer. En alleen al die gedachte is genoeg om te stoppen met schrijven en iets anders te gaan doen.

“Maar niet alles wat ik maak, moet meteen mooi, goed en succesvol zijn. Er is niks mis met het maken van een lelijk liedje. Je kunt nog altijd besluiten om het niet te delen. Het maken van muziek is iets heel anders dan het delen van muziek. Dat onderscheid is belangrijk.

“Als ik schrijf, ga ik diep. Ik tuimel in het moment, dompel mezelf volledig onder in mijn nummers. En als ze dan klaar zijn, kom ik weer naar boven en sta ik er haast verwonderd naar te kijken: ‘O kijk, daar zijn ze.’ Dan lijken die liedjes plots zo klein.”

10 Het Leven Zit Vol Schijnbare Tegenstellingen.

“Als ik zeg: ‘Ik zou hier heel graag weg willen’, is de kans groot dat jij antwoordt: ‘Dus je bent hier niet gelukkig?’ Als ik zeg: ‘Ik ben toe aan verandering’, is het niet denkbeeldig dat jij zegt: ‘Dus je houdt niet van je leven zoals het nu is?’ Terwijl dat helemaal niet zo hoeft te zijn. Het leven zit vol tegenstellingen die er eigenlijk geen zijn. Soms moet je dingen loslaten om er grip op te hebben. Soms moet je angst voelen om minder bang te worden. En soms moet je eerst naar rechts gaan om links te eindigen. Dat lijkt allemaal tegenstrijdig en onnatuurlijk, maar dat is niet zo. We moeten ons dus verzetten tegen het denken in tegenstellingen. Als we dat niet doen, verliezen we een hoop nuances. En kunnen we elkaar nooit écht begrijpen.”

Maaike Ouboter

Geboren in Gouda, op 12 januari 1992
Werd bekend na haar auditie in De Beste Singer-Songwriter van Nederland
Brak door met het nummer ‘Dat ik je mis’
Debuutalbum: En Hoe Het Dan Ook Weer Dag Wordt
Werkte samen met Joost Zweegers van Novastar
Zong op de uitvaart van prins Friso
De YouTube-video van ‘Dat ik je mis’ werd al bijna 12 miljoen keer bekeken
Woont in Amsterdam